VLIZINE
jrg. 9, nr. 10 (oktober 2008)
Hét e-zine met praktische informatie over onderzoek en beleid door en voor Vlaamse mariene wetenschappers. 
Deze gratis on line uitgave van het Vlaams Instituut voor de Zee vzw verschijnt maandelijks en wordt verspreid onder alle geïnteresseerden.
V.U.: Jan Mees 
Redactie: Nancy Fockedey, Ann-Katrien Lescrauwaet, Jan Haspeslagh en Jan Seys
Reacties naar jan.seys@vliz.be


Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) wil via dit e-zine maandelijks informeren over de eigen activiteiten en die van onderzoeks- en beleidsgroepen in Vlaanderen actief in de mariene en kustgebonden wetenschappen. Alle nuttige informatie van uw kant (zoals vacatures, nieuwe projecten, vraag voor samenwerking, interessante symposia, etc.) wordt graag ingewacht om in het eerstvolgende VLIZINE te worden opgenomen. Archieven van dit e-zine zijn raadpleegbaar via deze link.


Door het stijgend aantal leden op deze mailing lijst werd besloten de inschrijving van nieuwe abonnees anders te organiseren. Zo gebeurt het inschrijven nu automatisch door een (leeg) mailtje te sturen naar vlizine-subscribe@vliz.be. Je ontvangt vervolgens een mail, waarop je simpelweg moet antwoorden door op de reply-knop te klikken. Als je ten slotte de bevestigingsmail toegestuurd krijgt, wil dit zeggen dat je inschrijving goed is verlopen. Uitschrijven op VLIZINE kan door een leeg mailtje te sturen naar vlizine-unsubscribe@vliz.be. De e-mailadressen van mensen die al eerder de VLIZINE toegestuurd kregen, hebben we overgezet naar het nieuwe systeem. Voor hen verandert dus niets. We verzekeren nogmaals dat je e-mailadres enkel gebruikt zal worden voor het verspreiden van deze elektronische nieuwsbrief. Aarzel niet bovenstaande info door te spelen aan andere geïnteresseerden!



1. Kalender

1.1. De wetenschap achter het geïntegreerd kustzonebeheer
1.2. Crisis in de visserij: keert klimaat het tij?
1.3. Maritieme veiligheid: een seminarie
1.4. Vorming voor kustgidsen en zeeanimatoren
1.5. ASLO meeting in Nice: a cruise through ‘nice’ waters
1.6. De Schelde opvolgen op lange termijn
1.7. Bundeling klimaatstudies wereldwijd
1.8. Noordzeeavond over natuur & visserij
1.9. Blue biotechnology op wereldcongres

2. Publicaties
2.1. MPA’s wereldwijd zichtbaar gemaakt op Google Earth
2.2. Toekomstplan Oosteroever Oostende
2.3. Hoe moet het Europees marien observatienetwerk eruitzien?
2.4. Nieuwe natuur in de Provincie Zeeland

3. Vacatures, beurzen en fondsen
3.1. VLIZ zoekt informatiebeheerder mét zeewetenschappelijke achtergrond
3.2. ILVO-Visserij werft drie wetenschappers aan
3.3. Schipper gezocht voor wetenschappelijke visserijcampagnes
3.4. Doctoraatsonderzoek aan het NIOZ
3.5. Postdoc voor Census of Marine Life in San Diego
3.6. NURC zoekt ontwikkelaar van een ‘operational decision support’

3.7. Marine Board Secretariaat zoekt ‘executive scientific secretary – head of unit’

4. Belgisch marien onderzoek in de kijker
4.1. Abbé Mann
4.2. Gentse onderzoeksgroep voert test uit met golfenergie-installaties

5. Varia
5.1. Diepzeekoraalriffen krijgen hun voedsel van het zeeoppervlak
5.2. Naam nieuwe soort te koop!
5.3. Methaanlekken in de Arctische oceaanbodem
5.4. De hoogste, de laagste, de diepste, de snelste, de traagste, de oudste...
5.5. Zee(zoog)dierennieuws
5.6. Doctoraatsverdedigingen


1. Kalender
1.1. De wetenschap achter het geïntegreerd kustzonebeheer

Dit jaar organiseert de universiteit van Luik al voor de 41ste keer het ‘Internationale Colloquium on Ocean Dynamics’. Deze keer wordt de nadruk gelegd op de wetenschappelijke vorderingen inzake geïntegreerd kustzonebeheer (ICZM). Welke middelen en technieken bestaan er om het hoogdynamische kustwater te begrijpen? Hoe kunnen vervuiling en ongevallen voorkomen en opgelost worden? Hoe gaan we om met de geomorfologische veranderingen op lange termijn? En wat met de effecten van klimaatwijziging? Is een experimentele aanpak best aangewezen bij de studie van de kust of zijn modellen efficiënter om verdere ontwikkelingen op te volgen? Of kunnen beide aanvullend werken? Deze en andere vragen zullen ter discussie staan op het interdisciplinaire colloquium tussen 4 en 8 mei 2009. Hoe je kunt inschrijven en/of een abstract indienen voor een presentatie (nog tot 31 december 2008) vind je op: http://modb.oce.ulg.ac.be/colloquium/.


1.2. Crisis in de visserij: keert klimaat het tij?
Verschillende sectoren hebben sterk te lijden onder de hoge brandstofprijzen, zo ook de Belgische visserij. Lage visprijzen en strenge reglementeringen verminderen de leefbaarheid van de visserijsector. Daarbovenop komen de effecten van de klimaatverandering: de dichtheden en de verspreiding van verschillende commerciële visstocks veranderen, zuidelijke visstocks breiden hun leefgebied in onze contreien uit, het aantal zware stormen neemt mogelijk toe en de stromingspatronen wijzigen.
Wat valt te verwachten op korte, middellange en lange termijn voor de Belgische vissers? Hoe kan de sector zich wapenen tegen de negatieve gevolgen van de klimaatverandering? Zijn er ook positieve kanten aan? Kortom, welke aanpassingen kunnen ervoor zorgen dat de Belgische vissers weer kunnen opkijken naar een stabiele en duurzame toekomst? Op 9 december organiseert ILVO-Visserij in Oostende een informatiedag over het thema. Alle geïnteresseerden, in het bijzonder diegenen actief in de visserijsector, zijn welkom. Deelname is gratis, maar inschrijving is gewenst vóór 2 december. Dit kan telefonisch (059-56 98 40) per e-mail (els.vanderperren@ilvo.vlaanderen.be) of via de website van het CLIMAR project (www.arcadisgedas.be/climar).


1.3. Maritieme veiligheid: een seminarie
Gedurende drie jaar hebben zes Europese partners, waaronder het Maritiem Opleidingscentrum VDAB in Zeebrugge, gewerkt rond meer veiligheid op zee binnen het project MARTINS (Maritime Training in Safety). Ze analyseerden de gebeurde ongevallen en aanvaringen op zee, deden voorstellen om de verschillende vaarreglementen beter op elkaar af te stemmen, ontwikkelden opleidingen voor professionele zeevarenden om de risico’s bij het werken aan boord of offshore installaties te verminderen en organiseerden sensibilisatiecampagnes voor de recreatievaart en het grote publiek.
Nu het project naar zijn einde loopt is er op 8 en 9 december een tweedaags seminarie gepland in het Maritiem Instituut Michiel De Ruyter in Vlissingen. Voor maritieme professionelen en de lokale, nationale en Europese verantwoordelijken is een programma voorzien met een rondetafel over de toepassing van hun bevindingen in het blauwboek voor het Europese Mariene Beleid. Ook zijn er twee ateliers gepland over de risico’s van het varen in estuaria en het varen in de buurt van windmolenparken. Parallel worden trainingen voorzien om de (toekomstige) recreatieve zeevarenden en het grote publiek te sensibiliseren voor een grotere zorg voor het mariene milieu. Meer info over het project en de resultaten vind je op www.martinsproject.eu. Meer informatie over het tweedaagse seminarie is te verkrijgen bij NAUSICAA via projects@nausicaa.fr, of bij het Maritiem Instituut Michiel De Ruyter via informatie@deruyter-mi.nl.


1.4. Vorming voor kustgidsen en zeeanimatoren
Op 27 november, 4 december en 13 december 2008 kunnen zeeanimatoren en natuurgidsen terecht in Oostende voor vorming over klimaat en exoten. De jaarlijkse ‘De Zee op de korrel’ is een voorbereiding op de Week van de Zee, die in 2009 gepland is van 24 april tot 10 mei. Bij de provinciale steunpunten NME-Kust kan je bijkomende informatie verkrijgen en/of inschrijven: claude.willaert@west-vlaanderen.be of leo.declercq@west-vlaanderen.be
Bij het Vogelopvangcentrum (VOC) in Oostende voelen ze de winter naderen. Dan is het steeds bang afwachten hoeveel olievogels er weer zullen binnen komen. Wie wil helpen bij het nemen van bloedstalen, het bepalen van voedingsschema’s, het voorbereiden op het wassen, etc. kan best de opleiding ‘verzorging olieslachtoffers’ volgen. Op zondag 16 november 2008 wordt les gegeven over de verschillende soorten olie, de effecten van olie op zeevogels, het behandelingsprotocol en de secundaire problemen. Op zondag 23 november kan je zelf de handen uit de mouwen steken en oefenen op de intake, het sonderen, het voederen en vangen van vogels. Inschrijven kan tot 7 november, maar hou er rekening mee dat het aantal plaatsen beperkt is. Zie www.vogelopvangcentrum.be/oostende/nieuws.php?p=show&id=379 voor meer info.
Op zaterdag 13 december worden alle gidsen actief aan de Vlaamse kust uitgenodigd op
de InnovOcean site (Wandelaarkaai 7 in Oostende) voor de Gidsendag. Op dit initiatief zijn zowel de havengidsen, de toeristische gidsen als de natuurgidsen welkom. Bedoeling van deze trefdag is om hen dichter bij elkaar te brengen en hen een algemeen overzicht te geven van het gidsenlandschap aan de Vlaamse kust. Verder wordt met praktijkvoorbeelden aangeleerd om uit de eigen vakjes ‘natuur/milieu’, ‘erfgoed’, ‘haven’, ‘stad’, ‘toerisme’ te treden en te streven naar een meer geïntegreerde kustgidsbeurt. Lees meer op: www.vliz.be/nl/infoloket/gidsendag.


1.5. ASLO meeting in Nice: a cruise through ‘nice’ waters
De ‘American Society of Limnology & Oceanography’ (ASLO) nodigt wetenschappers, actief in het onderzoek van het mariene en zoetwatermilieu, uit op zijn internationale meeting in Nice (25-30 januari 2009). Het congres wil een levendige interdisciplinaire discussie aangaan over een breed gamma van onderwerpen: biogeochemische implicaties van veranderingen in oceaanstratificatie, duurzaam beheer van watertekorten, ecosysteemfunctie van biodiversiteit in aquatische milieus en de toekomst van geo(bio)engineering in aquatische systemen. De topic van de dag wordt telkens ingeleid door twee sprekers met controversiële of complementaire standpunten. Alle info op www.aslo.org/meetings/nice2009.


1.6. De Schelde opvolgen op lange termijn
In 1999 hebben de Vlaamse en de Nederlandse overheid resoluut gekozen voor een langetermijnvisie (LTV) voor het Schelde-estuarium. Streefbeeld hierbij is om tegen 2030 van de Schelde een gezond en multifunctioneel estuarien watersysteem te maken, dat op duurzame wijze gebruikt kan worden voor menselijke behoeften. Hiertoe werd vanaf 2003 geïnvesteerd in het ‘langlopend monitorings- en onderzoeksprogramma ter ondersteuning van de grensoverschrijdende samenwerking bij beleid en beheer’ (LTV O&M).
Op 11 december krijgen geïnteresseerden (uit het beleid en beheer, maatschappelijke belangengroepen en het onderzoek) een overzicht van de studies die de laatste jaren werden uitgevoerd. Eveneens wordt toegelicht hoe de Vlaams-Nederlandse organisatiestructuur voor onderzoek en monitoring in elkaar steekt en welke veranderingen hierin verwacht worden om de samenwerking tussen de landen te verbeteren. Afspraak: Hof Van Liere te Antwerpen, van 10.00 tot 18.00 uur. Alle informatie over de studiedag LTV O&M Schelde-estuarium is te verkrijgen bij Kenneth Verbraeken (kenneth.verbraeken@mow.vlaanderen.be of 03-222 08 06).


1.7. Bundeling klimaatstudies wereldwijd
Denemarken is eind 2009 gastheer voor de UN Klimaatconferentie; de zogenaamde COP15. Ter voorbereiding van dit evenement wil de universitaire wereld, op initiatief van de IARU (International Alliance of Research Universities), de enorme hoeveelheid recente wetenschappelijke kennis bundelen over dit thema. Daarbij staan de verklaring van het fenomeen, het afremmen van veranderingen als het aanpassen aan een wijzigend klimaat in de kijker. En natuurlijk komt hierin ook het zee-, kust- en oceaanonderzoek aan bod. Het voorbereidende wetenschappelijke congres ‘Climate Change: Global Risks, Challenges and Decisions’ gaat door van 10 tot 12 maart 2009 in Kopenhagen, Denemarken. Alle wetenschappelijke bevindingen zullen te boek gesteld worden. Programma en inschrijving via www.climatecongress.ku.dk.


1.8. Noordzeeavond over natuur & visserij
De Noordzee is ons grootste natuurgebied, met een grote soortenrijkdom en een enorme productiviteit. Dezelfde zee wordt ook intensief gebruikt voor scheepvaart, zandwinning, baggerwerken, recreatie, militaire oefeningen en bodemvisserij. De Noordzee is hierdoor niet meer zoals zij ooit was: vol met vis, met een gevarieerde bodem mét banken van inheemse oester en een rijk zeeleven. Toch zijn er nog gebieden met unieke natuurwaarden te vinden, die bescherming verdienen. Maar ook de visserij verkeert in een crisis. Ook zij dient verzekerd te worden van een duurzame toekomst. Deze twee uitdagingen zijn niet tegengesteld. Kiezen voor natuur én visserij is perfect mogelijk. Natuurpunt, Bond Beter Leefmilieu en WWF bundelden de recente wetenschappelijke bevindingen in een rapport over de win-win van natuur én duurzame visserij op de Noordzee. De publicatie ‘Visserij en natuurgebieden op zee’ wordt voorgesteld op 14 november (20.00 uur) in het Staf Versluys-centrum in Bredene. Info op www.natuurpuntwestkust.be.


1.9. Blue biotechnology op wereldcongres
Van 5 tot 7 april organiseert BIT Life Sciences voor de tweede keer het wereldcongres voor industriële biotechnologie in Seoul (Zuid-Korea). Deelnemers van universiteiten, biotechnologiebedrijven en beleidmakers zijn er welkom om de nieuwste wetenschappelijke bevindingen, trends, producten en technieken in de industriële biotechnologie te bediscussiëren. In 26 parallelle sessies wordt dieper ingegaan op het centrale thema ‘Innovative Biotechnology for Sustainable Bio-economy’.
Eén van deze sessies is volledig gewijd aan de mariene industriële biotechnologie. Ben je actief in de mariene moleculaire biologie, microbiologie, ‘functional genomics & bioengineering’, ziektecontrole in de aquacultuur, herstellen van mariene pollutie d.m.v. organismen, mariene bioactieve stoffen en bioproducten in de gezondheidszorg, mariene nanobiotechnologie en biomaterialen, mariene bio-energie en hernieuwbare energie? Dan is dit forum misschien wel iets voor jou. Deadline voor het indienen van een abstract is 15 november 2008. Details over de mariene sessie zijn te vinden op http://www.bit-ibio.com/track_6.asp.


2. Publicaties
2.1. MPA’s wereldwijd zichtbaar gemaakt op Google Earth
Alle 4000 mariene beschermde gebieden (MPA’s) wereldwijd zijn nu zichtbaar gemaakt via Google Earth. Je moet er alleen de ‘MPA-layer’ voor downloaden binnen het programma. Hoe je dat doet wordt je uitgelegd via http://earth.google.com/outreach/kml_entry.html#tMarine%20Protected%20Areas. Voor wie meer achtergrond wil over MPA’s ontwikkelde PISCO eerder al de brochure ‘The Science of Marine Reserves’ en educatieve filmpjes (www.piscoweb.org/outreach/pubs/reserves). Extra informatie over mariene reservaten is tevens interactief beschikbaar gemaakt via het mariene webportaal van de IUCN-WCPA Marine: www.protectplanetocean.org (en klik op ‘see results’).


2.2. Toekomstplan Oosteroever Oostende
Op een boogscheut van het populaire Klein Strand ligt, gescheiden door de vaargeul, het onbekendste stukje Oostende: de Oosteroever. Gelukkig komt hier de laatste jaren verandering in. Het VLIZ vormde de trekker van een heuse maritieme cluster (InnovOcean), C-Power bouwt er de sokkels voor het eerste Belgische windmolenpark op zee, het Militair Hospitaal krijgt als woongebied een tweede leven, etc.
Op woensdag 17 september laatstleden werd – in aanwezigheid van Vlaams minister-president Peeters – het toekomstplan voor de kustzone van de Oostendse Oosteroever voorgesteld. Een brede coalitie aan partners zet onder impuls van de vzw Buitengoed haar schouders onder een gemeenschappelijk project om dit stukje Oostende te transformeren in een attractief stadsdeel waar ‘de Noordzee’ centraal staat. Mogelijke blikvangers worden een nieuw bezoekerscentrum rond de Noordzee (op een steenworp van het VLIZ), de opstart van een museumhaven, de inrichting van een duinengebied en diverse bunkersites. Volg de ontwikkelingen op de voet via www.oostendeoosteroever.be.


2.3. Hoe moet het Europees marien observatienetwerk eruitzien?
Om het nieuwe integrale mariene Europese beleid goed te laten verlopen, zijn veel betrouwbare meetgegevens nodig. Ook de toegankelijkheid tot de gegevens en de ermee gelinkte informatie verdient de nodige aandacht. Een marien observatie- en informatiesysteem op Europees niveau is dan ook essentieel. Een groep experten beraadde zich over hoe dit Europese mariene observatie- en datanetwerk (EMODNET) er nu juist moet uit gaan zien in de komende 5 à 10 jaar. Hun denkwerk resulteerde in een visionair rapport dat te downloaden is vanop de site van de Marine Board: www.esf.org/marineboard/publications. Wie een papieren kopie wenst toegestuurd te krijgen, neemt best contact op met marineboard@esf.org.


2.4. Nieuwe natuur in de Provincie Zeeland
De provincie Zeeland staat voor de opgave om minimaal 600 hectare nieuwe estuariene Schelde-natuur te realiseren, waarmee bedoeld wordt ‘natuur onder invloed van het getij’. Geen gemakkelijke opgave want een dergelijke natuurontwikkeling betekent land teruggeven aan het zilte water. Begin 2008 stelde Provincie Zeeland daarom het 'Spoorboekje Middengebied' op, een alternatief onderzoekspakket met kansrijke projecten voor natuurherstel in het Middengebied van de Westerschelde. De afgelopen maanden zijn studies uitgevoerd naar de ecologische opbrengst en de uitvoerbaarheid van deze projecten. De onderzoeksresultaten zijn te lezen op: http://provincie.zeeland.nl/milieu_natuur/Westerschelde.


3. Vacatures, beurzen en fondsen
3.1. VLIZ zoekt informatiebeheerder mét zeewetenschappelijke achtergrond
De zeebibliotheek van het Vlaams Instituut voor de Zee profileert zich als de voornaamste Vlaamse beheerder van marien-wetenschappelijke informatie. Binnen Vlaanderen en internationaal is het dé aan te spreken instelling en hét knooppunt voor alle informatie over mariene onderwerpen. We zoeken voor onmiddellijke indiensttreding een informatiebeheerder voor de bibliotheek. Het gaat om een leidinggevende functie met grote autonomie binnen het VLIZ, maar met nauwe interactie met en sturing door de directeur, het datacentrum en de cellen communicatie en cijfers&beleid. Meer informatie en hoe solliciteren (vóór 15 november) vind je terug op www.vliz.be/NL/Home&id=375.


3.2. ILVO-Visserij werft drie wetenschappers aan
Het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO-Visserij) in Oostende zoekt een visserijbioloog voor het opzetten, uitvoeren en aansturen van (toegepast) wetenschappelijk onderzoek binnen de groep visserijbiologie van het instituut. Bedoeling van dit onderzoek is om relevante informatie, adviezen of producten aan te reiken voor de beleidsvoorbereiding, -uitvoering en beslissingen. Men zoekt een licentiaat, master, (bio-)ingenieur of een dr. in de wetenschappen, de bio-ingenieurswetenschappen of toegepaste ingenieurswetenschappen of een gelijkwaardig diploma met grondige kennis in het vakgebied en minstens 4 jaar ervaring. Solliciteren kan nog tot 10 november. Meer info is te vinden op: www.ilvo.vlaanderen.be/documents/Vac_VO_2008_086_Dier.pdf  of via de wetenschappelijk directeur Kris Cooreman (059-56 98 20; kris.cooreman@ilvo.vlaanderen.be).
Daarnaast wordt ook dringend gezocht naar twee wetenschappelijke medewerkers binnen de groep Biologisch Milieuonderzoek. Deze groep onderzoekt de biodiversiteit van mariene organismen op zachte en harde substraten en de impact van menselijke activiteiten op die biodiversiteit. Solliciteren vόόr 14 november. Meer info bij
Kris Hostens (059-56 98 48 of kris.hostens@ilvo.vlaanderen.be) of op www.ilvo.vlaanderen.be/documents/Vac_EV_2008_018.pdf en www.ilvo.vlaanderen.be/documents/Vac_EV_2008_019.pdf.


3.3. Schipper gezocht voor wetenschappelijke visserijcampagnes
Binnen ILVO-Visserij, doet de groep Biologisch Milieuonderzoek onderzoek naar de effecten van menselijke activiteiten (zoals zandwinning, windmolens, baggeren, visserij) op het bodemleven van het Belgische deel van de Noordzee. Elk jaar worden twee campagnes uitgevoerd met het onderzoeksschip ‘Belgica’, waarbij o.a. wetenschappelijke stalen worden genomen met een boomkor. Er wordt een schipper gezocht voor ondersteuning bij de uitvoering van deze staalnames: bv. voor de bediening van de lier, het houden van overzicht van de activiteiten aan dek, de controle en het herstel van de boomkornetten, het mee sorteren van de vangst, enz. Concreet zal er beroep worden gedaan op de schipper gedurende 3 weken in de periode februari-maart en 3 weken in de periode september-oktober. Er is een verloning voorzien per werkdag. Kandidaten dienen in het bezit te zijn van een schippersdiploma, ervaring te hebben binnen de visserijsector en al dan niet gepensioneerd te zijn. Het is essentieel dat de kandidaten beschikbaar zijn voor de duur van beide campagnes (in totaal 6 weken per jaar). Kennis van en interesse in zeevissen en andere bodemdieren is een belangrijk pluspunt. Kandidaten dienen zich vóór 15 december aan te melden bij Kris Hostens (Kris.Hostens@ilvo.vlaanderen.be; 059-56 94 84 of 0474-45 36 18).

3.4. Doctoraatsonderzoek aan Nederlandse onderzoeksinstellingen
Aan het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ) op Texel en het Centrum voor Estuariene en Mariene Ecologie (NIOO-CEME) in Yerseke heeft men een zevental vacatures openstaan voor doctoraatsstudenten m.b.t. (1) de trofische relaties binnen de intertidale en subtidale visfauna van de Waddenzee; (2) hoe de fosforbeschikbaarheid de productiviteit en de samenstelling van het fytoplankton en microfytobenthos beïnvloedt in de Waddenzee; (3) de rol van specifieke lipiden als sleutelspelers in de stikstofcyclus van het Nederlands deel van de Noordzee en de Waddenzee; (4) de microbiële gemeenschap binnen de stikstofcyclus in de Waddenzee en de expressie van de functionele genen in sleutelprocessen; en (5) de numerieke modellering van de stikstofcyclus in de Waddenzee. Neem snel een kijkje op www.nioz.nl/nioz_nl/fac8ba7ed07a9466b89a21d70baed6c6.php en www.nioo.knaw.nl/JOBS/indexNL.htm . Solliciteren kan voor de meeste posities nog tot 15 november; voor andere geldt een deadline van 1 december.


3.5. Postdoc voor Census of Marine Life in San Diego
Doctors in de mariene ecologie mét ervaring in statistische analyse van grote datasets kunnen solliciteren voor een postdoc positie aan het San Diego Supercomputer Centre. De kandidaat kan er onmiddellijk aan de slag voor het Scripps Institution of Oceanography. De opdracht betreft een diepzee-biodiversiteitsanalyse van een globale dataset. De vacature blijft openstaan tot een geschikte kandidaat gevonden wordt. Meer details op te vragen bij Karen Stocks (kstocks@sdsc.edu).


3.6. NURC zoekt ontwikkelaar van een ‘operational decision support’
Het onderzoekstation NURC van de NATO in Italië, gespecialiseerd in onderwateronderzoek en -technologie, zoekt een wetenschapper voor het ontwikkelen van een ‘operational decision support’. De kandidaat met wetenschappelijke opleiding (Master in de geografie, oceanografie, computerwetenschappen, …) moet relevante IT-ervaring hebben (o.a. in ‘object-oriented languages’, ‘software engineering tools’, ‘case-based reasoning’, ‘expert systems’ of ‘neural networks’). Meer over deze en andere jobs binnen NURC op: www.nurc.nato.int/employment/vacancies.htm.


3.7. Marine Board Secretariaat zoekt ‘executive scientific secretary – head of unit’
De European Science Foundation (ESF) is hét platform ter promotie van Europees onderzoek. Sinds 1995 is de Marine Board binnen ESF het specifieke zeeforum van een 30-tal Europese instellingen uit 20 Europese landen, zowel onderzoeksfinancierende instellingen als de grote wetenschapsinstituten. Doel is om de dialoog en samenwerking binnen de mariene onderzoekswereld te bevorderen en de prioriteiten vast te leggen voor het mariene onderzoek en technologische investeringen. De Marine Board heeft een uitvoerend secretariaat in Oostende met een 5-tal personeelsleden. Daar is de positie van de wetenschappelijke secretaris (m/v) open verklaard. Ervaren doctors in de mariene wetenschappen met een brede kijk op zeewetenschappelijk onderzoek kunnen hun dossiers indienen tot 12 december. Meer gedetailleerde informatie over de jobvereisten zijn terug te vinden op www.vliz.be/NL/Home&id=383.


4. Belgisch marien onderzoek in de kijker
4.1. Abbé Mann
Wanneer in 1772 de Académie impériale de Bruxelles gesticht wordt, is één van de eerste medewerkers van dit geleerd genootschap het wat vreemde heerschap Abbé Mann. Hij kan beschouwd worden als de eerste mariene wetenschapper van ons land. Théodore Augustine Mann werd in Yorkshire geboren in 1735. Zijn vader stuurde hem tegen zijn zin naar Londen om rechten te studeren, waarna hij wegliep naar Parijs en zich bekeerde tot de katholieke kerk. Bij het uitbreken van een oorlog met Spanje in 1756 vluchtte Mann naar Barcelona. Hij schreef zich in aan de militaire academie en werd al vlug genieofficier. Twee jaar later vinden we hem terug als inwoner van het Kartuizerklooster in Nieuwpoort, waar hij priester werd in 1760. In de vier hierop volgende jaren legde hij zich toe op de intense zelfstudie van de natuurwetenschappen, wiskunde en talen. Hij schopte het in 1764 zelfs tot prior. In het volgend decennium publiceerde hij enorm veel en werd zo een gerespecteerd onderzoeker.
Het werk aan de Académie impériale slorpt hem vanaf 1772 zodanig op, dat hij in 1775 vraagt om uit de kloosterorde gezet te worden, wat in 1777 dan ook gebeurt. De Britse regering, het bestuur van Québec, de graaf van Brabant, Maria-Theresia van Oostenrijk en de Staten-Generaal van de Nederlanden dingen allen naar zijn gunsten als adviseur of regeringslid. Mann’s expertise wordt gebruikt in allerlei studies met betrekking tot het bouwen van havens en kanalen, de landbouw en visserij, de demografie en het onderwijs. De invasies van Napoleon maken uiteindelijk een vroegtijdig einde aan zijn internationale carrière. In 1794 moet hij Brussel ontvluchten en overleeft in Praag door er een antiekzaak open te houden. De rest van zijn leven spendeert hij daar aan het schrijven van geschiedeniswerken en studies over wiskunde en fysica.
Tussen 1777 en 1788 heeft Théodore Mann een uitzonderlijke lijst artikels gepubliceerd waarin voor de eerste keer onze Vlaamse kust en vele aspecten van de Noordzee uitvoerig beschreven en bestudeerd werden. Vele hiervan zijn beschikbaar in de VLIZ bibliotheek: www.vliz.be/imis/imis.php?module=reflist&show=search&persid=9460. Uit de titels blijkt dat Abbé Mann multidisciplinair dacht en werkte. Zijn werk zou 70 jaar later weer opgepikt en intensief herwerkt worden door Pierre-Joseph Van Beneden, het beste bewijs van de waarde van Théodore Mann’s studies.


4.2. Gentse onderzoeksgroep voert test uit met golfenergie-installaties
De Afdeling Weg- en Waterbouwkunde en de onderzoeksgroep 'Mechanica van Materialen' van de faculteit Ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent voerden onlangs spectaculaire outdoortesten uit op de Watersportbaan in Gent. Twee vlottende constructies van 1,75 m hoog en met een diameter van 1,75 m werden vanop verschillende hoogten in het water van de watersportbaan in Gent gedropt. Deze energieconvertoren bestaan uit meerdere eivormige vlotters opgehangen in een platform. Door het op en neer bewegen van deze vlotters ten opzichte van het platform wordt energie opgewekt. De constructies luisteren naar de naam FO³ en zijn ontwikkeld om elektriciteit te leveren op zee aan een vergelijkbare kost als windenergie. 
De Gentse onderzoeksgroepen werken met verschillende nationale en internationale partners samen om het originele concept te optimaliseren. Hun taak bestaat hoofdzakelijk uit het sleutelen aan de vorm van de vlotters, het bestuderen van de sterkte van de vlotters in composietmateriaal, en het ontwerpen van een optimale opstelling van meerdere FO³-convertoren. Tijdens de outdoortesten ('slamming-tests' en 'drop-bottom tests') werd de vervorming van en de impact op de vlotter opgemeten bij het in het water vallen van op een hoogte tussen 1 à 5 m. Deze proeven simuleren de impact van zeer grote golven tijdens een storm. De vlotters werden door Spiromatic (een KMO uit Nazareth, gespecialiseerd in het vervaardigen van composietsilo’s) ontwikkeld. 


5. Varia
5.1. Diepzeekoraalriffen krijgen hun voedsel van het zeeoppervlak
Als je in het midden van de Atlantische Oceaan met een duikboot afdaalt naar achthonderd meter diepte, waar het altijd ijskoud en pikdonker is, dan kun je op de toppen van het heuvellandschap grote koraalriffen zien. Het Nederlandse instituut NIOZ deed onderzoek naar de ontstaansgeschiedenis van deze onbekende koudwaterbroertjes van tropische koralen in het gebied ten westen van Ierland. Een jaar lang plantte men verschillende bodemlanders in de buurt van de heuvels en liet men ze omgevingsfactoren noteren. De koudwaterkoralen Lophelia pertusa en Madrepora oculata blijken vooral voor te komen op die heuveltoppen waar de stroomsnelheid hoog is. De stroming komt er door sterke interne golven, veroorzaakt door de getijstroming. Ze leidt tot een sterke verticale menging van het oceaanwater. Zo ontstaat een ‘snelweg voor algen en dierlijk plankton’ uit de voedselrijke, door de zon beschenen zone aan het zeeoppervlak naar de diepe, donkere lagen rond de 380 meter hoge toppen van de heuvels.
Om het ontstaan en de opbouw van de kalkheuvels te kunnen begrijpen, werden met een piston vanaf onderzoeksschepen cores tot 4,5 meter lange boorkernen genomen, die vervolgens in dunne plakjes werden gesneden. De onderzochte lagen bleken tot 200.000 jaar oud. Klimaatveranderingen blijken in de loop der tijd veel invloed gehad te hebben op de groei van koralen en de ontwikkeling van de kalkheuvels. Tijdens ijstijden stopten de koralen met groeien. De huidige opwarming van de aarde en de daarmee gepaard gaande verzuring van het oceaanwater vormen echter ook een gevaar: de organismen kunnen in een zuurder wordende zee minder snel kalk afzetten. Dit geldt zowel voor de koralen zelf als voor sommige algensoorten die hen tot voedsel dienen. Andere activiteiten op de zeebodem die de koraalriffen zouden kunnen beschadigen, zijn de offshore industrie en de bodemvisserij. Een aantal Europese gebieden met koudwaterkoraalriffen genieten gelukkig al een beschermde status.


5.2. Naam nieuwe soort te koop!
Elk jaar ontdekken mariene wetenschappers nieuwe soorten, zo ook in de zeeën en oceanen. Een nieuw ontdekt organisme, of het nu een bacterie, een dier of een plant is, krijgt bij het beschrijven ervan een tweedelige naam. Vaak is deze wetenschappelijke naam de ‘verlatijnsing’ van één van de opmerkelijke kenmerken van het organisme, maar kan ze evengoed slaan op de plaats van ontdekking, de naam van de ontdekker of iemand die hem/haar nauw aan het hart ligt. Zo is er bv. aasgarnaal Mesopodopsis slabberi in 1860 beschreven door de Belgische wetenschapper Van Beneden naar de ontdekker de heer Slabber; of is de in 1981 beschreven platworm Archimonocelis oostendensis genoemd naar de plaats waar hij voor het eerst aangetroffen werd.
Toch zijn beschrijvende taxonomen vaak uitgeput in het uitvinden van nieuwe namen. Het Scripps Institution of Oceanography aan de Universiteit van San Diego heeft er iets op gevonden. Je kan als particulier of bedrijf een bod doen om jouw naam te verbinden aan de nieuwe ontdekking. Zo bestaat er een kokerworm met de soortsnaam goodhartzorum, naar de donor Jeff Goodhartz; een vrijgezel zonder kinderen die zijn naam op deze manier zag vereeuwigd zien. Over de genusnaam, het eerste deel van de wetenschappelijke naam, zijn de ontdekkers het nog niet eens. Daarvoor moeten ze de verwantschap met bestaande soorten nog wat beter bestuderen.
 Maar een ‘writer’s block’ bij het beschrijven van nieuwe soorten is niet de enige reden waarom het Scripps op zoek gaat naar donoren. De extra sponsoring is zeker ook welkom nadat het budget voor het opbouwen en onderhouden van de collectie mariene organismen de laatste jaren ernstig is teruggeschroefd. Je kan al een soortsnaam ‘kopen’ vanaf 5.000 USD. De sponsor ontvangt, naast de eeuwige roem in de wetenschappelijke wereld, ook een kader met daarin een foto van het organisme en een kopij van het artikel waarin het voor het eerst beschreven is. Misschien een idee om het beschrijvend onderzoek in Vlaanderen te sponsoren?


5.3. Methaanlekken in de Arctische oceaanbodem
In de pers verschenen enkele weken geleden onheilsberichten over het lekken van grote hoeveelheden methaan vanuit de steeds warmer wordende Arctische zeebodem en smeltende permafrost. Gezien methaan een veel sterker broeikasgas is dan koolstofdioxide, zou door het plots vrijkomen van grote hoeveelheden methaan de atmosfeer sterk kunnen opwarmen en een catastrofe veroorzaken zoals 55 miljoen jaar geleden het geval is geweest. Engelse en Russische wetenschappers die deze zomer ter plekke waren en inderdaad verhoogde methaanconcentraties maten, roepen in het vakblad Nature toch op tot enige relativering en zien geen reden tot paniek.
De kans dat er plots een catastrofaal gaslek zou ontstaan is zeer onwaarschijnlijk. Wel namen ze deze zomer meer dan 250 opborrelende gaspluimen waar langs de noordwestelijke continentale helling van Spitsbergen. En dat waren er inderdaad meer dan enkele jaren geleden tijdens een analoge meetcampagne het geval was. Toch is dit proces naar schatting al 15.000 jaar aan de gang. In de onderzeese permafrost van de Arctische oceaan zit miljarden ton methaan vast, zowel onder de vorm van gas als in ijsachtige structuren (gashydraten). Dat methaan vormde zich tijdens de laatste ijstijd toen de zeespiegel 100 meter lager lag dan nu. Toch zijn wetenschappers er niet helemaal zeker van of het opborrelende methaan wel afkomstig is uit deze oude reserves. Het zou ook ‘relatief nieuw’ geproduceerd methaan kunnen zijn. Een dooiende ondergrond veroorzaakt immers meer bacteriële activiteit, en daardoor meer productie van methaan. Voor het ogenblik is een isotopenanalyse aan de gang om de leeftijd van het gas te identificeren. Wordt vervolgd dus…


5.4. De hoogste, de laagste, de diepste, de snelste, de traagste, de oudste...
Hoe hoog is de hoogste duin in Europa? Wat is de snelheid van de snelste vis? Hoe groot is het grootste zeereservaat? Deze en andere betrouwbare ‘Guiness boek of Record-zeecijfers’ vind je terug op de VLIZ website: www.vliz.be/cijfers_beleid/zeecijfers/index.php. Klik op 'Zee van ruimte’ en kies voor de rubriek 'Zeerecords’. Klik op de ‘pdf’ symbooltjes naast de cijfergegevens om de bronnen zelf te raadplegen.


5.5. Zee(zoog)dierennieuws
Op 14 oktober vonden onderzoekers van het INBO tijdens een ‘Beached Bird Survey’ – in de volksmond ook wel stookolietelling genoemd – een dode Noordse Pijlstormvogel op het strand van Middelkerke. Opmerkelijk, want dit is de allereerste vondst van deze soort sinds de start van de officiële tellingen in 1962. De vogel werd meegenomen voor inwendig onderzoek. Er zal worden onderzocht wat de doodsoorzaak was en wat er op het menu stond van deze aan onze kust zeldzame zeevogel.
Ook in het Vogelopvangcentrum Oostende (VOC) werd na de storm van begin oktober een Noordse Pijlstormvogel binnengebracht. Het dier werd gevonden op de treinsporen in het rangeerstation van Oostende. Na een korte wasbeurt en enkele dagen op krachten komen, kon deze zeevogel terug vrij worden gelaten. Normaal trekt deze snelvliegende soort in de loop van september ver van de kust ons landje voorbij. De kans dat in de problemen geraakte exemplaren op onze korte kustlijn gevonden worden is volgens zeevogelexperten dan ook gering.


5.6. Doctoraatsverdedigingen
Zou Lin verdedigde op 15 oktober haar doctoraat aan het Maritiem Instituut van de Universiteit Gent (promotor: Prof. Dr. E. Somers). Het werk heeft de titel: ‘Limitation of liability for maritime claims’. Proficiat!


DISCLAIMER
VLIZINE heeft als doel informatie te verstrekken. Eventuele standpunten zijn die van de auteurs en stemmen niet noodzakelijk overeen met die van het VLIZ. Het VLIZ is niet verantwoordelijk voor enige schade opgelopen ten gevolge van foutieve of verkeerd geïnterpreteerde informatie in dit e-zine, noch voor de inhoud van websites waarnaar verwezen wordt. Uw adres opgenomen in onze e-zine rondzendlijst wordt niet aan derden doorgegeven zonder uw toestemming en wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.

COPYRIGHT
Copyright © 2008 Vlaams Instituut voor de Zee. Delen uit dit e-zine mogen in andere publicaties worden overgenomen, maar uitsluitend met bronvermelding. Deze publicatie mag wel in haar geheel ter kennismaking worden doorgestuurd naar derden.

LID WORDEN VAN HET VLIZ KAN
Meer info vindt u op onze website.

WEBSITE
http://www.vliz.be  


Vlaams Instituut voor de Zee
Flanders Marine Institute
VLIZ – InnovOcean site
Wandelaarkaai 7
8400 Oostende
Tel. 
+32-(0)59-34 21 30
Fax  +32-(0)59-34 21 31
http://www.vliz.be