VLIZINE
jrg. 5, nr. 9-10 (september-oktober 2004)
Hťt e-zine met praktische informatie over onderzoek en beleid door en voor Vlaamse mariene wetenschappers. 
Deze gratis on line uitgave van het Vlaams Instituut voor de Zee vzw verschijnt maandelijks en wordt verspreid onder alle geÔnteresseerden.
V.U.: Jan Mees 
Redactie: Jan Seys 
Reacties naar jan.seys@vliz.be


Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) wil via dit e-zine maandelijks informeren over de eigen activiteiten en die van onderzoeks- en beleidsgroepen in Vlaanderen actief in de mariene en kustgebonden wetenschappen. Alle nuttige informatie van uw kant (zoals vacatures, nieuwe projecten, vraag voor samenwerking, interessante symposia, etc.) wordt graag ingewacht om in het eerstvolgende VLIZINE te worden opgenomen. Dit bericht bereikt u via de VLIZINE rondzendlijst. Om u uit te schrijven, stuur een e-mail naar info@vliz.be met in de subjectline: ‘unsubscribe VLIZINE’. Inschrijven op dezelfde manier met vermelding: ‘subscribe VLIZINE’. Archieven van dit e-zine zijn raadpleegbaar via deze link.


INHOUD

1. Kalender
1.1. Zeeleven en databeheer: de OBI Conferentie te Hamburg
1.2. Doe je zeg over de interactie tussen marien biodiversiteitsonderzoek en beleid
1.3. Fora voor ingenieurs geÔnteresseerd in kustmaterie
1.4. Symposium West-Afrikaanse kusten te Brussel
1.5. Ecologische Kwaliteitsdoelen voor de Noordzee ter discussie
1.6. Interactieve kennismaking met de Schelde op de Scheldebus  

2. Publicaties
2.1. Nieuwe Belgische kustatlas en nieuwe Nederlandse Noordzeeatlas!
2.2. Natuur van Knokke-Heist in boekvorm
2.3. ‘Op de vismarkt ben ik geboren’: boek over zeevisserij en maritieme volkskunde
2.4. Sociale aspecten van het zeemilieu en de bescherming ervan
2.5. Oesters, Engelsen en Fransen: een intrigerend boek
2.6. Vrij toegankelijke wetenschappelijke literatuur: het kan!
2.7. VLIZ lid van European Society for Marine Biotechnology
2.8. Kustfotosite van Nederland

3. Vacatures/beurzen/fondsen
3.1. Onderzoek naar fysische gesteldheid zeebodem: vacature bij het RCMG
3.2. Wetenschappers gezocht

4. Varia
4.1. Minister van de Noordzee neemt initiatief rond marien beschermde gebieden
4.2. Offshore windparken actueel
4.3. De visstand in de Noordzee: hoe staat het ermee? 
4.4. Golfslag- en getijdenenergie bij ons, een utopie?

4.5. Beheer van het Veerse Meer gewijzigd

4.6. Zeezoogdieren in de picture
4.7. Vlaming wint hoofdprijs voor onderwaterfilm

4.8. Doctoraatsverdedigingen e.a.

5. Vraagbaak de ‘Zeeloods’


1.1. ZEELEVEN EN DATABEHEER: DE OBI CONFERENTIE TE HAMBURG

Bij twee eerdere internationale meetings in Hamburg (1996) en Brussel (2002) bogen mariene biologen en databeheerders zich over hoe de sterk groeiende hoeveelheden biologische gegevens optimaal kunnen worden beheerd. Hoewel de mosterd ten dele kan gehaald worden bij fysische oceanografen, die kunnen bogen op een lange traditie in databeheer, hebben biologische gegevens ook hun eigen karakteristieken, wat een eigen aanpak vereist. In een nieuwe internationale conferentie ‘Ocean Biodiversity Informatics (OBI)’ willen de organisatoren (IOC-UNESCO, CoML, VLIZ en BSH) de banden verder aanhalen, nieuwe technologieŽn en strategieŽn bediscussiŽren en toekomstgericht werken aan een gedegen databeleid terzake. Zowel biogeografische gegevens (verspreiding van soorten) als ecologische data komen hierbij aan bod. De conferentie vindt plaats te Hamburg van 29 november tot en met 1 december. Meer info op: http://www.vliz.be/obi.



1.2. DOE JE ZEG OVER DE INTERACTIE TUSSEN MARIEN BIODIVERSITEITSONDERZOEK EN BELEID

Het 5de Kaderproject MARBENA wil o.a. via elektronische conferenties de banden aanhalen tussen zeewetenschappers en beleidslui in Europa, om zo onderzoek en beleid beter op elkaar af te stemmen. In dit kader past ook de achtste e-conferentie ‘Marine biodiversity research that matters’ die doorgaat van 15 tot en met 26 november 2004 (http://www.vliz.be/marbena). In deze nieuwe digitale discussieronde wil MARBENA weten wat u – als beleidsvoerder of wetenschapper – vindt van de huidige interactie tussen beleidsvoerders en zeeonderzoekers. Deze bevindingen zullen de basis vormen voor de Amsterdam meeting van het European Platform for Biodiversity Research Strategy (EPBRS). Het discussieforum biedt u concrete dossiers rond het beheer van de Europese zeeŽn aan en vraagt vervolgens waar u vond dat onderzoek en beleid hand in hand gingen, … of juist helemaal niet. Voorbeelden van dossiers zijn: eutrofiŽring in kustwateren, schelpdiervisserij in de Waddenzee, ballastwater en invasie van vreemde soorten, exploitatie van visstocks en marien beschermde gebieden in de Noordzee. U kunt vrij inschrijven en de discussies volgen via de website.



1.3. FORA VOOR INGENIEURS GEŌNTERESSEERD IN KUSTMATERIE

Ingenieurs met interesse in of ervaring met ‘coastal engineering’ komen straks weer goed aan hun trekken.  Meerdere symposia bieden zich in de volgende maanden aan:

1.4. SYMPOSIUM WEST-AFRIKAANSE KUSTEN TE BRUSSEL

Het gebeurt niet zo vaak dat in de lage landen een wetenschappelijk symposium wordt georganiseerd met als centrale thema de kustecosystemen van West-Afrika. Op 15-16 februari 2005 is het zover. Dan staan de 3200 km lange kusten van MauretaniŽ, Senegal, Gambia, Guinťe-Bissau, Guinťe en de Kaap-Verdische eilanden in de kijker. Heel wat interessante aspecten zullen aan bod komen, evenals een schare aan toponderzoekers. Drie partners sloegen de handen in elkaar voor dit initiatief: de ‘Stichting tot Bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek in Afrika’, het ‘Comitť national belge des Sciences biologiques’ van de Koninklijke Academie en het ‘Programme rťgional de Conservation de la Zone cotiŤre et marine de l’Afrique de l’Ouest’. Meer info op:
http://www.imcg.net/docum/wa05.doc.


1.5. ECOLOGISCHE KWALITEITSDOELEN VOOR DE NOORDZEE TER DISCUSSIE

Op 13-14 december 2004 vindt te Oslo de OSPAR Stakeholder Workshop ‘Towards finalisation of the EcoQO framework and specific EcoQOs’ plaats. ‘Ecological Quality Objectives’ (EcoQOs) of ecologische kwaliteitsdoelen zijn een belangrijk onderdeel van de implementatie van een ecosysteembenadering bij het beheren van menselijke activiteiten op zee. Met EcoQOs, zoals de mate van oliebevuiling bij zeekoeten of het aantal jonge zeehonden, willen de Noordzeeoeverstaten een graadmeter in de hand hebben voor het opvolgen van de kwaliteit en gezondheid van de Noordzee. In Oslo zal uitvoerige informatie over dit instrument worden gegeven aan de stakeholders (visserijsector, scheepvaart, aquacultuur, milieu-organisaties, wetenschappers en overheidsinstanties) en zullen de mogelijkheden en moeilijkheden van een pilootproject terzake worden besproken.
 Meer info op: http://www.dirnat.no/wbch3.exe?p=3108


1.6. INTERACTIEVE KENNISMAKING MET DE SCHELDE OP DE SCHELDEBUS

Sinds augustus 2004 voeren 7 natuur- en milieuorganisaties uit Nederland en Vlaanderen – onder de naam De Schelde Natuurlijk! – gezamenlijk campagne om de bijzondere natuur van de Schelde onder de aandacht te brengen. Eťn van dť aandachtstrekkers is het mobiele informatiecentrum het ‘Schelde-ervarium’, beter bekend als de Scheldebus. Deze 18 meter lange campagnebus is speciaal voor ‘De Schelde Natuurlijk!’ ontwikkeld en reist continu door Nederland en Vlaanderen. In de bus worden bezoekers op interactieve wijze geÔnformeerd over het natuurbelang van de Schelde en haar bedreigingen. Met het Schelde-ervarium wordt de Schelde als het ware naar de mensen toegebracht. Wilt u de Scheldebus bezoeken? Geen nood. Op http://www.descheldenatuurlijk.be vindt u een agenda met alle stopplaatsen.


2.1. NIEUWE BELGISCHE KUSTATLAS EN NIEUWE NEDERLANDSE NOORDZEEATLAS!

We kondigden beide kleppers reeds uitvoerig aan, maar nu zijn ze er ook effectief! BelgiŽ heeft, na zijn ‘Limited Atlas of the Belgian Part of the North Sea’ uit 2000 (voorraad op) eindelijk opnieuw een geactualiseerde kustatlas. Meer nog. Deze nieuwe ‘Kustatlas’ behapt zowel de landzijde als het zeegedeelte, en visualiseert in 100 verfrissende pagina’s alle facetten van de Belgische kust. Initiatiefnemer is het CoŲrdinatiepunt Duurzaam Kustbeheer. Bestellen kan via: info@
aquaterra.be of Tel.: +32/(0)9 230 55 15. 

De Nederlandse Noordzeeatlas is dan weer vervaardigd in opdracht van het Interdepartementaal Directeurenoverleg Noordzee (IDON), een samenwerkingsverband van 10 Nederlandse ministeries. Een digitale versie is consulteerbaar via: http://www.noordzeeatlas.nl. De papieren versie is vorige maand, ter gelegenheid van de Noordzeedagen, aan het publiek voorgesteld.


2.2. NATUUR VAN KNOKKE-HEIST IN BOEKVORM

Wanneer een ervaren natuurgids, een topnatuurfotograaf en een zeer voortreffelijk illustrator de handen in elkaar slaan, mag u zich wel aan iets moois verwachten. En dat bleek ook toen op 16 november jl. het boek ‘Knokke-Heist natuurlijk’ (auteur Kris Struyf, met foto’s van Misjel Decleer en geÔllustreerd door Marijke Meersman) aan de pers werd voorgesteld. Het boek neemt de lezer mee op een informatieve en oogprikkelende natuurtocht langs zee en kust, straten en begraafplaatsen, parken en tuinen, tot in het rijke Zwinpolderlandschap. Het boek is een uitgave van Clavis en wordt ter gelegenheid van het 25-jarig burgemeesterschap van graaf Leopold Lippens gratis aan alle inwonende gezinnen van de gemeente geschonken. ‘Knokke-Heist natuurlijk’ zal binnenkort ook te koop worden aangeboden in de betere boekhandel.


2.3. ‘OP DE VISMARKT BEN IK GEBOREN’: BOEK OVER ZEEVISSERIJ EN MARITIEME VOLKSKUNDE

Met dit nieuwe boek blijkt andermaal dat de maritieme volkskunde in Vlaanderen veel meer geworden is dan het eenzame werk van enkelingen, ver buiten de aandacht van de rest van de samenleving.  In meer dan twintig artikelen wordt ingezoomed op diverse aspecten van het leven in historische zeevisserijmiddens, maar ook de maritieme archeologie krijgt ruime aandacht. Het 129 pagina’s tellende boek werd samengesteld ter gelegenheid van een studiedag te Oostende op 18 september 2004, en uitgegeven als het themajaarboek 2004 van de Koninklijke Bond der Oost-Vlaamse Volkskundigen (KBOV) en Volkskunde West-Vlaanderen (VWV). Bestellen kan via:
http://www.volkskunde-west-vlaanderen.be. 


2.4. SOCIALE ASPECTEN VAN HET ZEEMILIEU EN DE BESCHERMING ERVAN

Het creŽren van marien beschermde gebieden om een halt te roepen aan tanende visstanden en aan een ‘verakkering’ van het onderwaterlandschap, zit wereldwijd in de lift. Of moeten we zeggen: er wordt steeds meer over gepraat en geschreven. Heel recent nog verscheen het boek ‘Marine Reserves: a Guide to Science, Design, and Use’ van de hand van Jack Sobel en Craig Dahlgren. Het boek (consulteerbaar in de VLIZ bibliotheek) vormt de ideale intro voor al wie interesse heeft voor mariene bescherming en visserijbeheer.

In ťťn van de hoofdstukken wordt geconcludeerd dat de sociale dimensie essentieel is zowel bij de planning als bij het runnen van een marien beschermd gebied. En dat is ook NOAA (de Amerikaanse ‘National Oceanic & Atmospheric Administration’: http://www.noaa.org) niet ontgaan. Half november lanceerden ze een nieuwe website getiteld: ‘Social Science Tools and Methods for Marine Protected Areas Management’: http://www.csc.noaa.gov/mpass. Op deze site word je ingeleid tot de sociale wetenschappen, methodes voorgelegd die van nut kunnen zijn bij het beheren van marien beschermde gebieden en kunt u de bevindingen uit een twaalftal casestudies nalezen.


2.5. OESTERS, ENGELSEN EN FRANSEN: EEN INTRIGEREND BOEK


Nieuw en tevens consulteerbaar in de VLIZ bibliotheek, is het boek ‘The English, the French and the Oyster’ van Robert Neild. Dit originele, zeer leesbare en onderhoudende werk gaat in op de vraag waarom Engeland nu nog slechts een fractie aan oesters produceert in vergelijking met Frankrijk, terwijl het ooit wel eens anders was. De auteur, een gepensioneerd professor economie, spitte de geschiedenis van de oesterproductie en –consumptie in beide landen uit vanaf de 19de eeuw en overgoot alles met een sausje van anekdotes, leuke wetenswaardigheden en sprekende reproducties waardoor het werkje leest als een trein. Een leuk boek voor tijdens de koude wintermaanden!


2.6. VRIJ TOEGANKELIJKE WETENSCHAPPELIJKE LITERATUUR: HET KAN!

Het bedrijven van wetenschappelijk onderzoek staat en valt met het publiceren van de eigen resultaten en het vrijelijk kunnen beschikken over de bevindingen (zowel recente als historische) van andere onderzoekers. Dat dit nog wel eens wil conflicteren met de commerciŽle belangen van de grote uitgeverijen, zeker in een tijd dat het internet furore maakt, hoeft geen betoog. Daarom lanceerden bezorgde wetenschappers een tijdje terug het zogenaamde ‘Open Archive Initiative’ (http://www.openarchives.org). Ze argumenteren dat wetenschappelijke informatie – vermits het onderzoek betaald werd met publieke fondsen – zo vrij mogelijk (lees: gratis of tegen lage kost op internet) beschikbaar moet zijn, en dat ook minder recente publicaties nauwgezet dienen te worden bijgehouden in digitale archieven (terwijl dit archiveren niet tot de kernactiviteiten van uitgeverijen behoort).

Dit initiatief wint intussen veld en belooft in de toekomst belangrijke discussies te zullen opleveren. Waar aan de ene zijde deals worden gesloten tussen afzonderlijke instituten en uitgeverijen die toestaan dat meer en meer eigen wetenschappelijke output via eigen servers publiek wordt gemaakt (o.a. via: http://www.sparceurope.org/about/index.html), geven uitgeverijen op nationaal en internationaal vlak ook flink tegengas, door hun rechten op te eisen en te wegen op de wetgeving terzake. Wie meer wil weten over dit gevoelige onderwerp, raden we aan een kijkje te nemen op: http://www.nature.com/nature/focus/accessdebate/. Wekelijks publiceert deze website opiniestukken van leidinggevende wetenschappers, bibliothecarissen, uitgevers en andere belanghebbenden, naast interessante links en artikels. En uiteraard is de informatie op deze site… vrij toegankelijk!


2.7. VLIZ LID VAN DE EUROPEAN SOCIETY FOR MARINE BIOTECHNOLOGY

Sinds kort is het Vlaams Instituut voor de Zee geabonneerd op de ‘Journal of Marine Biotechnology’, door een lidmaatschap aan te gaan bij de European Society for Marine Biotechnology. De ESMB werd in 1995 opgericht in Frankrijk om mariene biotechnologie in Europa te promoten en de netwerking tussen onderzoekers te vergroten. Dit tweemaandelijkse tijdschrift focust op moleculaire en celbiologische aspecten van mariene organismen en de technologie hieraan verbonden.


2.8. KUSTFOTOSITE VAN NEDERLAND

Voor wie vanachter zijn pc een virtueel vliegtuigreisje wil maken langs de Nederlandse kust, om er te genieten van de mooie gezichten, is dit een aanrader. Het Rijksinstituut voor Kust en Zee (Ministerie van Verkeer en Waterstaat) bracht honderden luchtfoto’s van de Nederlandse kust samen op de site: http://www.kustfoto.nl. Via een eenvoudig menu kun je eerst kiezen voor ‘Noord-‘, ‘Midden-‘ of ‘Zuid-Nederland’, om vervolgens in te zoomen op de deelregio die je interesse wegdraagt. En je hebt keuze tussen luchtbeelden van 1993 of van 1999. Wij genoten alvast van onze vliegtuigtocht boven het Zwin en de Westerscheldemonding!


3.1. ONDERZOEK NAAR FYSISCHE GESTELDHEID ZEEBODEM: VACATURE BIJ HET RCMG

In het kader van het onderzoek naar de fysische aard van de zeebodem en haar processen zoekt het Gentse 'Renard Centre of Marine Geology' (RCMG) een tijdelijke wetenschappelijke medewerker voor een richtperiode van 15 maand. De kandidaat heeft een achtergrond als licentia(a)t(e) geologie, geografie of (bio)-ir., bij voorkeur met ervaring in/kennis van mariene of aquatische systemen. Het onderzoek is gerelateerd aan sediment- en morfodynamische processen met toepassingen relevant voor een duurzaam beheer van de zee en haar natuurlijke rijkdommen. Het onderzoek situeert zich zowel in nationaal als internationaal verband en bestrijkt de NW-Europese zeeŽn.

Van de kandidaat wordt verwacht dat hij/zij overweg kan met verschillende software pakketten in relatie tot zeebodemkartering. Het kunnen omgaan met datasets en databases van uiteenlopende aard en hun integratie is aangewezen. GIS- ervaring (incl. ruimtelijke analyse) is een noodzaak. Ervaring met (geo)statistiek, programmeren, beeldverwerking is een grote troef.  Ondanks het feit dat de persoon in kwestie een duidelijke taakomschrijving krijgt, wordt verwacht dat er in een team wordt gewerkt en gezamelijk wordt deelgenomen aan oceanografische meetcampagnes (3-4 per jaar). De exacte functieomschrijving is in samenspraak te definiŽren en kan verfijnd worden naargelang de interesse.

Aan de geÔnteresseerden wordt een cv en motivatie gevraagd en dit uiterlijk tegen 10/12/2004. Meer info: dr. Vera Van Lancker (vera.vanlancker@UGent.be, Tel. 09/264 45 89, website http://allserv.ugent.be/~vvlancke/Marebasse/


3.2. WETENSCHAPPERS GEZOCHT

Bent u een wetenschapper die zijn/haar passie graag deelt met jongeren? Dan is het project ‘Onderzoeker gezocht’ misschien wel iets voor u!  Binnen dit project wil de initiatiefnemer, ‘Jeugd, Cultuur en Wetenschap’, jongeren van 16-18 jaar een beter beeld geven van wat een wetenschapper dagdagelijks doet. Om dit te bereiken mogen ze enkele dagen in de paasvakantie samenwerken met een ‘heuse’ wetenschapper. Praktisch gezien wordt van de wetenschapper verwacht dat hij/zij de jongeren gedurende de paasvakantie enkele dagen begeleidt en inwijdt in zijn/haar werk, en dit zo (inter)actief mogelijk. Op voorhand wordt ook een congres georganiseerd (zaterdag 12/02/2005) waarop wetenschappers en jongeren kennis kunnen maken en de jongeren uiteindelijk de wetenschapper kiezen waarmee ze liefst willen samenwerken.

Interesse of meer info nodig? Mail naar miet@jcweb.be of bel 02/252 58 08!


4.1. MINISTER VAN DE NOORDZEE NEEMT INITIATIEF ROND MARIEN BESCHERMDE GEBIEDEN

Bij het aantreden van de federale regering in juli 2003, was ťťn van de opmerkelijke feiten dat BelgiŽ voor het eerst een minister zou krijgen bevoegd voor Noordzeezaken. Iets meer dan een jaar later kunnen we alleen maar vaststellen dat deze strategische zet geen windeieren heeft opgebracht, maar heeft geleid tot een grotere betrokkenheid van de diverse sectoren bij het beleid en tot een resem daadwerkelijke initiatieven. In een eerste fase werd een wettelijk kader gecreŽerd voor een efficiŽntere exploratie en exploitatie van zeezand en –grind, kwam er duidelijkheid over de inplanting van windmolenparken op zee en werd werk gemaakt van een nultolerantiebeleid inzake olieverontreiniging voor onze kustwateren.

De tweede fase kreeg concrete vorm in oktober 2004, met het voorstel tot afbakening van marien beschermde gebieden, in navolging van de Wet op het Marien Milieu van 1999 en de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Drie gebieden (t.h.v. Nieuwpoort, Oostende en Zeebrugge resp.) worden op basis van het voorkomen van vier kwetsbare soorten (Grote stern, Visdief, Fuut en Dwergmeeuw) voorgesteld als Vogelrichtlijngebied. En aan het reeds in 1996 voorgedragen Habitatrichtlijngebied aan de Westkust, wordt een tweede zone toegevoegd op de Vlakte van de Raan. Voor elk van die gebieden zijn een reeks maatregelen vastgelegd, na uitvoerig overleg met zoveel mogelijk belanghebbenden. Tegen eind dit jaar wil minister Vande Lanotte tot een definitief besluit komen m.b.t. de afbakening en het beheer van deze zones.  

In een derde fase wordt gedacht aan het aanleggen van een klein marien reservaat t.h.v. de Baai van Heist en zal worden onderzocht hoe milieuvriendelijke visserijtechnieken in bepaalde zones kunnen worden gepromoot, in overleg met de visserijsector. Ook zal werk worden gemaakt van de bescherming van een aantal scheepswrakken, na zorgvuldige inventarisatie van archeologische en ecologische karakteristieken. In afwachting zal het Vlaams gewest een databank opmaken van het maritiem archeologisch erfgoed in de Noordzee en zal minister Vande Lanotte erover waken dat bij projecten op zee, aspecten van maritieme archeologie de nodige aandacht krijgen. Meer info op: http://www.johanvandelanotte.be, onder het luik ‘Noordzee’.


4.2. OFFSHORE WINDPARKEN ACTUEEL

Het grootste windpark van de Vlaamse kustpolders situeert zich langs het kanaal Brugge-Zeebrugge. Sinds 2001 draaien hier 14 turbines van elk 600 kW. Recent voegde de ontwikkelaar Electrawinds (http://www.electrawinds.be), aan deze lijnopstelling nog eens 7 molens van elk 1,8 MW toe. Daarmee is dit Brugse project goed voor meer dan 20 MW capaciteit en is het het grootste project in Vlaanderen. Tot ontevredenheid van het Brugse stadsbestuur dat bezwaar indiende en een procedure in gang zette bij de Raad van State. Veel rustiger gaat het eraan toe op de Thorntonbank, waar het C-Power project (http://www.c-power.be) alle voorbereidingen treft om in het zomerhalfjaar van 2006 met de ontwikkeling van een offshore windpark van 60 turbines van elk 3,6-5 MW te starten.

Intussen zitten ook de Britten niet stil. Op de Kentish Flats t.h.v. de monding van de Thames, is de installatie van een offshore park van 30 turbines van elk 3 MW volop aan de gang (http://www.kentishflats.co.uk). Halfweg oktober waren alle 30 funderingspalen – geleverd door de Belgisch/Nederlandse groep SIF/Smulders – reeds geheid. Naar verwachting wordt het volledige project opgeleverd in augustus 2005, waardoor dit het grootste Britse offshore park wordt. Het project is in handen van het Deense bedrijf Elsam, dat eerder al het grootste offshorewindpark ter wereld bouwde nabij Horns Rev (http://www.hornsrev.dk/Engelsk/default_ie.htm).


4.3. DE VISSTAND IN DE NOORDZEE: HOE STAAT HET ERMEE?

Niet zo goed, tenminste als we ons baseren op een wetenschappelijk model, voorgesteld op de laatste jaarvergadering van ICES (International Council for the Exploration of the Sea) in het Spaanse Vigo. Volgens dit model is de totale visstock van de Noordzee in de afgelopen honderd jaar van 26 miljoen op 10 miljoen ton teruggevallen (http://news.bbc.co.uk/2/hi/science/nature/3694390.stm). Soorten als kabeljauw, schelvis en makreel kregen rake klappen. Tonijn verdween compleet van het toneel.

Een recenter advies van ICES geeft aan dat de kabeljauwstocks in de Noordzee, de Ierse Zee en ten westen van Schotland – spijts alle initiatieven terzake – nog geen herstel vertonen, en dat de visserijdruk op deze soort nog steeds te hoog is.

Voor Schelvis ziet het er heel wat beter uit nu de stock op 460.000 ton wordt geschat, daar waar 140.000 ton als ondergrens voor een leefbare populatie wordt ingeschat. Toch betekent dit niet dat ICES als officieel internationaal adviesorgaan m.b.t. visserij, de Europese Commissie zal adviseren om de visserij op deze soort op te voeren. Beide soorten, schelvis en kabeljauw, worden immers vaak samen gevangen en zijn dus niet los van elkaar te beschouwen. Meer info over de visstocks in het Noordoost-Atlantische gebied op: http://www.ices.dk/committe/acfm/comwork/report/asp/acfmrep.asp. 


4.4. GOLFSLAG- EN GETIJDENENERGIE BIJ ONS, EEN UTOPIE?

Voor wie zich afvraagt of het Belgisch deel van de Noordzee op korte termijn potenties biedt voor alternatieve energieproductie, anders dan d.m.v. windmolens, lijkt het antwoord duidelijk negatief. Voor getijdenenergietoepassingen is de getijrange aan onze kust (3-4 meter) te klein om rendabel te zijn, en ontbreekt het ons bovendien aan grotere halfingesloten baaien. Het enige grote, industriŽle project in Europa is de getijcentrale op de rivier La Rance nabij Saint-Malo in Bretagne, waar een getijamplitude van 11,4 m heerst (http://europa.eu.int/comm/energy_transport/atlas/htmlu/eu_market_and_potential.html). Deze centrale draait al sinds 1966 en heeft een capaciteit van 240 MW.

Voor projecten met golfslagenergie, missen we dan weer de hoge golven, karakteristiek voor oceanen, of de sterke stromingen (min. 2 m/s om echt rendabel te zijn). Deze en andere resultaten werden gepresenteerd n.a.v. de jaarlijkse studiedag over duurzame energie, georganiseerd door het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO) op 9 november jl.


4.5. BEHEER VAN HET VEERSE MEER GEWIJZIGD

Toen onze noorderburen hun Deltaplan op de sporen zetten – n.a.v. de desastreuze stormvloed van 1953 – was het Veerse Gat ťťn van de eerste zeearmen die werden afgedamd. Het huidige Veerse Meer ontstond immers bijna 45 jaar geleden na de afsluiting van de Zandkreek (1960) en het Veerse Gat (1961). Het duurde niet lang of de zeearm veranderde in een brakwatermeer, met een bijzondere natuurwaarde en heel wat recreatieve mogelijkheden. Maar ook de problemen bleven niet uit. Onvoldoende wateruitwisseling, in combinatie met de afvloei van door bemesting aangerijkt zoetwater, zorgden voor zuurstofloosheid in de diepere geulen en voor overmatige bloei van zeesla. Na heel wat voorbereidend studiewerk was het in juli 2004 eindelijk zover. Een ververskoker in de Zandkreekdam werd in gebruik genomen waardoor zout, zuurstofrijk Oosterscheldewater gemakkelijker het meer kon binnendringen. En al snel volgden de positieve resultaten: de zuurstofcondities verbeterden en ook het zoutgehalte nam toe en werd stabieler (van ca. 10 tot 14 promille). Op termijn hoopt men op een soortenrijker Veerse Meer, zonder zuurstoftekorten en met iets minder zeesla: 
http://www.deltainzicht.nl/actueel_nieuws_artikel.php3?nieuwsid=86


4.6. ZEEZOOGDIEREN IN DE PICTURE

Twee zeer ongewone zeezoogdierwaarnemingen aan de Belgisch/Nederlandse kusten wilden we u niet onthouden.
Op 9 september 2004 trok een grote groep Tuimelaars (min. 54 ex.) langs de Noord-Nederlandse kusten. Sensationeel, want het is decennia geleden dat deze soort – gekend als de legendarische ‘flipper’ – nog in dergelijke aantallen in de zuidelijke Noordzee is gesignaleerd. En er is meer. Op 19 oktober meldden onderzoekers van het Vlaamse Instituut voor Natuurbehoud een eenzame Griend bij zeevogeltellingen vanop het schip De Zeeleeuw, t.h.v. de Gootebank. Voor meer waarnemingen in de zuidelijke Noordzee: http://home.planet.nl/~camphuys/CetaceaAut2004.html.


4.7. VLAMING WINT HOOFDPRIJS VOOR ONDERWATERFILM

Ere wie ere toekomt. De Vlaming Danny Van Belle kaapte met zijn documentaire ‘De wereld der Gastropoda’ de Gouden Palm weg op het Festival van de Onderwaterfilm in het Franse Antibes Juan-Les-Pins. Zeven jaar lang exploreerde Danny de zeeŽn van Thailand en IndonesiŽ en legde hij de prachtigste filmbeelden vast. De jury koos deze ‘ode aan de weekdieren’ uit een duizendtal inzendingen (50-tal landen) vanwege zijn hoge educatieve gehalte.


4.8. DOCTORAATSVERDEDIGINGEN e.a.

We zouden het erg op prijs stellen als alle onderzoekers die de datum van hun verdediging reeds kennen, of postuum het resultaat van de verdediging willen kenbaar maken, dit zouden laten weten aan jan.seys@vliz.be


5. VRAAGBAAK DE  ‘ZEELOODS’

Via deze rubriek kan iedereen oproepen lanceren voor samenwerking, gezamenlijk gebruik van materiaal, vraag naar levende en andere monsters, enz. De informatie dient gestuurd te worden naar Jan Seys (jan.seys@vliz.be). We nemen het bericht op in de vraagbaak van ťťn van de volgende VLIZINES.


        De Europese Commissie tracht momenteel thematische onderzoeksdomeinen te identificeren die in aanmerking komen voor Europese steun binnen het zevende kaderprogramma (2007-2011). Om een marien profiel binnen het kaderprogramma mogelijk te maken zijn individuele reacties van mariene wetenschappers uitermate belangrijk! Deze moeten ingediend worden vůůr het einde van het jaar (deadline 31 december 2004). De website voor de publieke consultatie is http://europa.eu.int/comm/research/future/themes/index_en.html. Ingesloten een ontwerpnota hierover vanwege de Marine Board van de European Science Foundation. Meer info hierover bij Jan Mees (jan.mees@vliz.be; Tel.: 059/34 21 30).


DISCLAIMER
VLIZINE heeft als doel informatie te verstrekken. Eventuele standpunten zijn die van de auteurs en stemmen niet noodzakelijk overeen met die van het VLIZ. Het VLIZ is niet verantwoordelijk voor enige schade opgelopen ten gevolge van foutieve of verkeerd geÔnterpreteerde informatie in dit e-zine, noch voor de inhoud van websites waarnaar verwezen wordt.
Uw adres opgenomen in onze e-zine rondzendlijst wordt niet aan derden doorgegeven zonder uw toestemming en wordt niet gebruikt voor commerciŽle doeleinden.

COPYRIGHT
Copyright © 2004 Vlaams Instituut voor de Zee. Delen uit dit e-zine mogen in andere publicaties worden overgenomen, maar uitsluitend met bronvermelding. Deze publicatie mag wel in haar geheel ter kennismaking worden doorgestuurd naar derden.

LID WORDEN VAN HET VLIZ KAN
Meer info vindt u op onze website.

WEBSITE
http://www.vliz.be


VLIZ

Vlaams Instituut voor de Zee vzw

Flanders Marine Institute

Vismijn Pakhuizen 45-52

B-8400 Oostende

Tel.  +32-(0)59-34 21 30

Fax  +32-(0)59-34 21 31

-------------

mark your calendar:
Dunes & Estuaries 2005 (Koksijde, Belgium, 19-23 September 2005)  http://www.vliz.be/de2005