VLIZINE
jrg. 8, nr. 8-9 (augustus-september 2007)
Hét e-zine met praktische informatie over onderzoek en beleid door en voor Vlaamse mariene wetenschappers. 
Deze gratis on line uitgave van het Vlaams Instituut voor de Zee vzw verschijnt maandelijks en wordt verspreid onder alle geïnteresseerden.
V.U.: Jan Mees 
Redactie: Nancy Fockedey en Jan Seys
Reacties naar jan.seys@vliz.be


Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) wil via dit e-zine maandelijks informeren over de eigen activiteiten en die van onderzoeks- en beleidsgroepen in Vlaanderen actief in de mariene en kustgebonden wetenschappen. Alle nuttige informatie van uw kant (zoals vacatures, nieuwe projecten, vraag voor samenwerking, interessante symposia, etc.) wordt graag ingewacht om in het eerstvolgende VLIZINE te worden opgenomen. Dit bericht bereikt u via de VLIZINE rondzendlijst. Om u uit te schrijven, stuur een e-mail naar info@vliz.be met in de subjectline: ‘unsubscribe VLIZINE’. Inschrijven op dezelfde manier met vermelding: ‘subscribe VLIZINE’. Archieven van dit e-zine zijn raadpleegbaar via deze link.

INHOUD

1. Kalender
1.1. Internationaal symposium over Vogel- en zeezoogdierenopvang bij een olieramp in Oostende
1.2. Perspectieven en beperkingen voor aquacultuur in Vlaanderen: een kritische kijk
1.3. Ons water: gebruik, problemen, oplossingen en beleid

1.4. Stoomschepenfestival WaterkAntwerpen ’07
1.5. Colloquium ‘Visserij tijdens de tweede wereldoorlog’ in Parijs
1.6. Twee nieuwe Schelde exposities in Zeeland
1.7. Toekomst zandbank te Heist ter tafel
1.8. Port & Environment 2007 Conference in Amsterdam

2. Publicaties
2.1. Milieutoestand van onze Vlaamse zee- en kustgebieden herbekeken
2.2. Luchtvervuiling door schepen in kaart gebracht
2.3. Hoe indicatoren voor een duurzame ontwikkeling toepassen in Europese kustgebieden?
2.4. Europees beschermde natuur in Vlaanderen en het Belgisch deel van de Noordzee: een bijzonder fraai naslagwerk
2.5. Gedenkboek 30 jaar Noordzee-aquarium in Oostende

3. Vacatures, beurzen en fondsen
3.1. VLIZ North Sea Award 2007
3.2. Pas afgestudeerd? Doe mee aan de VLIZ Aanmoedigingsprijzen Mariene Wetenschappen 2007
3.3. Onderzoeksbeurzen bij onderzoekscentrum van de NATO
3.4. ULB op zoek naar een Marien Ecologisch Modelleur
3.5. Nieuwe onderzoekslijn bij ILVO-Visserij: micropolluenten in grijze garnaal
3.6. Twee vacatures voor studie naar de flocculatie van cohesieve sedimenten
3.7. IFREMER en Institute for Marine Research zoeken postdocs
3.8. ROLEX Award 2008 voor innovatieve bijdrage aan mens en wetenschap
3.9. Twee professoraten in Kiel: dringende oproep!

4. Belgisch marien onderzoek in de kijker
4.1. Een wereld zonder mangroves?
4.2. Het proces van toewijzing van marien beschermde gebieden in België

5. Varia
5.1. Zeezoogdierennieuws Belgische kust
5.2. Jaar van de dolfijn-nieuws
5.3. Runderen begrazen ‘Het Zwin’
5.4. Nieuw inzicht in het ontstaan van het Kanaal
5.6. Doctoraatsverdedigingen


1.1. INTERNATIONAAL SYMPOSIUM OVER VOGEL- EN ZEEZOOGDIERENOPVANG BIJ EEN OLIERAMP IN OOSTENDE
Tegen een olieramp op zee kun je maar best goed voorbereid zijn! Zeker als veel vogels en zeezoogdieren het slachtoffer blijken te zijn van de drijvende zwarte smurrie, zoals bij de Tricolor of de Prestige het geval was. Tussen 1 en 3 oktober 2007 verzamelen de Europese experten in vogel- en zeezoogdierenbehandeling bij olierampen voor de 4de Sea Alarm Conferentie in het Thermae Palace in Oostende. Ze wisselen er hun kennis en ervaring uit. Via voordrachten van ervaren sprekers en posterpresentaties wordt een ‘state-of-the-art’ gebracht binnen vier grote thema’s: Hoe goed zijn we voorbereid op een olieramp? Hoe reageren we het best? Hoe monitoren we eventuele gevallen? En hoe evalueren we de toestand na een ramp? Extra aandacht gaat naar de planning en voorbereiding, de internationale samenwerking, de communicatie en media, de technieken en de wetenschappelijke aspecten van de behandeling, de opvang en het vrijlaten van verzorgde dieren, de ontwikkeling van mobiele units en instrumenten, de opleiding van medewerkers en de financiering van de opvang. Gastheren van de conferentie zijn de Sea Alarm Foundation, VLIZ, BMM, Vogelopvangcentrum Oostende en Toerisme Oostende. Het uitgebreide programma en praktische informatie zijn beschikbaar op de conferentiewebsite (http://conference.sea-alarm.org).

Onder het motto ‘voorbereiden is beter dan improviseren’ wordt in Vlissingen (14-16 november 2007) een cursus georganiseerd voor hen die voorbereid willen zijn op rampen op zee in het algemeen (waaronder olierampen). Bij incidenten op de Noordzee wordt immers maar al te vaak een beroep gedaan op het improvisatievermogen van de betrokken kustgemeentes, -provincies en -organisaties. Kennis en ervaring wordt weinig of niet opgebouwd. Het doel van de training is om incidenteel en beroepsmatig betrokkenen bij de gevolgen van scheepvaartincidenten in staat te stellen hun verantwoordelijkheden te nemen zonder te moeten terugvallen op improvisatie alleen. De organisatie van de cursus ligt in handen van ProSea, KIMO Nederland-België en Provincie Zeeland. Meer info bij Bopp van Dessel (+ 31-(0)6-41 509652) of Bert Veerman (+ 31-(0)251-263838).


1.2. PERSPECTIEVEN EN BEPERKINGEN VOOR AQUACULTUUR IN VLAANDEREN: EEN KRITISCHE KIJK
In de pers hoorden we recent over grootse plannen voor het kweken van Vlaamse mosselen, tong, biofuel producerende microalgen en andere verhalen met fantastische perspectieven voor het ontwikkelen van aquacultuur aan onze kust. Maar er worden ook vragen gesteld over de realiseerbaarheid ervan. Hoog tijd om alles wat in perspectief te plaatsen. In een rondetafelgesprek met experten uit de academische wereld, de privé-sector en de overheid willen het Laboratorium voor Aquacultuur, het Artemia Reference Center van de Universiteit Gent, ILVO-visserij en VLIZ, een debat aangaan met het publiek over de perspectieven en de beperkingen van het ontwikkelen van deze en andere aquacultuurprojecten aan onze kust. Op donderdag 13 september zijn geïnteresseerden welkom tussen 16.00 en 18.00 uur op de Wandelaarkaai in Oostende. Gelieve uw aanwezigheid te bevestigen vóór 7 september door de ingevulde antwoordkaart (www.vliz.be/docs/Events/RondetafelAquacultuur.doc )  te mailen (info@vliz.be) of te faxen (059-34 21 31).

Later in september organiseren de provincies West-, Oost- en Zeeuws-Vlaanderen een themadag over de ontwikkeling van ‘Aquacultuurprojecten aan land’ als nieuwe opportuniteit voor de landbouw en visserij in deze regio. Vlaamse en Nederlandse onderzoekers en de privé-sector stellen de lopende projecten voor. De dag wordt afgesloten met een discussieforum met mogelijkheid tot het stellen van vragen aan de deskundigen. Tijd en plaats? 26 september (9.45 – 16.00 uur) aan de Wandelaarkaai in Oostende. Meer info?  www.oost-vlaanderen.be/docs/nl/q9/3506uitnodiging_aquacultuur.pdf


1.3. ONS WATER: GEBRUIK, PROBLEMEN, OPLOSSINGEN EN BELEID
Water als dagelijks consumptiegoed, bron voor recreatie, water als koelwater, en ga zo maar door! Teveel of te weinig water, te vies of te zout water. Welke waterproblemen spelen er nu en in de nabije toekomst? Welke oplossingen zijn mogelijk? Dat zijn de centrale vragen op het lustrumsymposium ter ere van 50 jaar waterecologie en het 15-jarig bestaan van het Nederlands Instituut voor Ecologisch Onderzoek (NIOO) op 27 september in Utrecht. Uitgebreid programma en (gratis) registratie op www.nioo.knaw.nl/lustrum/symposium.htm. Zowel het beheer van zee en kust (voormiddag), als van rivieren en meren (namiddag) komen aan bod.

Later op het jaar volgt een congres voor iedereen die zich betrokken voelt bij het voorbereiden en het ontwikkelen van een waterbeleid in Vlaanderen of actief is in het waterbeleidsondersteundend onderzoek! Het Congres Watersysteemkennis, op 6 en 7 december aan de Universiteit Antwerpen, vormt het sluitstuk van negen voorbereidende studiedagen. Deze waren er vooral om een stand van zaken en de laatste ontwikkelingen van het onderzoek te overlopen. Doel van het congres is dan weer om onderzoek en beleid met elkaar te confronteren. Zowel wetenschappers als beleidsverantwoordelijken komen in het programma aan bod. Inschrijven kan nu al via www.ua.ac.be/watersysteemkennis. Het gedetailleerd programma komt in de loop van november on line.


1.4. STOOMSCHEPENFESTIVAL WATERKANT 2007
Tussen 28 en 30 september staat Antwerpen onder stoom! Tijdens het stoomschepenfestival WaterkAnt 2007 kunnen liefhebbers van historische stoomboten, sleepboten, rond- en platbodems en klassieke zeiljachten hun hartje ophalen. De omgeving van het Willem- en Verbindingsdok staat deze dagen in het teken van water en (historische) schepen. Je kan er genieten van de koninklijke roeiregatta, meevaren met stoomschepen en watertaxi’s onder begeleiding van stadsgidsen, demonstraties bijwonen van de graanoverslag door dokwerkers en een stoomgraanzuiger, en zo veel meer. Ook is er voldoende maritieme walanimatie voor zij die geen ‘zeebenen’ hebben! Meer info op www.waterkantwerpen.be.


1.5. COLLOQUIUM ‘VISSERIJ TIJDENS DE TWEEDE WERELDOORLOG’ IN PARIJS
Op 18 en 19 oktober 2007 vindt in het ‘Muséum national d’Histoire naturelle’ in Parijs een internationaal colloquium plaats over ‘Vissers en visserij tijdens de tweede wereldoorlog’.
Visserijbiologen, geologen, historici, juristen, economen, antropologen, sociologen en ingenieurs buigen er zich over nieuwe hypothesen en studietechnieken om hun kennis over deze periode uit te breiden. Enkele voorbeelden van vragen die centraal staan: Hoe hebben vissers en de lokale kustgemeenschappen zich aangepast tijdens de oorlogsjaren? Welke effecten heeft de oorlog gehad op de visserij en de handel in vis en zeeproducten in andere continenten? Welke socio-economische gevolgen werden waargenomen onmiddellijk na de oorlog? Meer informatie over het evenement kan opgevraagd worden bij Aliette Geistdoerfer (alietteg@mnhn.fr) of via de webpagina http://calenda.revues.org/nouvelle8185.html



1.6. TWEE NIEUWE SCHELDE EXPOSITIES IN ZEELAND
In het Fort van Ellewoutsdijk kan men al sinds 7 juli de expositie ‘In, op en rond de Schelde’ bezoeken. Deze permanente tentoonstelling is bedoeld als (eerste) kennismaking met de Schelde-rivier en laat haar verschillende functies zien: natuur, economie, veiligheid, recreatie en wonen. Naast informatie- en fotopanelen zijn er ook twee ‘doepanelen’ (voor volwassenen en kinderen). Voorts liggen er kleurplaten die kinderen kunnen opsturen naar het Schelde InformatieCentrum (SIC), waar hen een beloning wacht. De expositie kan men dagelijks bezichtigen tijdens de openingstijden van het fort (10.00-17.00 uur). Ellewoutsdijk bevindt zich op de noordoever van de Westerschelde, net ten westen van de Westerscheldetunnel. Beelden van de opening kun je bekijken op de fotogalerij (www.vliz.be/vmdcdata/photogallery/sea.php?album=611). Meer informatie op www.scheldenet.nl/nl/cultuur001/recreatie/bezoekerscentra/.

Ook in het Visserijmuseum in Breskens werkte het Schelde InformatieCentrum mee aan de inrichting van een nieuwe ‘Scheldezaal’. Sinds april 2007 maakt men er kennis met de economie, veiligheid en natuur van de rivier. Het museum steekt dit jaar trouwens een tandje bij voor het ‘Michiel de Ruyter-jaar’. Deze 17de eeuwse Nederlandse zeeheld – bekend als kaper, walvisjager, koopvaarder, en admiraal in diverse oorlogen – werd geboren in het Zeeuwse Vlissingen. In een tijdelijke expositie ‘Visserij ten tijde van de Ruyter’ wil men je in beeld en tekst laten proeven van visserij in Zeeuwse wateren in de 17de eeuw. Tot en met 31 oktober in het Visserijmuseum in Breskens (www.scheldenet.nl/nl/cultuur001/cultuur/musea).


1.7. TOEKOMST ZANDBANK TE HEIST TER TAFEL
Plots was hij er: de nieuwe zandbank in de Baai van Heist. De zandbank ‘Paardenmarkt’ heeft sindsdien al tot veel discussies geleid. Het Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer wil tijdens het seminarie ‘de Zandbank te Heist, een boeiend fenomeen’ een serene discussie op gang trekken over de toekomst van de zandbank. Dit na eerst het publiek kennis te hebben laten maken met de beschikbare kennis over de zandbank en haar evolutie. Hierbij komen zowel juridische, geomorfodynamische, ecologische als beleidsaspecten aan bod. Meer info bij kathy.belpaeme@kustbeheer.be, op 059/34 21 47 of www.kustbeheer.be. Plaats van gebeuren: CC Scharpoord in Knokke-Heist op vrijdag 19 oktober vanaf 13.30 uur. Inschrijven kan nog tot 10 oktober.


1.8. PORT & ENVIRONMENT 2007 CONFERENCE
Samen met de expansieplannen van zeehavens worden vraagtekens gezet bij de impact op de omgeving. Ook hebben de activiteiten binnen het havengebied hun effecten op het milieu. Op de Port & Environment Conference 2007 op 29 en 30 november 2007 in Amsterdam komen issues aan bod zoals: baggeren en baggerlosplaatsen, havenontwikkeling, terminal capaciteit en bunkering, oplossen van opstopping en terminal-planning, lozingen en gevaarlijke cargo, emissies van geluid, uitlaatgassen, stof, etc. Meer info en inschrijvingsformulier op de conference website www.millenniumconferences.com/Confexhi/PTE/PTE2007-intro.htm. Deadline voor het indienen van abstracts is uitgesteld tot 21 september.


2.1. MILIEUTOESTAND VAN ONZE VLAAMSE ZEE- EN  KUSTGEBIEDEN HERBEKEKEN
Het jaarlijkse VMM Milieurapport Mira-T kreeg er sinds 2005 een nieuw hoofdstuk bij over ‘Kust en Zee’. Aan de hand van indicatoren werd een zo ruim mogelijk beeld gegeven van de toestand van onze Vlaamse zee- en kustgebieden. De hoofdlijnen waren dat (1) er in onze wateren nog te weinig vis rest; (2) de gehaltes aan milieugevaarlijke stoffen in sedimenten en biota steeg; (3) operationele olieverontreiniging op zee systematisch afneemt; (4) de  oppervlakte beschermd gebied in de kustzone toeneemt en (5) het zwemwater meestal aan de grenswaarden voldoet, maar slechts in één op vijf gevallen tegemoetkomt aan de strengere normen.

Er werd tevens werk gemaakt van een uitgebreid achtergronddocument ter ondersteuning van de summiere tekst in het gedrukte rapport. In het MIRA rapport van 2006 werd het achtergronddocument geactualiseerd. VLIZ coördineerde, zette de verschillende spelers binnen het mariene onderzoekslandschap aan het werk en bundelde de bijdrages van de 26 auteurs. Het bijgewerkte achtergronddocument is vanaf heden te downloaden via www.milieurapport.be of www.vliz.be/docs/Zeecijfers/AG_KUST&ZEE2006.pdf.


2.2. LUCHTVERVUILING DOOR SCHEPEN IN KAART GEBRACHT
Al enkele jaren zijn er emissienormen van kracht om de milieu-impact van het wegverkeer in te tomen. Nu timmert het internationale beleid ook aan reglementeringen voor de emissies van schepen. In het kader van internationale akkoorden zoals Kyoto zal België in de toekomst nood hebben aan rapporteringmethoden voor scheepsemissies. VITO en Resource Analysis hebben de studie ‘Monitoring programma voor luchtverontreiniging door zeeschepen’ (MOPSEA) in opdracht van Federaal Wetenschapsbeleid. De huidige methodologie, om de uitstoot van zeeschepen binnen het Belgisch rechtsgebied in kaart te brengen, werd naast een nieuw gedetailleerd emissiemodel voor zeeschepen gelegd. Het rapport bundelt tevens alle wetgeving met betrekking tot luchtemissie en internationale rapportageverplichtingen. De onderzoekers vergeleken hun berekeningen met deze uit het verwante project ECOSONOS (‘Emissions from CO2, SO2 and NOX from Ships’ – uitgevoerd door ECOLAS, het Maritiem Instituut en de UCL), wat een aantal aanbevelingen opleverde voor onderzoekers en beleidsmakers. De rapporten van MOPSEA en ECONOS kunnen gedownload of besteld worden via de website van het Federaal Wetenschapsbeleid (www.belspo.be/belspo/home/publ/rappEVnorth_nl.stm).


2.3. HOE INDICATOREN VOOR EEN DUURZAME ONTWIKKELING TOEPASSEN IN EUROPESE KUSTGEBIEDEN?
In navolging van de EU aanbeveling voor het implementeren van een geïntegreerd beheer van kustgebieden werkte het DEDUCE consortium (waartoe ook VLIZ behoort) sinds 2005 aan een gemeenschappelijk kader voor het berekenen, omschrijven en voorstellen van indicatoren voor duurzame ontwikkeling (IDO) in kustgebieden op een ruimtelijke en een temporele schaal. Partners in het Europese DEDUCE project waren Malta, Frankrijk, Spanje, Letland, Polen en België. Voor Vlaanderen waren de Provincie West-Vlaanderen, het Coördinatiepunt Duurzaam Kustbeheer, MD&K-Afdeling Kust, het SAIL partnerschap en VLIZ actief binnen het DEDUCE project.

Het begon in 2004, toen de werkgroep 'EU Working Group on Indicators and Data' van de EU-ICZM expertengroep een set van indicatoren voorstelde die mogelijks konden worden gebruikt voor het opvolgen van de duurzame ontwikkeling van kustgebieden. In het rapport wordt een samenvatting gegeven van de voornaamste bevindingen bij het toepassen in de verschillende landen binnen Europa. Het document kan in papieren vorm opgevraagd worden bij Ann-Katrien Lescrauwaet (annkatrien.lescrauwaet@vliz.be; 059-34 21 46) of gedownload worden vanop de DEDUCE-website (www.deduce.eu).


2.4. EUROPEES BESCHERMDE NATUUR IN VLAANDEREN EN HET BELGISCH DEEL VAN DE NOORDZEE: EEN BIJZONDER FRAAI NASLAGWERK
Een prachtig boek is het geworden, de nieuwste uitgave van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO): ‘Europees beschermde natuur in Vlaanderen en het Belgisch deel van de Noordzee’! In de rijkelijk geïllustreerde, luxe uitgave krijg je een overzicht van alle habitattypes, dier- en plantensoorten die door de Europese vogel- en habitatrichtlijnen preferentieel in bescherming moeten genomen worden. Typische kusthabitats en mariene flora en fauna nemen een belangrijke plaats in het boek,  door de beschrijving van zandbanken, zandplaten en slikwadden, schorren, estuaria en zeekustduinen.

Het grote publiek kan op deze manier zien welke – weliswaar vaak kleine en onder druk staande – natuurpareltjes Vlaanderen nog rijk is. Maar het boek is ook sterk aan te raden en informatief voor beheerders en andere gebruikers van de open ruimte. De door Europa in zeer algemene termen voorgeschreven te beschermen habitattypes, krijgen in dit werk immers een voor Vlaanderen aangepaste invulling en definitie. Ze worden geïllustreerd met enkele mooie voorbeelden. Een naslagwerk dus!


2.5. GEDENKBOEK 30 JAAR NOORDZEE-AQUARIUM IN OOSTENDE
Het Noordzee-aquarium op de Visserskaai in Oostende bestaat 30 jaar! Het gebouw uit 1958 diende oorspronkelijk als Stedelijke Garnaalmijn. In 1977 vond het Noordzee-aquarium er een vaste stek. Talrijke scholen en toeristen kennen het sindsdien als een bonte verzameling vissen en ongewervelden uit onze wateren. Om de verjaardag te vieren, geeft de vzw Vrienden van het Noordzee-aquarium een gedenkboek uit van de hand van Eddy Eneman. Je kan het bekomen aan de balie van het aquarium of op bestelling via noordzeeaquarium@skynet.be of 059-50 08 76.


3.1. VLIZ NORTH SEA AWARD 2007
Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) reikt jaarlijks een wetenschappelijke prijs uit ter aanmoediging van vernieuwend marien onderzoek. Dit onderzoek moet zich toeleggen op het bestuderen van de Noordzee, met nadruk op de Zuidelijke Bocht of het Kanaal. De prijs van 1000 EUR is er voor een onderzoeker (of onderzoeksgroep) die werkt in en afkomstig is uit een land grenzend aan de Noordzee. Het beloont een recent en origineel (fundamenteel of toegepast) wetenschappelijk werk, dat bij voorkeur relevant is voor het duurzaam beheer van de beschouwde regio. Studies die de biodiversiteit van het lokale ecosysteem behandelen zijn ook welkom. De bijdrage moet een postgraduaat of postdoctoraal niveau hebben. Kandidaten kunnen hun dossier indienen tot 16 november 2007. Meer informatie over de procedure is beschikbaar op www.vliz.be/EN/About_VLIZ/VLIZ_North_Sea_Award_EN.


3.2. PAS AFGESTUDEERD? DIEN JE EINDWERK IN VOOR DE VLIZ AANMOEDIGINGSPRIJZEN MARIENE WETENSCHAPPEN 2007!
Ben je dit jaar of vorig jaar afgestudeerd aan de universiteit of heb je een opleiding HOBU lange type gevolgd? Ben je fier op je marien- of kustgerelateerd eindwerk? Stel je dan kandidaat voor de VLIZ Aanmoedigingsprijzen Mariene Wetenschappen! Inschrijven kan nog tot 16 november 2007. Misschien win je wel de prijs van 500 EUR en mag je je werk komen voorstellen op de VLIZ Jongerencontactdag op 29 februari 2008. Jaarlijks worden twee prijzen uitgereikt: één voor een biologische inzending en één voor niet-biologische topics. Zowel fundamentele als toegepaste onderzoeksonderwerpen in alle takken van de mariene wetenschappen komen in aanmerking. Meer informatie over de deelnemingsvoorwaarden vind je op www.vliz.be/NL/Over_het_VLIZ/VLIZ_Aanmoedigingsprijs.


3.3. ONDERZOEKSBEURZEN BIJ ONDERZOEKSCENTRUM VAN DE NATO
Ook dit jaar lanceert het NATO Undersea Resarch Centre (NURC) – één van de drie onderzoeks- en technologiecentra in dienst van de NATO – een oproep voor onderzoeksassistenten. Studenten in opleiding of afgestudeerden met een achtergrond in fysica, wiskunde, oceanografie, ingenieurswetenschappen, signaalverwerking, numerieke modellering, informatiesystemen, communicatie, data analyse en operationeel onderzoek kunnen er aanspraak op maken (deadline: 31/10/2007). Men krijgt de kans om er, onder begeleiding van senior wetenschappers, enkele maanden ervaring op te doen in het laboratorium en/of aan boord van onderzoeksschepen. Alle informatie bij Renaud Flamant (Renaud.Flamant@mil.be of 02-701 60 74) en op www.nurc.nato.int/employment/assistantship.htm.


3.4. ULB OP ZOEK NAAR EEN MARIEN ECOLOGISCH MODELLEUR
Het laboratorium ‘Ecologie des Systèmes Aquatiques’ van de ULB zoekt een gemotiveerde doctoraatsstudent die zich binnen een interdisciplinair team van microbiologen, biogeochemici, wiskundigen, ingenieurs, fysische en ecologische modelleurs en economisten voor vier jaar wil buigen over het traceren en modelleren van natuurlijke en antropogene effecten op de hydrosystemen van het Schelde-estuarium en de aanpalende Noordzee. Dit binnen het federaal onderzoeksproject TIMOTHY. De kandidaat staat in voor het inbouwen van klimaatseffecten in het reeds bestaande marien ecologische model MIRO (die de C, N, P en Si cycli beschrijft voor het door de plaagalg Phaeocystis gedomineerde ecosysteem van de Noordzee) en voor het koppelen aan nieuw te ontwikkelen modellen voor estuaria en rivieren. Masters in de ecologie, biologie, oceanografie en (bio)ingenieurs kunnen solliciteren tot 15 oktober 2007 bij Christiane Lancelot (lancelot@ulb.ac.be).


3.5. NIEUWE ONDERZOEKSLIJN BIJ ILVO-VISSERIJ: MICROPOLLUENTEN IN GRIJZE GARNAAL
ILVO-Visserij in Oostende zoekt een enthousiaste doctoraatsstudent voor het uitbouwen van nieuwe een onderzoekslijn die de impact van micro-polluenten op de grijze garnaal (Crangon crangon) tracht in te schatten. Het werk bestaat uit staalnames, en het ontwikkelen en uitvoeren van chemische analyses naar mogelijks aanwezige micro-polluenten (GC-MS/MS en LC-MS/MS analyses). Daarnaast zijn ook toxiciteittesten gepland voor het ontwikkelen van nieuwe biomerkers op het moleculair-biochemische niveau. De ontwikkelde technieken zullen worden geïmplementeerd in de biomonitoring. Meer info bij Koen Parmentier (koen.parmentier@ilvo.vlaanderen.be of 059-56 98 57)  of op www.ilvo.vlaanderen.be/documents/Doctoraatsvoorstellen_Dier_najaar_2007.pdf


3.6. TWEE VACATURES VOOR STUDIE NAAR DE FLOCCULATIE VAN COHESIEVE SEDIMENTEN
Nieuwe in-situ meettechnieken koppelen aan modelleringstechnieken in de studie naar de flocculatie en effectieve sedimentatiesnelheid van estuariene sedimenten. Spreekt het je aan? Heb je een ingenieursopleiding, bij voorkeur met kennis van biogeochemie en sedimentologie? Interesseer je je sterk voor vloeistofmechanica (CFD)? Misschien ben je dan wel dé geschikte kandidaat voor een van de twee Ph.D. posities binnen het nieuwe onderzoeksproject van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek FWO-Vlaanderen aan de VUB (vakgroep Hydrologie en Waterbouwkunde) of de KULeuven (Burgerlijke bouwkunde – Hydraulica). Details over beide jobomschrijvingen bij Margaret Chen (margaret.chen@vub.ac.be of 02-629 35 48) of bij Erik Toorman (erik.toorman@bwk.kuleuven.be of 016-32 16 59). 


3.7. IFREMER EN INSTITUTE FOR MARINE RESEARCH ZOEKEN POSTDOCS
Het Institute for Marine Research in Tromsø is op zoek naar twee postdocs in de benthische ecologie. Bedoeling is er drie jaar mee te draaien in het multidisciplinaire MAREANO-project (Marine Areal database of Norwegian Seas and Coastal waters – http://www.mareano.no/), en in te staan voor het bemonsteren en karteren van de bodemfauna. Solliciteren vóór 20 september 2007. Meer info en details zijn te verkrijgen bij Jan H. Sundet (jan.h.sundet@imr.no) of Lene Buhl-Mortensen (lenebu@imr.no).

Ook het Franse IFREMER (French Institute for Exploration of the Sea) heeft enkele post-doc beurzen in de mariene wetenschappen veil. Tijdens het academiejaar 2007-2008 kunnen recent gedoctoreerden er voor één jaar werken binnen verschillende onderzoeksdomeinen (www.ifremer.fr/ds/animation_scientifique/bourses/postdoctorales/appel_2007/liste_complete_sujets_postdoc.htm) Solliciteren kan nog tot 19 september. Praktische info op www.ifremer.fr/ds/animation_scientifique/bourses/postdoctorales/index.html


3.8. ROLEX AWARD 2008 VOOR INNOVATIEVE BIJDRAGE AAN MENS EN WETENSCHAP
De Rolex Awards for Enterprise is een internationale prijs met wetenschappelijk karakter. Ze heeft tot doel financiële steun te verlenen aan inventieve personen die projecten indienen welke getuigen van vernieuwing in een van de volgende domeinen: wetenschap, geneeskunde, technologie, innovatie, verkenning en ontdekking, milieu en cultureel erfgoed. Voorwaarde is wel dat de projecten een wezenlijke bijdrage leveren aan het menselijk welzijn en de wetenschap. Met de tweejaarlijkse prijs worden vijf laureaten beloond met USD 100.000 en vijf met USD 50.000.

Voorbeelden alom van mariene of kustgerelateerde projecten die in eerdere edities in de prijzen vielen: het ontwikkelen van een innovatief systeem om botsingen van schepen met walwissen te vermijden (2002); betrekken van het publiek wereldwijd voor de identificatie van individuele walvishaaien door middel van een fotodatabank (2006); ontwikkelen en testen van compacte instrumentjes om het energiegebruik én het gedrag van individuele wilde (ook mariene) dieren te volgen (2006); herintroduceren van een verloren gegane techniek voor het bouwen van houten schepen in Bangladesh (2006); hulp voor de financiering van een expeditie per kayak naar de fjorden en open zee in Patagonië (2006); beschermen van zeegrasvelden en zeekoeien in Thailand (2004); … Zoek je inspiratie? Neem een kijkje op www.rolexawards.com! De Award staat open voor iedereen, zonder leeftijdsbeperking of onderscheid van nationaliteit. Heb je een origineel idee of een nieuw project in gedachten? Wil je een reeds lopend project een financieel duwtje in de rug geven? Aarzel dan niet om vóór 30 september 2007 contact op te nemen met MVG Partners (info@mvgpartners.com of 04-365 75 77).


3.9. TWEE PROFESSORATEN IN KIEL: DRINGENDE OPROEP!
Het Leibniz Institute of Marine Sciences (IFM-GEOMAR) bij de Christian Albrechts University in Kiel is op zoek naar twee professors. Het professoraat ‘biologische oceanografie’ maakt deel uit van de onderzoeksgroep Marien Biogeochemisch Onderzoek en zal starten vanaf mei 2008. Mogelijke onderzoekslijnen zijn microbiële heterotrofe pelagische processen en hun rol in de cyclus van elementen. Naast onderzoek behoort het lesgeven op B.Sc. en M.Sc. niveau in het Engels tot de taken. Men verwacht de kandidaturen tot 15 oktober.

De tweede positie is er voor een professor in de ‘Ecologie van marien nekton’ met ervaring in een of meerdere van de volgende onderzoeksgebieden met focus op het mariene nekton: rol van nekton in het ecosysteem, management en ecosysteemimpact van visserij, evolutionaire ecologie, klimaatswijziging en milieubeheer, ecosysteemfunctie van biodiversiteit. Naast onderzoek wordt de kandidaat ook verwacht les te geven op B.Sc. en M.Sc. niveau. Snel zijn is hier de boodschap: solliciteren kan maar tot 15 september 2007!

Voor meer info over beide jobs kan verkregen worden bij Douglas Wallace (dwallace@ifm-geomar.de) of + 49-(0)431-600 42 00.


4.1. EEN WERELD ZONDER MANGROVES?
Een internationale groep van mangroveonderzoekers, waaronder de VUB onderzoekers Nico Koedam en Farid Dahdouh-Guebas, vragen zich in een open brief in het toptijdschrift Science af waar het naartoe moet met mangrove-ecosystemen wereldwijd. Eens bedekten ze een oppervlakte van meer dan 200.000 km² langs tropische en subtropische kusten, maar de laatste 25 jaar verloren ze – afhankelijk van de schatting – 35 tot 86% van hun areaal wereldwijd. Mangroves verdwijnen met een snelheid van 1 à 2% per jaar. Dit is even snel of sneller dan het verlies aan koraalriffen en regenwouden. Ze worden ontruimd om plaats te maken voor landbouw, aquacultuur, urbanisatie, industrie of afvalstorten of ze hebben indirect te lijden onder de vervuiling en het veranderd landgebruik meer stroomopwaarts. Als soortenarme systemen zijn ze bijzonder fragiel. Mangroves leveren de lokale bevolking heel wat diensten: voedsel, brandhout en medicijnen, tot de bescherming tegen zeespiegelstijging of tsunami’s. Zullen deze diensten volledig wegvallen in pakweg 100 jaar tijd? Meer lezen? Het volledige artikel is beschikbaar via het Open Marien Archief (OMA): www.vliz.be/vmdcdata/imis2/ref.php?refid=111528 .

 
4.2. HET PROCES VAN TOEWIJZING VAN MARIEN BESCHERMDE GEBIEDEN IN BELGIË
De federale wet ‘ter bescherming van het marien milieu’ dateert van 1999. Door deze wet werd het mogelijk om mariene beschermde gebieden (MPA’s – Marine Protected Areas) in Belgische mariene wateren te creëren. De eerste pogingen tot het oprichten van Belgische mariene MPA’s mislukten, vooral door sterke tegenkantingen vanuit publieke en politieke hoek. Pas in 2005-2006 slaagde de pas aangestelde Minister voor de Noordzee erin om verschillende gebieden aan te duiden. Het Maritiem Instituut van de Rechtsfaculteit van de Universiteit Gent analyseerde de processen die voorafgingen aan zowel de mislukte, als de geslaagde pogingen. Nu blijkt dat mislukking vooral toe te schrijven was aan een gebrek aan goed georganiseerde communicatie en medezeggenschap. Het Belgische Noordzeebeleid omvat immers een groot aantal ministers, administraties en instellingen die een vinger in de pap te brokken hebben (‘multi-level bestuur’). Daarnaast spelen ook de internationale engagementen en verplichtingen, zoals o.a. de RAMSAR- en OSPAR-conventies en de Habitat- en Vogelrichtlijn,  een grote rol bij de toewijzing van mariene reservaten. Een complex geheel dus… Een diepgaande, maar informele inspraak bleek uiteindelijk doorslaggevend voor het succesvol toewijzen van MPA’s, niettegenstaande deze communicatie- en inspraakprocedures niet in de wet  opgenomen zijn. Lees de volledige analyse in Cliquet et al. (www.vliz.be/vmdcdata/imis2/imis.php?module=ref&refid=113927).


5.1. ZEEZOOGDIERENNIEUWS BELGISCHE KUST
Vóór de havenmond van Oostende vertoefden in de maand juli twee tuimelaars. Onderzoekers van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) spotten deze speelse dieren ter hoogte van de Oostendebank van op het onderzoeksschip Zeeleeuw. Tuimelaars zijn aan onze kust vrijwel verdwenen sinds de jaren ’60. Maar de laatste jaren zijn er af en toe waarnemingen van solitaire dieren of kleine groepjes. Ze zijn zeer nieuwsgierig en zoeken actief schepen op en vinden menselijk contact duidelijk fijn. Maar af en toe gaat het fout… Later in augustus meldde de zeiler Johan Vermeersch ons dat één van de tuimelaars een grote wonde vertoonde, duidelijk afkomstig van een propeller van een schip (www.mumm.ac.be/NL/Tools/viewimage.php?Pic=Strandings/propeller.jpg). Eind augustus is hetzelfde dier levend teruggezien door de vogeltellers van het INBO. Verder kwamen ze op hun maandelijkse telronde ook een twintigtal bruinvissen tegen in de buurt van de Hinderbanken. Daar namen ze ook een Grijze en een Gewone Zeehond waar. Het moge geen geheim meer zijn dat er ook voor onze kust dolfijnen en zeehonden leven!


5.2. ‘JAAR VAN DE DOLFIJN 2007’-NIEUWS
De activiteiten in het kader van het ‘Jaar van de Dolfijn 2007’ werpen verder hun vruchten af! Na de succesvolle dolfijnenkind-dag in het Dolfinarium Seapark in Brugge eerder deze zomer, lanceert Natuurpunt nu een educatief pakket rond dolfijnen. Scholen kunnen de CD-rom met het lespakket (met werkbladen, video’s, etc.) voor de diverse graden van de lagere school gratis aanvragen (bart.slabbinck@natuurpunt.be). Elke deelnemende school krijgt er het nieuw te verschijnen weetboek voor kinderen ‘Worden dolfijnen ook verliefd?’ bij voor in de schoolbibliotheek, alsook een dolfijnenmagazine voor elke leerling.

Tijdens de ‘Week van de dolfijn’ (10-17 oktober) worden de scholen opgeroepen om activiteiten rond het speciale jaar te organiseren en indien ze dat wensen het Dolfijnenfonds te spijzen. Deelnemende scholen, die geld helpen inzamelen, worden bovendien uitgenodigd op het slotfeest van het ‘Jaar van de Dolfijn’ op 4 november 2007 in het Boudewijnpark in Brugge en maken kans op één van de vele prijzen. Deze gaan van meer boeken tot een echte expeditiedag met de klas op het onderzoeksschip 'de Zeeleeuw'. Meer info op www.jaarvandedolfijn.org.


5.3. RUNDEREN BEGRAZEN ‘HET ZWIN’
Het natuurgebied ‘Het Zwin’ werd in het najaar 2006 aangekocht door de Vlaamse overheid. Sindsdien wordt het gebied beheerd door het Agentschap voor Natuur en Bos. Het slikken- en schorrengebied, met een unieke flora en fauna, is reeds jaren onderhevig aan een sterke verzanding. Het afgraven van aangezande schorren en een uitbreiding van het gebied staan op het programma, en zijn momenteel het voorwerp van een internationale  milieueffectrapportage (MER). Minder gekend is dat de schorren van ‘Het Zwin’ ook last hebben van de overwoekering door Strandkweek. Deze agressieve grassoort verdringt de oorspronkelijke planten. Ze is ook niet aantrekkelijk voor steltlopers en eendachtigen, twee vogelgroepen die op de schorren normaliter hun favoriete pleisterplaatsen zouden moeten aantreffen.

Deze zomer startte men met een begrazingsexperiment met runderen in een 25 ha groot hogergelegen schor. Het kan wat vreemd lijken, maar in Frankrijk en Nederland werden reeds goede resultaten geboekt met begrazing van Strandkweek. Tot voor tientallen jaren werden schorren in Europa trouwens traditioneel begraasd door runderen en schapen, ook in onze streken en zelfs in ‘Het Zwin’. Het vlees van deze dieren, “prés-salés” genoemd, werd alom geprezen door gastronomen voor hun kwaliteitsvlees met een licht zoute smaak…


5.4. NIEUWE INZICHTEN IN HET ONTSTAAN VAN HET KANAAL
Britse geologen werpen met hun pas gepubliceerde onderzoek in het tijdschrift Nature nieuwe inzichten in het ontstaan van het Engels Kanaal, de smalle doorgang tussen Engeland en Frankrijk. Het was al eerder geweten dat de zuidelijke Noordzee 450.000 jaar geleden – tijdens een ijstijd – een soort stuwmeer was geworden. De ijskap kwam toen tot aan het noorden van Nederland en vormde een ondoordringbare muur van ijs die de Noordzee in het noorden afsloot. Afvoer van continentaal rivierwater en smeltwater naar het zuidelijk deel van het Noordzeebekken voedde er een zoetwater stuwmeer, dat werd tegengehouden door een stuwdam van kalksteen tussen Dover en Calais (de Weald-Artois-brug). Achter deze muur stond het Engels Kanaal droog. Je moet weten dat het zeespiegelniveau toen 120 meter lager stond dan nu het geval is.

De stuwdam kon het opgehoopte water niet meer tegenhouden en is uiteindelijk doorgebroken. Een machtige rivierdelta voerde het rivierwater, van wat nu de Thames en Rijn zijn, en smeltwater van de ijskap af naar de oceaan. Ze had haar monding in de Atlantische oceaan ergens tussen Bretagne en Cornwall. Of dit doorbreken van de stuwdam geleidelijk aan gebeurde of het gevolg was van een plotse mega-overstroming… daarover tastten wetenschappers nog steeds in het duister. 

Dr. Gupta en zijn collega’s zijn er alvast van overtuigd dat een catastrofale megavloed de oorzaak was van het plots doorbreken van de kalkstenen muur, ergens tussen de 450.000 en 180.000 jaar geleden. Dit leiden ze af uit hoog resolutie sonar-opnames van de bodem van het Kanaal die nooit geziene details laten zien. In de voormalige rivierbeddingen zijn gestroomlijnde eilanden aanwezig, uitgesleten in een rotsbodem. De doorbraak van de stuwdam zorgde voor een reorganisatie van de rivierafvoer in noordwest Europa en voor  een permanente afscheiding van de Britse eilanden van het continent. Ook kan de plotse,  massieve toevoer van zoetwater aan de Noord-Atlantische oceaan een vertraging van de thermohaliene circulatie tot gevolg hebben gehad, met als resultaat een afkoeling van het klimaat in onze streken. De bevindingen van Gupta et al. kun je nalezen in Nature (www.vliz.be/vmdcdata/Imis2/ref.php?refid=111949).


5.5. DOCTORAATSVERDEDIGINGEN

¬       Op dinsdag 21 augustus 2007 behaalde Ataollah Ebrahimi de academische graad in de wetenschappen, richting biologie aan de Universiteit Gent (Afdeling Terrestrische Ecologie) met het werk: ‘Towards an integrated framework of determining grazing capacity in low-productive, spatially heterogeneous landscapes.’ Proficiat!

¬       Op 26 september 2007 is het de beurt aan Bart Deronde. Hij werkte op het VITO en het Renard Center of Marine Geology (RCMG) van de Universiteit Gent aan het ontwikkelen van nieuwe vliegtuiggebaseerde teledetectietechnieken om de sedimentdynamiek van onze kust in kaart te brengen voor de periode 2000-2006. Place to be? Campus De Sterre, gebouw S8 op 26 september 2007 om 16.00 uur.



DISCLAIMER
VLIZINE heeft als doel informatie te verstrekken. Eventuele standpunten zijn die van de auteurs en stemmen niet noodzakelijk overeen met die van het VLIZ. Het VLIZ is niet verantwoordelijk voor enige schade opgelopen ten gevolge van foutieve of verkeerd geïnterpreteerde informatie in dit e-zine, noch voor de inhoud van websites waarnaar verwezen wordt. Uw adres opgenomen in onze e-zine rondzendlijst wordt niet aan derden doorgegeven zonder uw toestemming en wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.

COPYRIGHT
Copyright © 2007 Vlaams Instituut voor de Zee. Delen uit dit e-zine mogen in andere publicaties worden overgenomen, maar uitsluitend met bronvermelding. Deze publicatie mag wel in haar geheel ter kennismaking worden doorgestuurd naar derden.

LID WORDEN VAN HET VLIZ KAN
Meer info vindt u op onze website.

WEBSITE
http://www.vliz.be

VLIZ
Vlaams Instituut voor de Zee vzw
Flanders Marine Institute
Wandelaarkaai 7, 8400 Oostende, Belgium
Tel.
+32/(0)59 34 21 30
Fax +32/(0)59 34 21 31
http://www.vliz.be