VLIZINE
jrg. 12, nr. 6-7-8 (juni, juli en augustus 2011)
Hét e-zine met praktische informatie over onderzoek en beleid door en voor Vlaamse mariene wetenschappers. 
Deze gratis on line uitgave van het Vlaams Instituut voor de Zee vzw verschijnt maandelijks en wordt verspreid onder alle geïnteresseerden.
V.U.: Jan Mees 
Redactie: Nancy Fockedey, Jan Seys, Jan Haspeslagh en Ines Tavernier
Reacties naar jan.seys@vliz.be


Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) wil via dit e-zine maandelijks informeren over de eigen activiteiten en die van onderzoeks- en beleidsgroepen in Vlaanderen actief in de mariene en kustgebonden wetenschappen. Alle nuttige informatie van uw kant (zoals vacatures, nieuwe projecten, vraag voor samenwerking, interessante symposia, etc.) wordt graag ingewacht om in het eerstvolgende VLIZINE te worden opgenomen. Dit bericht bereikt u via de VLIZINE rondzendlijst. Om u in te schrijven stuur een (leeg) mailtje naar: vlizine-subscribe@vliz.be ; uitschrijven kan via vlizine-unsubscribe@vliz.be.
Archieven van dit e-zine zijn raadpleegbaar via deze link.


1. Kalender
1.1. Leven met een opwarmende oceaan
1.2. Zeezand- en grindontginning: noden, richtlijnen en toekomstperspectieven
1.3. Een archeologische blik op middeleeuwse scheepvaart
1.4. Noordzeedagen 2011, aan de randen van de zee…
1.5. Superstormen en hoe ons te beschermen
1.6. Kleine partikels in de grote oceaan
1.7. Zee- en kustontwikkelingen becijferen in fysieke modellen
1.8. Zeerotica in het Nationaal Visserijmuseum te Oostduinkerke
1.9. Historische visserijkennis in kaart gebracht
1.10. Tien jaar Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer
1.11. Impact van havens op het Mariene Milieu
1.12. Maritieme veiligheid in de Noordzeeregio bevorderen
1.13. Ringwerk van vogels: meekijken met het wetenschappelijk onderzoek
1.14. Excursie naar Maasvlakte 2 en Zandmotor


2. Publicaties
2.1. Zomers zee- en leesplezier met Zeekrant 2011
2.2. Publicatie met een marien geweten
2.3. Over een invasieve kamkwal in de Noordzee
2.4. Passieve visserij en maricultuur haalbaar in Vlaamse windmolenparken?
2.5. Een stille oceaan
2.6. De nieuwe kustatlas is er!

3. Vacatures, beurzen en fondsen
3.1. Universiteit van Tasmanië zoekt marien geoloog
3.2. Fotowedstrijd Marine Photobank
3.3. Mariene modelleur voor onderzoek naar variabiliteit Atlantische ecosystemen
3.4. Voor dansfanaten: wedstrijd “Dans je PhD”

4. Belgisch marien onderzoek in de kijker
4.1. De grote maken het comfortabel voor de kleintjes
4.2. Toestand wrak Belgica onderzocht

5. Varia
5.1. Voorstel nieuw Europees Gemeenschappelijk Visserijbeleid gelanceerd
5.2. Afval in zee bestrijden: lovenswaardige initiatieven, onderzoek en beleid
5.3. Doctoraten


1.1. Leven met een opwarmende oceaan
De slotconferentie van het FP7-project CLAMER (European Research and Public Perception of Climate Change Impacts in the Marine Environment - www.clamer.eu) gaat door op 15 september 2011 in Brussel. Er zal een state-of-the-art worden gegeven van de Europese onderzoeksresultaten van klimaatseffecten in zeeën en oceanen, inclusief de uitkomst van een Pan-Europese enquête die polste naar de publieke kennis en perceptie van klimaatseffecten in het mariene milieu. Echte topexperten in de klimaatwetenschappen en de ermee gepaard gaande voorzorg- en aanpassingsmaatregelen, zoals de voorzitter en vice-voorzitter van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), worden als sprekers verwacht. Op de vooravond van de conferentie (14 september) gaat de CLAMER-documentaire ‘Living with a warming ocean’ in première. Meer informatie en inschrijven op www.vliz.be/NL/HOME/&p=show&id=2636.

1.2. Zeezand- en grindontginning: noden, richtlijnen en toekomstperspectieven
De dienst Continentaal Plat van de Federale Overheidsdienst Economie is verantwoordelijk voor het waarborgen van een duurzame exploitatie van de minerale rijkdommen van het Belgisch Continentaal Plat. Vanuit deze expertise organiseert ze een driejaarlijkse studiedag waarop o.a. de resultaten van de monitoring zullen worden toegelicht en internationale richtlijnen en hun invloed op de monitoring en de zandwinning aan bod zullen komen. Ook het Geïntegreerd Kustveiligheidsplan wordt uit de doeken gedaan en de studies die werden uitgevoerd op de Hinderbanken. De studiedag wordt afgesloten met uiteenzettingen over zandwinning in de praktijk met voorbeelden uit België en Nederland. De studiedag vindt plaats op 17 oktober 2011 in het Meeting- en Eventcentrum Staf Versluys te Bredene en verloopt hoofdzakelijk in het Nederlands. De prijs voor deelname bedraagt 150 € (75 € voor studenten). Voor meer informatie betreffende het programma en de wijze van inschrijven kan u terecht bij Helga Vandenreyken (helga.vandenreyken@economie.fgov.be - 02 277 87 78) en via http://economie.fgov.be/nl/modules/activity.

1.3. Een archeologische blik op middeleeuwse scheepvaart
Maritieme archeologen van het Agentschap Onroerend erfgoed – uitbreiding van het voormalige Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed VIOE – doen in Raversijde al sinds 1992 onderzoek naar de resten van de laatmiddeleeuwse vissersnederzetting Walraversijde. Tijdens dit onderzoek zijn ook een aantal scheepsfragmenten aan het licht gekomen die heel wat inzicht verschaften inzake de laatmiddeleeuwse schepen van dit dorp. In de tentoonstelling “Walraversijde met zicht op zee: een archeologische blik op middeleeuwse scheepvaart” kom je meer te weten over de schepen en scheepstypes die in de late middeleeuwen in de Zuidelijke Noordzee in de vaart waren. Een belangrijke blikvanger is het onderzoek naar de Kogge, een laatmiddeleeuws vrachtschip, waarvan in 2000 de resten zijn gevonden in Doel bij Antwerpen. De tentoonstelling loopt nog tot en met 13 november 2011 in het archeologische museum Walraversijde (Nieuwpoortsesteenweg 636, 8400 Oostende). Meer info op www.west-vlaanderen.be/NewsItems/20110623_walraversijdePERS_0850.aspx.

1.4. Noordzeedagen 2011, aan de randen van de zee…
Aan de rand van de zee wordt de mens het meest direct met de zee geconfronteerd en het is ook daar waar de natuur, de economie en de sociale aspecten van het gebruik van de zee elkaar treffen. Het intensief gebruik door o.a. visserij, scheepvaart, toerisme en energie moet steeds meer gekoppeld worden met een toenemende bescherming van de zee. “Aan de randen van de zee...” is dan ook het thema voor de Noordzeedagen 2011 die op 6 en 7 oktober in Leeuwarden plaatsvinden. Het Centre for Marine Policy en de Waddenacademie organiseren deze tweedaagse voor zowel onderzoekers, beleidmakers als gebruikers in Nederland, maar ook Vlaamse geïnteresseerden zijn steeds welkom. Speciale sessies rond verdronken prehistorische landschappen en maritieme archeologie, kleinschalige en duurzame visserij, Natura2000 in de kustzone enz. maken het gebeuren extra interessant. Meer informatie over het programma en registratie is te vinden op www.noordzeedagen.nl of bij Mascha Rasenberg (noordzeedagen.cmp@wur.nl of + 31 317-487541).

1.5. Superstormen en hoe ons te beschermen
Niets wekt zoveel ontzag als de kracht van water. Zonder water geen zeeën, geen getijden, geen wolken, geen regen, geen leven. Maar de kracht van water heeft ook een duistere kant. Sprekende voorbeelden hiervan zijn de recente tsunami in Japan, de overstromingen in Pakistan  en de honderdduizenden doden in Sumatra. Dichterbij vielen vorig jaar 65 doden toen "Xynthia" Frankrijk trof. En in 1953 was er de beruchte storm over de Nederlandse en Belgische kusten die zorgde voor ruim 1.800 slachtoffers. Maar hoe zit het nu eigenlijk met de bescherming van de Belgische kust tegen deze extreme natuurelementen? Uit studie blijkt dat onze kust onvoldoende beschermd is tegen superstormen waarbij de waterstand met maar liefst 8 m kan stijgen. Dit zou de overstroming van het hele kustgebied en het hinterland tot gevolg hebben. De economische schade zou kunnen oplopen tot enkele miljarden Euro’s en er kunnen duizenden slachtoffers vallen. We moeten dus onze kwetsbare kust — en haar inwoners en bezoekers — dringend wapenen tegen de klimatologische veranderingen zoals het stijgen van de zeespiegel en het eroderen van onze smalle stranden. Het Congres "Superstormen. En hoe ons te beschermen" op 13 oktober 2011 in het Casino Kursaal Oostende wil aan de hand van beklijvende getuigenissen van nationale en internationale experten de noodzaak van een krachtdadig en efficiënt kustverdedigingsbeleid aantonen. Want de vraag is niet "of" het zal gebeuren. De vraag is: wanneer? Meer informatie over het programma en de inschrijving via www.superstormen.be.

1.6. Kleine partikels in de grote oceaan
Wie meer wil weten over deeltjes of partikels in de oceaan en hun rol in de biogeochemische cyclus, kunnen we de derde GEOTRACES Data-Model Synergy Workshop aan de Universitat Autonoma de Barcelona aanraden. Tussen 14 tot 17 november 2011 zijn er sessies gepland rond het observeren van partikels, hun rol in de biogeochemische cycli en het transport en transformatie ervan. Niettegenstaande het organiserende GEOTRACES-project eerder focust op spore-elementen en tracers, wil men met deze workshop ook wetenschappers aantrekken die zich bezig houden met het onderzoek naar cycli van biogeen particulair materiaal in de oceaan (vnl. koolstofcyclus). Registreren is mogelijk tot 30 september. Er zijn enkele beurzen beschikbaar voor keynote-sprekers, studenten en jonge wetenschappers. Meer informatie op: www.obs-vlfr.fr/GEOTRACES/index.php/meetings/geotraces-workshops-and-meetings/icalrepeat.detail/2011/11/14/58/40/3rd-geotraces-data-model-synergy-workshop.

1.7. Zee- en kustontwikkelingen becijferen in fysieke modellen
Experten wereldwijd in het gebruik van fysische modellen bij het onderzoek naar de bescherming van havens en kusten kozen het Pand in Gent uit als locatie voor hun vierde internationaal treffen dat doorgaat van 17 tot 20 september in 2012. Prof. dr. ir. Peter Troch van de Afdeling Weg- en Waterbouwkunde van de Universiteit Gent is gastheer. De CoastLab12-conferentie zal dé gelegenheid zijn voor wetenschappers, bouwkundig ingenieurs en industriële professionals om kennis te maken met de meest recente onderzoeksresultaten en de nieuwste ontwikkelingen in zowel modelleringtechnieken van kustprocessen, als in meettechnieken in het labo en op het terrein. Golven en stromingen, erosie- en sedimentatieprocessen, kust- en havenconstructies, hernieuwbare mariene energie en natuurrampen zijn maar enkele van de topics die aan bod zullen komen. Meer info via de website www.coastlab12.com.

1.8. Zeerotica in het Nationaal Visserijmuseum te Oostduinkerke
Nog tot 31 december pakt het Visserijmuseum uit met de tentoonstelling ‘ZEEROTICA, over liefde en lust aan de kust’: een uitnodiging tot een intieme reis door de natuur, de cultuur en het dagelijkse leven van de kustbewoners. De vier grote thema’s van deze zinnenprikkelende tentoonstelling zijn: (1) de ‘sensuele zee’, waarin we onder andere kennis maken met het geloof in zeevruchten als potentieverhogende stimuli, (2) de historiek van de zeemeermin, de vrouw met de vissenstaart als verleidelijke minnares uit de zee, (3) vissers en de liefde, en de rol van het zeemonster Roesschaert, en tot slot (4) bloot in zee, of hoe het baden in zee evolueerde over de tijden heen. Meer info op www.visserijmuseum.be.

1.9. Historische visserijkennis in kaart gebracht
Om de kennis over de lokale ecosystemen in het Belgisch deel van de Noordzee te verbeteren, werden binnen het project LECOFISH (www.lecofish.be) interviews afgenomen met professionele en recreatieve vissers die werkzaam waren vanaf 1950 tot nu. LECOFISH had tot doel een antwoord te bieden op enkele centrale onderzoeksvragen. Hoe precies is de lokale ecologische kennis van de vissers en in welke mate komt die kennis overeen met de kennis uit wetenschappelijk onderzoek? Is lokale visserijkennnis een bijkomende databron om hiaten in de wetenschappelijke kennis op te vullen? Komen er dankzij de interviews nieuwe zaken aan het licht over een selectie van vissoorten en de aanwezige bodemdieren? Op 21 september worden de onderzoeksresultaten voorgesteld aan een beperkt publiek (waaronder in de eerste plaats de bij het onderzoek betrokken vissers) op de InnovOcean site (Wandelaarkaai 7) in Oostende. Voor de aanwezigheid is een uitnodiging vereist, die op verzoek kan worden verkregen bij Emily Maes (emimaes.Maes@UGent.be) vóór 9 september.

1.10. Tien jaar Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer
Onze kust onderging in 10 jaar tijd een ware transformatie. Grootschalige projecten herstelden de natuur in ere, zeeweringswerken achten de bescherming van de kust op een hoger niveau en het openbaar domein onderging een echte metamorfose. Ook de contouren van het bestuurlijke en juridische landschap zijn in de voorbije 10 jaar hertekend. Op 20 september worden in Fort Napoleon in Oostende (14:00-20:00) 10 jaar kustbeheer geanalyseerd aan de hand van expertenbijdragen, recente onderzoeksrapporten en gesprekken met politici. De analyse wordt opgehangen aan 3 vragen: (1) Welke grote doorbraken aan de kust zijn voorgoed in het collectieve geheugen gegrift? (2) Voor welke nieuwe uitdagingen staan we? (3) Hoe positioneert de Belgische aanpak zich ten opzichte van de rest van Europa? Op dezelfde dag viert het Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer haar 10-jarige bestaan. Programma en inschrijven via de activiteitenkalender op www.kustbeheer.be.

1.11. Impact van havens op het Mariene Milieu
Op dinsdag 25 oktober organiseert de dienst Marien Milieu van de Federale Overheid een workshop rond de “Impact van havens op het mariene milieu” voor andere bij havenactiviteiten betrokken administraties en de havensector. In eerste instantie zal een overzicht gegeven worden van de voornaamste milieueffecten van havens en zal het Belgische en Europese milieuwettelijk kader worden voorgesteld. Anderzijds komen enkele Vlaamse en Belgische initiatieven en instrumenten voor een duurzaam milieubeheer van havens aan bod, zowel in de openbare sector als in de privésector. Drie discussiegroepen (rond afval en ongevallen, natuurbescherming en waterkwaliteit) ronden de dag af. Het is tevens een mooie gelegenheid voor de stakeholders en bevoegde administraties om hun netwerk uit te breiden en te versterken. Deelname aan de workshop is gratis, maar inschrijven is verplicht vóór 30 september 2011. Alle informatie is te vinden op www.health.belgium.be/eportal/Environment/19071161_NL?backNode=9128.

1.12. Maritieme veiligheid in de Noordzeeregio bevorderen
Op 22 september kun je in Thermae Palace in Oostende terecht voor de conferentie "Closing the Gap". Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) organiseert dit evenement in het kader van het regionale project BLAST rond maritieme veiligheid in de Noordzeeregio. Sinds 2009 werken overheid, wetenschap en privébedrijven uit 6 landen er samen om land- en zeedata te harmoniseren en te integreren. De conferentie wil een overzicht geven van de gemaakte vorderingen rond geïntegreerd kustzonebeheer en ruimtelijke planning, veilig maritieme verkeer en kustbescherming tegen klimaatwijzigingen. Deelname is gratis, maar registratie is verplicht (via www.blast-project.eu/?page=news&artid=186&BLAST%20Conference%202011).

1.13. Ringwerk van vogels: meekijken met het wetenschappelijk onderzoek
Nog tot eind september laat het Zwin de bezoekers meekijken achter de schermen van het wetenschappelijk onderzoek over de vogeltrek. Net nu duizenden vogels langs het Zwin trekken naar hun overwinteringgebied in het zuiden. In het ringstation van het Zwin worden jaarlijks een paar duizend vogels gevangen, geringd en weer vrijgelaten. Elke zaterdag- en zondagmorgen tonen Zwinmedewerkers dit ringwerk aan de bezoekers. Het ringwerk zelf wordt uitgevoerd door een gediplomeerd vogelringer, in samenwerking met wetenschappelijke medewerkers van het Belgisch ringwerk in Brussel. Alle informatie over deze en andere activiteiten in het Zwin op www.west-vlaanderen.be/kwaliteit/Leefomgeving/zwin/activiteitenkalender/Pages/default.aspx.

1.14. Excursie naar Maasvlakte 2 en Zandmotor
Op donderdag 29 en vrijdag 30 september 2011 organiseert RSD Delta Kust een studiebezoek naar twee unieke Nederlandse projecten, waarbij met behulp van zand ruimte wordt gecreëerd voor nieuwe ontwikkelingen. Donderdag 29 september gaat de excursie naar de Zandmotor. In dit unieke pilootproject wordt met een innovatieve manier van kustontwikkeling extra ruimte geschept voor natuur en recreatie. Daarnaast draagt de Zandmotor nog bij aan de kustveiligheid op lange termijn. Op vrijdag 30 september is het de beurt aan de Maasvlakte 2, de westwaartse uitbreiding van het Rotterdamse havengebied in zee. Naast een bezoek ter plaatse worden ook presentaties gepland die dieper ingegaan op de technische en economische kant van beide verhalen, de impact op natuur en recreatie, de kansen die beide projecten bieden. Meer informatie is te vinden op www.kustbeheer.be > activiteitenkalender. Inschrijven met wel gebeuren vóór 15 september.

2.1. Zomers zee- en leesplezier met Zeekrant 2011
De zee blijft indruk maken en daar getuigt ook de 2011-editie van de Zeekrant van. Die start met een artikel over tsunami's in de Noordzee, een fenomeen dat ontzag en bescheidenheid afdwingt ten aanzien van de zee. Daartegenover staat dat de zee ons toch vooral veel waardevols te bieden heeft: kwallen die het onzichtbare zichtbaar maken, zandbanken met een verhaal, de bruinvis die terug is, de kabeljauw die het te lauw krijgt, en zo veel meer. Met deze jaarlijkse zomerkrant willen het Vlaams Instituut voor de Zee en de Provincie West-Vlaanderen de kusttoerist en –bewoners correct informeren en hapklare weetjes voorschotelen over een breed gamma aan zeegebonden onderwerpen. Maar, je kan er ook mee aan de slag in het binnenland en de klas. De krant kan gratis worden meegenomen in bezoekerscentra, bibliotheken en toeristenbureaus aan de kust. Online doorbladeren of downloaden van deze en de vorige edities kan ook, via het Zeekrant-archief (www.vliz.be/nl/infoloket/Infoloket_Archief_Zeekrant). Grotere hoeveelheden kunnen opgehaald worden in de kantoren van het Vlaams Instituut voor de Zee (Wandelaarkaai 7, 8400 Oostende). Overname van teksten is toegestaan, mits bronvermelding. Wil je de Zeekrant zelf gaan verdelen aan je klanten of bezoekers? Contacteer dan Evy Copejans voor meer informatie (evy.copejans@vliz.be of 059 34 21 30).

2.2. Publicatie met een marien geweten
We kennen auteur Mark Kurlansky al van enkele bijzondere titels over mariene onderwerpen, zoals “Kabeljauw, biografie van een vis die de wereld veranderde” en “Zout, een wereldgeschiedenis”. Nu heeft hij een boekje geschreven voor (jong)volwassenen over hoe het met het leven in zee gesteld is. In “World without fish” (www.vliz.be/imis/imis.php?module=ref&refid=204575) combineert hij strips, foto’s, heldere illustraties, opvallende tekstlayout en toegankelijk geschreven hoofdstukjes tot een mooi en duidelijk overzicht van de gevaren die het marien leven bedreigen en de mogelijke oplossingen die de mens hiervoor heeft. Hopelijk krijgt dit boek snel een Nederlandse vertaling!

2.3. Over een invasieve kamkwal in de Noordzee
De Amerikaanse kamkwal Mnemiopsis leidyi werd voor het eerst gesignaleerd in de Noordzee in 2006. Wellicht kwam zij hier terecht via het ballastwater van schepen. Deze kamkwal voedt zich met vislarven (ook van commercieel belangrijke soorten) en plant zich zeer snel voort. Dezelfde soort was na invasie in de Zwarte Zee verantwoordelijk voor grote economische en ecologische schade. Daarom is het nodig om de effecten van de ontwikkeling van de Amerikaanse kamkwal in de zuidelijke Noordzee en het Kanaal op de voet op te volgen. Begin 2011 startte het MEMO-project, waarin Vlaamse onderzoekers van het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) gedurende drie jaar samenwerken met onderzoekers uit Frankrijk (IFREMER en ULCO-LOG), Groot-Brittannië (CEFAS) en Nederland (Deltares). Wil je op de hoogte gehouden worden van het onderzoek naar de verspreiding, biologie, fysiologie en de ecologische en socio-economische impact op visserij, toerisme en industrie? Abonneer je dan op de zesmaandelijkse digitale NEMO-nieuwsbrief via de contactpagina van de MEMO-website (www.ilvo.vlaanderen.be/memo).

2.4. Passieve visserij en maricultuur haalbaar in Vlaamse windmolenparken?
In het Belgisch deel van de Noordzee verschijnen een aantal windmolenparken in daarvoor gereserveerde concessiegebieden. Gevolg: in vijf zones, in totaal goed voor 120 km² (zowat 17.000 voetbalvelden of 4% van het bevisbare deel van het Belgisch deel van de Noordzee), kan de sleepvisserij met de boomkor niet meer toegepast worden. Maar voor andere types van visserij, namelijk passieve visserij en maricultuur, dienen er zich in theorie nieuwe kansen aan.
Het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO-Visserij) onderzocht de haalbaarheid van deze nieuwe, duurzame types van visserij en kweek. Je kunt het eindrapport van deze studie opvragen bij Dirk Verhaeghe (dirk.verhaeghe@ilvo.vlaanderen.be of 059 56.98.81).

2.5. Een stille oceaan
Een internationale groep oceaanwetenschappers maakt zich zorgen over de steeds ernstiger wordende geluidsvervuiling in de oceanen, veroorzaakt door sonars, scheepvaartverkeer, onderwaterconstructies, explosieven, boringen en seismische testen. Zeker als je weet dat geluid nog verder zal dragen in een meer verzuurde oceaan. Daarom kwamen experten (ecologen, gedragsbiologen, fysiologen, experten in de oceaanakoestiek) eind augustus samen in Parijs om een tienjarenplan rond het "International Quiet Ocean Experiment" (IQOE) te ontwikkelen. Doel is om alle achtergrondinformatie te verzamelen over het belang van geluid in de oceanen en de effecten ervan op mariene organismen. Zo kan men de kennishiaten bepalen en identificeren welk onderzoek, monitoring en modellering prioritair nodig zijn. Dit IQOE-initiatief gaat uit van prof. Jessie Ausubel van de Sloan Foundation en wordt ondersteund door een wereldwijde gemeenschap van wetenschappelijke instituten binnen POGO (Partnership for Observation of the Global Oceans) en SCOR (Scientific Committee on Oceanic Research). Lees meer over de problematiek op www.iqoe-2011.org en in het achtergrondartikel verschenen in Oceanography (www.tos.org/oceanography/archive/24-2_boyd_il.pdf). Het IQOE ontwikkelde alvast het "Aquatisch Akoestisch Archief", een webportaal waar literatuur en andere informatie over dit topic te vinden is: www.aquaticacousticarchive.com.

2.6. De nieuwe kustatlas is er!
In de nieuwe kustatlas – zowel beschikbaar als boek of online via de website www.kustatlas.be – laat het Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer je een kijkje nemen achter de schermen van de Vlaamse/Belgische kust en laat je kennismaken met de typische kenmerken ervan. Je vindt er informatie over thema's zoals fysisch milieu, natuur, cultuur en architectuur, wonen aan de kust, educatie en onderzoek, ruimtelijke structuur, toerisme, industrie, visserij en zeewering, gebruik van de zee… in tekst, cijfers en grafieken. Op de digitale versie van de kustatlas kun je bovendien zelf kaarten samenstellen, kaarten als pdf exporteren – voor verwerking in lessen, publicaties, en presentaties – data raadplegen enz. De online versie van de kustatlas is beschikbaar in vier talen. De gedrukte versie is er in het Nederlands en het Engels en kan besteld worden via de webshop van Aquaterra (www.aquaterra.be/nl/winkel) voor 35 Euro.

3.1. Universiteit van Tasmanië zoekt marien geoloog
Het Institute for Marine and Antarctic Studies (IMAS) van de Universiteit van Tasmanië zoekt ter aanvulling van hun academische staf (permanente positie) een marien geoloog. De vacature blijft open tot 15 december 2011. Meer info op http://jobs.admin.utas.edu.au/positions/pd_detail.aspx?PositionId=1889.

3.2. Fotowedstrijd Marine Photobank
Jaarlijks organiseert de Marine Photobank van Seaweb de “Ocean in Focus” fotowedstrijd. Professionele en amateurfotografen kunnen deelnemen met hun beste foto’s die aantonen hoe de mens zijn voetafdruk nalaat in het mariene ecosysteem of hoe mensen zich inzetten om het tij te keren en de degradatie van zee en kust stop te zetten. Winnaars kunnen een tiendaagse trip naar de Galapagos eilanden winnen of een zevendaagse duiktrip in Fiji. Hoe deelnemen? Zie www.marinephotobank.org/resources/OceaninFocusConservationPhotoContest2011.php.

3.3. Mariene modelleur voor onderzoek naar variabiliteit Atlantische ecosystemen
Het Europese FP7-project EURO-BASIN is nog steeds op zoek naar een postdoc in de geofysica, fysische oceanografie of mariene biogeochemie/biologie (30 maanden) voor het bestuderen van de middellange variabiliteit van mariene ecosystemen in de Noord-Atlantische Oceaan door middel van een modelmatige benadering. Het onderzoek dient uitgevoerd te worden op het Institut Universitaire Européen de la Mer (IUEM) in Brest, Frankrijk. Geïnteresseerd? Informeer bij Laurent Mémery (laurent.memery@univ-brest.fr of +33 (0)2 98 49 88 97). Reageren vóór 30 oktober.

3.4. Voor dansfanaten: wedstrijd “Dans je PhD”
Een op het eerste zicht toch wel vreemde oproep voor doctoraatsstudenten in Science deze week: “Maak een dansproductie over je doctoraatsonderwerp”. Het lijkt bizar, maar toch slagen heel wat studenten van gerenommeerde universiteiten er in om zich te laten inspireren door hun studieonderwerp en zo op een heel speciale manier aan wetenschapscommunicatie te doen. Alle informatie en eerdere inzendingen zijn te vinden op http://gonzolabs.org/dance/. Je vindt er zelfs een aantal marien-gerelateerde onderzoeksonderwerpen in dans uitgedrukt. Dus, roep je labo-genoten bij elkaar, haal je dansschoenen en een videocamera uit de kast en laat je gaan! Filmpjes kunnen tot 10 oktober gepost worden! VLIZ zou toch graag een Vlaams marien wetenschapper deze wedstrijd zien winnen…

4.1. De grote maken het comfortabel voor de kleintjes
In eender welk milieu bepalen competitie en predatie in belangrijke mate het voorkomen van organismen. Maar er spelen ook andere factoren… Onderzoekers van de Gentse Universiteit en van het Nederlands Instituut voor Ecologie hebben voor zeebodems kunnen aantonen dat er een positieve wisselwerking is tussen groepen van organismen. De grotere gravende bodemdieren sturen het voorkomen van de kleinere bodembewoners (zoals rondwormen). Bij het graven in de zeebodem vervoeren de grotere bodembewoners – waaronder schelpkokerwormen en schelpen – organische stoffen en zuurstof tot in de diepere lagen. Hierdoor kunnen kleine rondwormen zo diep in de bodem leven. Dit feit toont aan dat de grotere bodembewoners belangrijk zijn in het onderhouden van kleinere componenten van het voedselweb en onderstreept het belang van conservatie van de functionele diversiteit. Als dit stukje je interesse geprikkeld heeft, kan je via volgende link meer lezen: www.vliz.be/imis/imis.php?module=ref&refid=202013.

4.2. Toestand wrak Belgica onderzocht
De Belgica – in Noorwegen gebouwd in 1884 – heeft in de loop van haar levensloop gediend als walvisvaarder, schip voor wetenschappelijke expedities, vrachtschip en munitieopslagplaats. Maar het meest bekend is ze uiteraard als het schip waarmee Adrien de Gerlache de eerste wetenschappelijke expeditie naar Antarctica uitvoerde in 1897-1899 en later ook verschillende Arctische expedities (1905-1909). Het schip zonk uiteindelijk in Noorwegen tijdens WOII en werd in 1990 herontdekt door sportduikers uit Harstad. Naar aanleiding van een voorstel om het schip (of delen ervan) te bergen, werd een voorafgaandelijk stabiliteitsonderzoek van het wrak uitgevoerd. Dit gebeurde om een beter inzicht te verwerven in de bewaringstoestand van het hout van de romp en om te zien of er actieve degradatie plaatsvond door houtborende organismen, zoals paalwormen en paalpissebedden. Daarnaast werden ook beperkte chemische analyses op het hout uitgevoerd, als voorbereiding op een mogelijk conservatieprogramma. De methode werd ontwikkeld in het Laboratorium voor Conservatie van de Deense nationale musea en voor het eerst met succes toegepast op een volledig en groot houten scheepswrak in zee. Tom Lenaerts en Marnix Pieters van het Agentschap Onroerend erfgoed – uitbreiding van het voormalige Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed VIOE – waren de Vlaamse partners. De resultaten gaven aan dat het schip sinds het zinken actief werd belaagd door houtborende organismen, en dat de houtdegradatie hoog is als gevolg van microbiële aantasting. Ook blijkt het hout van de Belgica een hoog anorganisch gehalte te hebben, vnl. van ijzerhoudende zouten. Deze vaststellingen pleiten alvast niet voor een eenvoudige berging en conservatie van het wrak. Het volledige artikel uit het tijdschrift Relicta is te downloaden via www.vliz.be/imis/imis.php?module=ref&refid=205472. Achtergrondinformatie over de Belgica en haar wetenschappelijke expedities vind je terug op de website van het Belgica-genootschap: www.belgica-genootschap.be.

5.1. Voorstel nieuw Europees Gemeenschappelijk Visserijbeleid gelanceerd
Na twee jaar van overleg over het groenboek kwam de Europese Commissie in juli 2011 met het voorstel voor een ingrijpende hervorming van haar visserijbeleid (http://ec.europa.eu/fisheries/reform/index_nl.htm). Het doel is duidelijk: een einde maken aan overcapaciteit en de daaruit volgende overbevissing die momenteel aan de oorsprong liggen van de problemen in de visserijsector in heel Europa. Door de verminderde vangsten is Europa verplicht zowat twee derde van zijn visconsumptie van elders in te voeren. Absoluut nieuw is de decentralisatie van het beheer, waarbij (groepen van) lidstaten zelf – in nauwe samenspraak met de vissers – zullen mogen beslissen welk plan van aanpak ze zullen hanteren om de beviste stocks te herstellen en maximaal en duurzaam te benutten. Europa zal enkel nog een coördinerende rol spelen door de doelstellingen, minimumnormen en tijdschema’s vast te leggen. De bestanden zullen nog meer op een ecologische wijze beheerd worden, volgens langetermijnvisies en met meerjarenplannen voor alle visbestanden. Met een dergelijke ecosysteemaanpak hoopt men de visbestanden terug in evenwicht te brengen, bedreigde soorten te beschermen en een einde te maken aan de teruggooi in zee. Want die laatste is zowel voor de vissers, de visbestanden als de consument een doorn in het oog. Overdraagbare vangstquota moeten leiden tot een grotere stabiliteit en rentabiliteit van de visserijsector. Deze methode, waarbij vissers hun quotum van een bepaalde soort zullen kunnen opgebruiken, verhuren, of verkopen zullen tegelijk de overcapaciteit van de vloot aanpakken en de teruggooi van commerciële soorten verminderen (aanlandingsplicht). De hervorming streeft ook naar een betere informatie en sensibilisering van de consument, de ontwikkeling van concurrentiële aquacultuur en een versterkte internationale samenwerking. In het nummer 52 van het magazine Visserij en Aquacultuur in Europa (http://ec.europa.eu/fisheries/documentation/magazine) krijg je mooi uitgeschreven wat de hervorming nu precies inhoudt. Europa geeft nu nog inspraak op deze voorstellen, maar streeft ernaar om tegen 1 januari 2013 de nieuwe wetgeving in werking te doen treden.

5.2. Afval in zee bestrijden: lovenswaardige initiatieven, onderzoek en beleid
Op initiatief van het Surf Magazine Swell ruimden twaalf surfclubs in het weekend van 26-27 maart het afval op de stranden tussen Knokke en De Panne. Er kwamen 840 mensen opdagen. Zij verzamelden 4,5 ton of zo'n 54 kubieke meter rommel over een afstand van 36,5 kilometer – iets meer dan de helft van de Belgische kustlijn. Er werden vooral plastiek, chipsverpakkingen en glas gevonden, maar ook autobanden, jerrycans en visnetten waren niet uitzonderlijk. Dit initiatief kaderde in de strandopruimactie Beach Clean-up die de Surfrider Foundation nu al voor de 16de keer wereldwijd organiseert tijdens het eerste weekend van de lente. Zij doen dit ondertussen op meer dan 1.000 verschillende stranden over de hele wereld. Onder de noemer Rise Above Plastics (http://riseaboveplastics.org) vraagt de Surfrider Foundation al jaren aandacht voor het plastiek dat op de stranden en in zee terecht komt.

Uit het onderzoek van Jan van Franeker (IMARES) blijkt intussen dat zeevogels jaarlijks honderden ton plastiek vervoeren, soms naar de andere kant van de wereld. Neem de albatrossen op afgelegen atollen in de Stille Oceaan. Die voeden hun kuikens met kleine stukjes plastiek die op voedsel lijken. De kuikens sterven van ondervoeding en wanneer hun kadavers vergaan, belanden die stukjes plastiek weer in zee en zorgen zo voor een funeste versie van recyclage. In een artikel in De Morgen wordt zijn onderzoek en de problematiek uitgebreid voorgesteld (www.demorgen.be/dm/nl/5397/Milieu/article/detail/1242406/2011/03/28/Zeevogels-verspreiden-dodelijk-plastic-over-de-hele-wereld.dhtml).

De Europese Commissie lanceerde net vóór de zomer een verrassend voorstel om vissers te betalen om te jagen op het plastiek afval, in plaats van op vis. Het plan van Maria Damanaki, Europees Commissaris voor Visserij start met een eerste proefproject in de Middellandse Zee. Vissers gaan er met speciale netten plastiek uit het water vissen dat later gerecycleerd kan worden. De EU-lidstaten zullen aanvankelijk de vissers subsidiëren, maar op termijn hoopt Europa dat de praktijk winstgevend kan worden. Lees er meer over op: http://ec.europa.eu/fisheries/news_and_events/press_releases/2011/20110520/index_en.htm

Ook de Europese kunststofindustrie ondernam actie door de "Gemeenschappelijke verklaring voor oplossingen voor het zwerfvuil in de zee" te ondertekenen. Daarmee verklaart ze mee te werken aan acties om het mariene zwerfvuil te voorkomen, wetenschappelijk onderzoek te stimuleren naar het beschrijven en zoeken naar oplossingen van het probleem, en het beleid ter voorkoming van plastiek afval te ondersteunen. Ook het afvalbeheer en de recyclage worden bevorderd. Door meer verantwoordelijk om te gaan met het transport en distributie van kunststofkorrels belooft ze zelf ook plastiekafval te voorkomen bij de productie. De volledige tekst van de gemeenschappelijke verklaring van de kunststofindustrie is terug te vinden op www.marinedebrissolutions.com.

Het Rotterdams havenbedrijf maakte een 22 minuten durende film “Any Waste, Any time” die schepen moet stimuleren om de haven-ontvangst-systemen te benutten voor de afgifte van hun afval. Het merendeel van het afval in de Noordzee komt immers van schepen, inclusief de visserij. Om zeemannen te sensibiliseren en hen ervan te overtuigen dat afval niet zomaar overboord kan worden gekieperd, verdeelt het havenbedrijf de DVD op de duizenden schepen die de haven aandoen. Een Nederlands ondertitelde versie van de film is beschikbaar in het plastiek-dossier van de IMARES website: www.imares.wur.nl/NL/onderzoek/dossiers/plasticafval.

Een nieuw rapport uitgebracht door KIMO International bekijkt de economische impact van al dat afval in zee voor de kustgemeenten en mariene industrie (waaronder de visserij). Ze berekenden dat de kosten (voor het verwijderen van dit afval op stranden, in jachthavens, van tussen de vangsten, van rond propellers van schepen, etc.) de laatste 10 jaar vertienvoudigd zijn. Het volledige rapport is downloadbaar op www.seas-at-risk.org/1mages/Economic%20impacts%20of%20marine%20litter%20KIMO.pdf.

Eenmalig gebruik van wegwerpplastiek is gewoon niet langer houdbaar volgens Jan van Franeker van IMARES, ook niet als we het hebben over “a
fbreekbaar” of “composteerbaar” plastiek. In het zogenaamde bioplastiek zit evenveel plastiek als in plastiek dat van olie is gemaakt. Het breekt wel sneller af in microdeeltjes dan de traditionele kunststoffen. We zijn niet meer in staat het te zien, maar het blijft wel nog steeds aanwezig in het milieu. De Nederlandse bioloog is ondanks alles niet tegen het gebruik van plastiek, maar vindt dat men het veilig en herbruikbaar moet maken. De Indische regering verklaarde alvast nieuwe regels om plastiek zakjes van minder dan 40 micrometer dik te verbieden, plastiek draagtassen niet meer gratis ter beschikking te stellen en om beter werk te maken van het inzamelen van plastiekafval. Ook de Europese Unie denkt aan gelijkaardige maatregelen.

Het Belgische onderzoeksproject AS-MADE (www.vliz.be/projects/as-made) wil inzicht verkrijgen in de hoeveelheid afval aanwezig in het Belgisch deel van de Noordzee. Alle beschikbare gegevens – zowel afkomstig uit wetenschappelijke projecten, als verzameld door vrijwilligers binnen georganiseerde acties zoals hierboven beschreven – worden in een door het VLIZ ontwikkelde databank samengebracht.

In het boek “Plastiki” (www.vliz.be/imis/imis.php?module=ref&refid=204249) vertelt de Amerikaan David de Rotschild over zijn 8000 zeemijl lange zeiltocht over de Stille Oceaan in een catamaran, gemaakt van 12.500 aan elkaar gekleefde plastic flessen. Met zijn reis wilde hij de aandacht trekken op de immense vervuiling van onze oceanen, en dan vooral door plastiek afval. Hoewel zeer Amerikaans en heroïserend van opzet, is het boek over deze tocht en campagne vlot leesbaar en interessant genoeg om een breed publiek goed te informeren over deze problematiek.

5.3. Doctoraten
Op 6 mei doctoreerde Karolien Peeters, doctoraatstudente van de UGent verbonden aan de Vakgroep Biochemie en Microbiologie. Zij deed onderzoek naar de microbiële diversiteit in aquatische omgevingen in Antarctica binnen het AMBIO-project (Antarctische Microbiële Biodiversiteit). Ze behaalde met het werk “Biodiversity of heterotrophic bacteria in aquatic and terrestrial microbial mats in Antarctica” de graad van Doctor in de Wetenschappen, richting Biotechnologie. Prof. dr. Anne Willems was promotor.

Op 30 mei doctoreerde An Hagenaars van de onderzoeksgroep Ecofysiologie, Biochemie en Toxicologie aan de Universiteit Antwerpen. Ze verdedigde het werk "An integrated toxicological evaluation of perfluorinated compounds in aquatic organisms", uitgevoerd onder leiding van prof. dr. Wim De Coen en prof. dr. Dries Knapen van ditzelfde labo.

"Distribution and evolution of Atlanto-Mediterranean sponges from shallow-water and deep coral ecosystems: a molecular, morphological and biochemical approach" is de titel van het doctoraat van Julie Reveillaud, waarmee ze op 1 juni 2011 de academische graad Doctor in de Biologische wetenschappen behaalde. Julie werkte onder het toeziende oog van prof. dr. Ann Vanreusel en dr. Sofie Derycke van de afdeling Mariene Biologie van de Universiteit Gent en prof. dr. R. Van Soest van de Universiteit Amsterdam. Ze gaat binnenkort aan de slag in Woods Hole Oceanographic Institution. We wensen haar dan ook veel succes met haar verdere loopbaan aan de andere kant van de Atlantische oceaan!

Bart Vanelslander behaalde op 15 juni zijn doctorstitel Biologische Wetenschappen aan de Universiteit Gent met het werk getiteld "Diversity and ecosystem functioning in estuarine intertidal microphytobenthos" onder het promotorschap van prof. dr. Wim Vyverman en prof. dr. Koen Sabbe van de afdeling Protistologie en Aquatische ecologie (PAE).

Op 20 juni behaalde Perrine Mangion haar doctoraat in de Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Ze werkte op de "Biogeochemical consequences of sewage discharge on mangrove environments" onder leiding van prof. dr. Frank Dehairs, dr. ir. Natacha Brion en dr. Erik Kristensen van het Laboratorium Analytische en Milieuchemie.

Laurence Roosens van het Toxicologisch Centrum van de Universiteit Antwerpen promoveerde tevens op 20 juni met het werk over "Human exposure to persistent organic pollutants with emphasis on brominated flame retardants", waarin een deelstudie zich richtte op de concentraties aan persistente organische verbindingen in de wilde palingpopulatie in Vlaanderen en de effecten ervan voor de mens bij consumptie. Promotors van het werk waren prof. dr. Hugo Neels en prof. dr. Adrian Covaci.

Paula Souto Pérez behaalde op 28 juni aan de KULeuven de academische graad van Doctor in de ingenieurswetenschappen door haar onderzoek naar modeleringsmethodes voor de integratie van grootschalige windenergie in het elektriciteitsnetwerk onder leiding van prof. dr. ir. Ronnie Belmans en prof. dr. ir. Johan Driesen, beiden van de afdeling ESAT - ELECTA, Elektrische Energie en Computer Architecturen (KULeuven).

Asanka Gunasekara, afkomstig uit Sri Lanka, startte in 2006 met het onderzoek naar  de "Morphological analysis of the digestive tract of gnotobiotic brine shrimp (Artemia franciscana) in the presence of defined microbiota" aan de Vakgroep Morfologie van de faculteit Diergeneeskunde aan de Universiteit Gent dat ze op 29 juni met succes verdedigde. Ze werkte hiervoor samen met promotoren prof. dr. W. Van den Broeck van de diergeneeskunde en prof. dr. ir. P. Bossier van het laboratorium voor Aquacutuur van de Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, binnen het UGent Aquaculture R&D Consortium, een samenwerkingsverband tussen verschillende laboratoria van deze universiteit.

Op 4 juli verdedigde Kapitein Kris De Baere zijn doctoraat aan de Hogere Zeevaartschool in Antwerpen. Hij is daarmee de eerste persoon die promoveert in het sinds 2006 opgerichte studiegebied Nautische wetenschappen, waarbij de doctoraten worden uitgereikt door de Universiteit Antwerpen. Het werk handelt over de “Corrosie in ballasttanks van koopvaardijschepen”, en bundelt het onderzoek naar de samenloop van fysische en chemische elementen die de corrosie veroorzaken of versnellen. Het onderzoek kreeg een subsidie van het American Bureau of Shipping toegekend.

Op diezelfde dag vond ook de doctoraatsverdediging plaats van Klaas Pauly van de afdeling Algologie van de UGent (onder het promotorschap van prof. dr.
Olivier De Clerck): "GIS-based environmental analysis, remote sensing and niche modelling of seaweed communities". Het onderzoek tracht met behulp van GIS analyses, teledetectie en modellering een inzicht te verwerven in de verspreidingsdynamiek van zeewieren.

Op 8 juli was het de beurt aan Bea Merckx om haar doctoraat publiek te verdedigen. Promotoren waren prof. dr. Magda Vincx en dr. Jan Vanaverbeke van de afdeling Mariene Biologie van de Universiteit Gent. Het werk “Habitat suitability and community modeling of marine benthos” gaat op zoek naar krachtige statische methodes om te kunnen omgaan met de valkuilen die ontstaan bij het modelleren van de ruimtelijke verspreiding van soorten na het samenbrengen van data uit verschillende bronnen.

Maarten Vanderstukken, Ph.D. student aan de onderzoeksgroep Biologie van de KULeuven Kulak in Kortrijk was ook op 8 juli aan de beurt voor het publiek verdedigen van zijn thesis "Control of phytoplankton by submerged macrophytes - the role of competition in relation with zooplankton grazing", waarvan prof. dr. Koenraad Muylaert (Biologie Kulak) en dr. Steven Declerck (Laboratorium voor Aquatische Ecologie en Evolutiebiologie, KULeuven) de promotoren waren.

Wim Kellens van de afdeling Mariene en Kustmorfologie van de Universiteit Gent behaalde op 26 augustus zijn doctoraat "Analysis, Perception and Communication of Coastal Flood Risks. Examining objective and subjective risk assessment" waarbij de focus van het onderzoek vooral lag op de Belgische kustzone. Geograaf prof. dr. Philippe De Maeyer was de promotor van het werk.

Katrien Heirman, studente bij het Renard Centre of Marine Geology van de UGent, kon op 30 augustus haar doctoraat met titel "A wind of change: Changes in position and intensity of the Southern Hemisphere Westerlies during Oxygen Isotope Stages 3, 2 and 1" publiek verdedigen (promotor prof. dr. Marc De Batist). In haar onderzoek werden mariene geologische methodes toegepast in meren om de klimatologische en tectonische controle op sedimentatieprocessen te ontrafelen.

Ook op 30 augustus kreeg Roel Evens van de Onderzoeksgroep voor Milieutoxicologie de academische titel van Doctor in de Toegepaste biologische Wetenschappen: Milieutechnologie na het succesvol verdedigen van de doctoraatsthesis “Bioavailability and toxicity of dietary nickel and zinc to the waterflea Daphnia magna” (promotoren prof. dr. Colin Janssen en prof. dr. ir. Karel De Schamphelaere).

Nicolas Van Oostende zal op 15 september zijn doctoraat "Dynamics of bacteria, phytoplankton and extracellular carbohydrates during blooms of the coccolithophore Emiliania huxleyi" publiek verdedigen (Het Pand, Onderbergen 1, 9000 Gent). Promotoren van het werk zijn prof. dr. Koen Sabbe en prof. dr. Wim Vyverman van de afdeling Protistologie en Aquatische Ecologie van de UGent, en dr. Eric Boschker van het Nederlands Instituut voor Ecologisch Onderzoek (NIOO-CEME).

Op vrijdag 23 september is het de beurt aan Wouter Dhaeze. Zijn doctoraatswerk handelt over "De Romeinse kustverdediging langs de Noordzee en het Kanaal van 120 tot 410 na Chr. Een onderzoek naar de rol van de militaire sites in de kustverdediging" en gebeurde onder leiding van prof. dr. J. Bourgeois van de vakgroep Archeologie aan de Universiteit Gent. De openbare verdediging gaat door in de Zuilenzaal van het Geuzenhuis (Kantienberg 9, Gent) vanaf 15:00.

Diezelfde dag en uur (23 september 15:00) maar dan aan de KULeuven verdedigt Nam Cao Quoc zijn doctoraat "Evaluation of rotational rice-fish farming systems and new fish species for rice-fish culture in the Mekong Delta, Vietnam" in zaal 02.21 (Naamsestraat 59, Leuven). Promotoren van het werk zijn: prof. dr. Frans Ollevier van de Aquatische Ecologie en Evolutiebiologie (KULeuven), dr.
Be Tran Thanh van het Cantho City Institute for Socio-economic Development en dr. Nico Vromant van de Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en technische Bijstand.

En op maandag 26 september (16:00) kun je Dioli Ann Payo aan het werk zien over de "Diversity of the marine red alga Portieria in the Philippines, an integrative approach" in de zaal Valère Billiet op de Campus Sterre van de UGent (Krijgslaan 281, Gent). Haar onderzoek verrichtte ze aan de afdeling Algologie onder leiding van prof. dr. Olivier De Clerck en dr. Frederik Leliaert.




DISCLAIMER

VLIZINE heeft als doel informatie te verstrekken. Eventuele standpunten zijn die van de auteurs en stemmen niet noodzakelijk overeen met die van het VLIZ. Het VLIZ is niet verantwoordelijk voor enige schade opgelopen ten gevolge van foutieve of verkeerd geïnterpreteerde informatie in dit e-zine, noch voor de inhoud van websites waarnaar verwezen wordt. Uw adres opgenomen in onze e-zine rondzendlijst wordt niet aan derden doorgegeven zonder uw toestemming en wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.

COPYRIGHT
Copyright © 2011 Vlaams Instituut voor de Zee. Delen uit dit e-zine mogen in andere publicaties worden overgenomen, maar uitsluitend met bronvermelding. Deze publicatie mag wel in haar geheel ter kennismaking worden doorgestuurd naar derden.

LID WORDEN VAN HET VLIZ KAN
Meer info vindt u op onze website.

WEBSITE
http://www.vliz.be  


Vlaams Instituut voor de Zee
Flanders Marine Institute
VLIZ – InnovOcean site
Wandelaarkaai 7
8400 Oostende
Tel. 
+32-(0)59-34 21 30
Fax  +32-(0)59-34 21 31
http://www.vliz.be