VLIZINE
jrg. 9, nr. 11-12 (november-december 2008)
Hét e-zine met praktische informatie over onderzoek en beleid door en voor Vlaamse mariene wetenschappers. 
Deze gratis on line uitgave van het Vlaams Instituut voor de Zee vzw verschijnt maandelijks en wordt verspreid onder alle geïnteresseerden.
V.U.: Jan Mees 
Redactie: Nancy Fockedey en Jan Seys
Reacties naar jan.seys@vliz.be


Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) wil via dit e-zine maandelijks informeren over de eigen activiteiten en die van onderzoeks- en beleidsgroepen in Vlaanderen actief in de mariene en kustgebonden wetenschappen. Alle nuttige informatie van uw kant (zoals vacatures, nieuwe projecten, vraag voor samenwerking, interessante symposia, etc.) wordt graag ingewacht om in het eerstvolgende VLIZINE te worden opgenomen. Dit bericht bereikt u via de VLIZINE rondzendlijst. Om u in te schrijven stuur een (leeg) mailtje naar: vlizine-subscribe@vliz.be ; uitschrijven kan via vlizine-unsubscribe@vliz.be.
Archieven van dit e-zine zijn raadpleegbaar via deze link.

1. Kalender
1.1. Moderne Beagletocht ook met jouw wetenschap aan boord?
1.2. Internationale ‘Seabird Conference’ strijkt neer in Brugge
1.3 Remote Sensing in de kustzone onder een wijzigend klimaat
1.4. Hoe omgaan met de economie, wetenschap en beheer van de diepzee?
1.5. Koers zetten naar een museumhaven in Oostende
1.6. De taal van onze vissers

2. Publicaties
2.1. Mariene postzegelcollectie online
2.2. Campagne steur mét informatieve brochure
2.3. Noordzeenatuur en -visserij hand in hand
2.4. ‘Valencia Declaratie’ als pleidooi voor mariene biodiversiteit

3. Vacatures, beurzen en fondsen
3.1. Postdoc ‘ocean ecosystem modelling’ aan de Universiteit van Luik
3.2. Executive secretary van de IOC-VN
3.3.  Een viertal vacatures bij het NOC in Southampton
3.4. Medewerker Schelde InformatieCentrum
3.5. ILVO zoekt visserijbioloog

4. Belgisch marien onderzoek in de kijker
4.1. De ongelooflijke diversiteit van kiezelwieren ietwat ontrafeld
4.2. Risico van perfluorochemicaliën bij vogels uit het Antwerpse havengebied

5. Varia
5.1. Dikte van het Arctisch zee-ijs keldert pijlsnel
5.2. Kustgidsen ‘united’
5.3. Exotische gasten spoelen aan op de Noordzeestranden
5.4. Zee(zoog)dieren
5.4. Doctoraatsverdedigingen

6. Vraagbaak
6.1. Details over de pet en knopen van Adrien de Gerlache: wie weet meer?
6.2. Informatie voor boek over scheepsmaat Belgica-expeditie, Jan Van Mirlo


1.1. Moderne Beagletocht: ook met jouw wetenschap aan boord?
Dat 2009 het Darwin-jaar is kun je maar best geweten hebben… Het is immers 200 jaar geleden dat Charles Darwin geboren werd. Tevens is het 150 jaar geleden dat zijn baanbrekend boek ‘On the Origin of Species’ van de drukpersen liep (http://darwin-year-2009.org) en het duidelijk werd dat het leven niet de creatie is van God maar een uitvloeisel van de evolutie.
De Nederlandse TV-omroep VPRO plant in dit kader een 35-delige populair-wetenschappelijke serie en het wordt niet zomaar een programma… Met een nieuwgebouwde driemaster www.stadamsterdam.nl wordt de volledige reis van Charles Darwin overgedaan in 8 maanden tijd. Het schip is een varende multimediastudio waarop wetenschappers voor langere of kortere tijd aanmonsteren. Hun onderzoeken, en het leven aan boord en tijdens de landexpedities zal in veel details te volgen zijn: op televisie (NED3 én CANVAS) en radio. Darwins reis en studies leiden tijdens deze zeiltocht tot vele onderwerpen, van vogeltrek tot slavernij, van marine biologie tot klimaatverandering, van nieuwe soorten tot vernietigde volkeren. Dagelijks posten ze ook informatie op een geavanceerde website, waarop scheepsjournalen, videologs en educatieve projecten terug zullen te vinden zijn. 
Op de vaarroute en de aanlandingsplaatsen van de Beagle-expeditie (http://weblogs.vpro.nl/beagle/category/route-reis/ ) krijgen Nederlandse en Belgische wetenschappers de mogelijkheid om nieuwsgierigheid op te wekken voor hun onderzoeksdiscipline. Het programma wil vooral aantonen dat observeren en meten dé bron is van nieuwe bevindingen. En daarvoor hebben ze ook jou nodig! Het is een unieke kans om ook je onderzoek te koppelen aan de Beaglecruise. Ten laatste 19 januari 2009 ontvangen we graag een vrijblijvend voorstel over hoe je je eigen marien of kustonderzoek kan tonen langs de vaarroute of een van de stopplaatsen. Zie het als een unieke kans om jouw onderzoek eens extra veel media-aandacht te geven! Meer info en voorstellen bij Jan Seys (jan.seys@vliz.be; 059 37 64 13 of 0478 37 64 13) of Evy Copejans (evy.copejans@vliz.be of 059 34 01 74).


1.2. Internationale Seabird Group strijkt neer in Brugge
Tussen 27 en 30 maart 2009 nodigt de Seabird Group alle zeevogelonderzoekers uit in het Provinciaal hof op de markt van Brugge voor hun 10de internationale conferentie. Op het programma staan van vrijdag tot en met zondag lezingen over de ecologie van het broeden en het voeden, de energiebalans, de verspreiding, de migratie, de populatie-ecologie en de bescherming van zeevogels. Inschrijven voor een voordracht is niet meer mogelijk, maar snelle beslissers kunnen nog een abstract indienen voor een posterpresentatie. Registreren kan nu nog, maar hou er rekening mee dat het aantal plaatsen beperkt is. Dus hoe sneller, hoe beter! Het volledige programma, de lijst van de ontvangen posterpresentaties, inschrijvings- en hotelboekingsformulier kan men terugvinden op www.vliz.be/events/seabirdconference2009. Deelnemers worden uitgenodigd om in hun oude foto- en filmarchieven te duiken en interessante historische beelden over het zeevogelonderzoek door te sturen naar seabirdconf2009@vliz.be tegen ten laatste 31 januari 2009. Op de conferentie zal een fotoquiz mogelijks vele verhalen en herinneringen bovenhalen…


1.3. Remote Sensing in de kustzone onder een wijzigend klimaat
Wil je je als kustonderzoeker of beleidsmaker verder bekwamen in de toepassingsmogelijkheden van de ‘Remote Sensingtechniek’ voor het opvolgen van veranderingen in de kustzone onder een wijzigend klimaat? Denk hierbij o.a. aan het opvolgen van de veranderende rivierafvoer naar de kustwateren, aan extreme weersomstandigheden, aan de stijgende watertemperatuur van het kustwater, aan nieuwe ontwikkelingen qua biodiversiteit, biologische invasies en habitatwijziging, etc. Misschien heb je zelf wel resultaten voor te stellen van je lopende kustonderzoek dat gebruikmaakt van deze aardobservatietechnieken? Dan is de workshop ‘Remote Sensing of the Coastal Zone – Coasts and Climate Conflicts’ iets voor jou (www.earsel.org/SIG-CZ/4th-workshop/index.html). Het gebeuren wordt georganiseerd door de European Association of Remote Sensing Laboratories (EARSeL) op 19 en 20 juni 2009 in het kader van het 29ste symposium van deze organisatie in Chania op Kreta, Griekenland (http://earsel29.maich.gr). Abstracts voor presentatie kunnen nog ingediend worden tot 16 februari 2009.


1.4. Hoe omgaan met de economie, wetenschap en beheer van de diepzee?
Technologische ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat de diepzee (meer dan 200m diep) steeds meer toegankelijk wordt. Daar waar enkele decennia geleden geen enkele menselijke activiteit te bespeuren viel, ontdekte eerst de visserij nieuwe visstocks. Recent worden de mogelijkheden voor het exploiteren van energie en mineralen in deze regio’s steeds meer benut. Toch blijft het gezegde ‘we kennen de donkere kant van de maan beter dan de diepzee-ecosystemen op planeet Aarde’ nog steeds geldig. We weten immers nog steeds bitter weinig over de organismen die er leven, de mechanismen die er spelen en de draagkracht tegenover menselijke exploitatie.
We weten al langer dat een goede wetenschappelijke kennis de absoluut noodzakelijke basis is om een duurzaam gebruik en bescherming van eender welk milieu te hebben. Dit geldt maar al te goed ook voor de diepzee! De International Council for the Exploration of the Sea (ICES) wil rond dit thema alle belanghebbenden (van economen, industriëlen, ngo’s, wetenschappers, tot beleidmakers en beheerders) samenbrengen op het internationale diepzeesymposium ‘Issues Confronting the Deep Oceans: The Economic, Scientific, and Governance Challenges and Opportunities of Working’. Dit gaat door tussen 27 en 30 april 2009 in Horta op de Azoren. Alle info over het inschrijven en indienen van een abstract (nog mogelijk tot 31 januari) is te vinden op www.turangra.com/deepocean/?id=9.


1.5. Koers zetten naar een museumhaven in Oostende
Op een boogscheut van het populaire Klein Strand ligt – gescheiden door de vaargeul – het onbekendste stukje Oostende: de Oosteroever. In deze zone ligt de innovatieve mariene-maritieme cluster InnovOcean site, C-Power bouwt er de sokkels voor het eerste Belgische windmolenpark op zee, het Militair Hospitaal krijgt als woongebied een tweede leven,… Het gebied heeft echter nog meer in petto. Een brede coalitie aan partners heeft een toekomstplan voor de kustzone van de Oosteroever ontwikkeld, dat werd voorgesteld op 17 september.
In het toeristisch-recreatief plan wordt watergebonden erfgoed natuurlijk niet vergeten. Logisch, want op de Oosteroever vinden we een historische scheepswerf, een slipway uit 1931 en de befaamde blauw-witte vuurtoren Lange Nelle. Historische boten als de Nele en de Crangon zijn er kind aan huis. Met steun van diverse erfgoedpartners willen de initiatiefnemers koers zetten naar een museumhaven: waar een werkende slipway historische boten droog zetten, waar toeristen welkom zijn in de oude scheepswerf Seghers, waar een toekomst wordt gegeven aan ons maritiem, watergebonden erfgoed.
Om de neuzen (en boegen) in dezelfde richting te laten wijzen zal op zaterdag 7 februari 2009 – in aanwezigheid van Minister Van Mechelen – een studiedag ingericht worden over het concept museumhaven en de Oostendse invulling met sprekers uit Vlaanderen en Nederland.  Plaats van afspraak is het auditorium van het UNESCO/IOC Project Office for IODE (InnovOcean site, Wandelaarkaai 7). Meer info en inschrijvingen via www.oostendeoosteroever.be/studiedag_museumhaven.


1.6. De taal van onze vissers
Me zien in 't zoetbédde geboorn én me gon in de pekel vergoan!’ Wie de sappige en dikwijls fantasierijke woordenschat van de West-Vlaamse ‘visschers’ wil ontdekken moet zeker van de partij zijn op de uiteenzetting door Roland Desnerck op 4 februari om 19.30 in het VBNC De Nachtegaal (www.vbncdenachtegaal.be)! De ‘zeikers’, ‘vuilaards’, ‘butstekkers’ en ‘zeepuisten’ kijken al uit naar jullie komst…  Deelname is gratis, maar inschrijven verplicht vóór 21 januari 2009 bij bart.vandepoele@lne.vlaanderen.be.


2.1. Mariene postzegelcollectie online
De collectie fotogalerijen van het VLIZ heeft er een broertje bij: de galerij ‘Mariene postzegels’ - www.vliz.be/projects/mariene_postzegels/photo_gallery.php. Deze collectie heeft tot doel om postzegels met afbeeldingen van verschillende mariene en maritieme thema’s samen te brengen in een online archief.
Deze galerij werd in eerste instantie opgestart onder de impuls van de zeer actieve filatelist Georges Declerck, die gespecialiseerd is in het verzamelen van postzegels met (mariene) dieren en planten. Zodoende staan nu al meer dan 1000 postzegels met mariene organismen online: voornamelijk van vissen en weekdieren, maar ook neteldieren, stekelhuidigen en andere groepen komen aan bod. Uit zijn collectie wordt de galerij binnenkort nog aangevuld met nog meer vissen, mariene reptielen, vogels en zeezoogdieren. Van de afgebeelde organismen wordt telkens doorverwezen naar de correcte wetenschappelijk naam en andere taxonomische informatie.
De collectie ‘Mariene postzegels’ wil zich echter niet beperken tot deze met afbeeldingen van mariene organismen. Ook andere mariene en maritieme thema’s verwelkomen we graag! Bent u een (ex)-filatelist die zijn collectie postzegels over zeeschepen, vuurtorens, havens,… wil delen met de rest van de wereld of kent u iemand die dit zou willen doen? Neem dan vrijblijvend contact op met het VLIZ (info@vliz.be of 059 34 01 30) om de mogelijkheden te bespreken.


2.2. Campagne steur mét informatieve brochure
Sinds november loopt een uitgebreide en internationaal opgezette informatiecampagne die tot doel heeft de Atlantische steur van uitsterven te behoeden. Steuren zijn wettelijk beschermd in België en internationaal. Het tot 5 meter grote en 500 kg zware dier leeft in estuaria en in de ondiepe wateren van de Atlantische Oceaan en de Noordzee, maar trekt de Europese rivieren op om zich voort te planten. Of liever gezegd trok alle Europese rivieren op… want door overbevissing, vervuiling en infrastructuurwerken is de steur er sinds de tweede helft van de 19de eeuw zo goed als uitgestorven.
De hoop om deze diersoort van een volledig uitsterven te behoeden rust nu op een honderdtal onvolwassen exemplaren die zich in gevangenschap bevinden, verspreid over twee kweekcentra in Frankrijk en Duitsland. Deze dieren hebben zich in 2007 en 2008 succesvol voortgeplant, en enkele duizenden jonge steuren werden vrijgelaten in de Dordogne en de Garonne. Dergelijk herintroductieproject heeft enkel kans op slagen indien een goede informatiecampagne gericht wordt aan vissers in het volledige verspreidingsgebied van deze migrerende vissoort. Elke toevallige vangst van een steur moet gemeld worden aan het KBIN-BMM en de dieren moeten onmiddellijk terug vrijgelaten worden. Een informatieve folder over de toestand, status en bedreiging voor de soort is te downloaden via www.mumm.ac.be/Downloads/News/steur.pdf.


2.3. Noordzeenatuur en -visserij hand in hand
Natuur en visserij, jarenlang waren deze twee thema’s in één en dezelfde zin het synoniem voor ‘water’ en ‘vuur’. Onverzoenbaar. Onterecht blijkt nu uit een wetenschappelijk rapport dat de milieuorganisaties Natuurpunt, Bond Beter Leefmilieu en WWF uitwerkten. Met de steun van wetenschappers van o.a. de Universiteit Gent, het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) en het Instituut voor Landbouw en Visserij Onderzoek (ILVO) werd in een bevattelijk rapport het recentste (Noord)zeeonderzoek op een rijtje geplaatst. Uit deze wetenschappelijke inzichten blijkt duidelijk dat kiezen voor natuurbehoud op zee perfect hand in hand kan gaan met een toekomstvisie voor de Vlaamse visserij (of andere gebruikers van de Noordzee). Het dubbelrapport ‘Visserij in de Noordzee: samen sterk voor een zee vol vis(sers) & Natuurgebieden in de Noordzee voor natuur én mensen’ kan gedownload worden via www.natuurpunt.be/kustwerkgroep of opgevraagd worden via kustwerkgroep@gmail.com of info@vliz.be.


2.4. ‘Valencia Declaratie’ als pleidooi voor mariene biodiversiteit
De eerste wereldconferentie over mariene biodiversiteit is achter de rug (www.marbef.org/worldconference). De Spaanse stad Valencia liep in november 2008 vol met mariene biologen, taxonomen en ecologen, afkomstig uit alle hoeken van de wereld. De conferentie liet inzien dat menselijke activiteiten een zeer grote invloed hebben op de biodiversiteit van het zeeleven en het functioneren van de mariene ecosystemen. Maar omgekeerd is het menselijk welzijn in grote mate afhankelijk van de biodiversiteit en de processen in de oceanen en zeeën.
Er was dan ook niet veel voor nodig om de neuzen van alle aanwezige experten in dezelfde richting te krijgen en de ‘Valencia Declaratie’ boven de doopvont te houden als pleidooi voor de betere bescherming van de mariene biodiversiteit in al haar aspecten. De meest geschikte middelen daartoe zijn: (1) het opzetten van een netwerk van mariene reservaten en (2) het voeren van een geïntegreerd beleid. De volledige ‘Valencia Declaratie’ is na te lezen op www.marbef.org/worldconference/declaration.php.


3.1. Postdoc ‘ocean ecosystem modelling’ aan de Universiteit van Luik
De MARE groep van de Universiteit van Luik zoekt een postdoctoraal medewerker om twee jaar te werken  binnen het Europese SESAME project (Southern European Seas: Assessing and Modelling Ecosystem changes). De kandidaat zal, aan de hand van 3D high resolution model, bepalen en voorspellen welke veranderingen de ecosystemen in de Zwarte zee ondergaan en welke invloed deze veranderingen hebben op de ecosysteemfuncties, zoals visserij, toerisme, biodiversiteit en koolstofsekwestratie. Meer info op www.ocean-partners.org/documents/jobs/MARECentre.pdf.


3.2. Executive secretary van de IOC-VN
Nog tot 14 januari kan men zich kandidaat stellen voor de positie van ‘executive secretary’ van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC) van de Verenigde Naties. De kandidaat, bij voorkeur in het bezit van een PhD, moet bekwaam zijn om: (1) een team van (senior) managers te leiden en te motiveren en dit in een multiculturele omgeving; (2) bepalen en communiceren over de te volgen interdisciplinaire strategieën en beslissingen te nemen omtrent programma-prioriteiten. Alle info op http://recrutweb.unesco.org/pdf/SC079.pdf.


3.3.  Een viertal vacatures bij het NOC in Southampton
Twee 'lectureships' zijn open verklaard aan de ‘School of Ocean and Earth Science’ van het National Oceanography Centre (NOC) in Southampton, UK. Daar zoekt men zowel een lesgever in fysische oceanografie als in de aardkunde en sedimentaire geologie. Daarnaast zoekt men er voor tewerkstelling aan de ‘Natural Environment Research Council’ (NERC) een tweetal postdoc onderzoekers met ervaring in de geologie, geofysica en vloeistofdynamica. Solliciteren voor deze posities kan nog tot 13 februari. Meer details zijn terug te vinden op www.oceanography.ac.uk/jobs/.


3.4. Medewerker Schelde InformatieCentrum
Het Schelde InformatieCentrum – Vlaanderen in Oostende zoekt voor onmiddellijke indiensttreding een medewerker informatievoorziening en projectuitvoering. Een greep uit de taakomschrijving: het actueel houden van de website, infodesk, literatuurinformatie- en documentatiesysteem, archief- en adresbestanden; het leveren van bijdragen voor de ScheldeNieuwsbrief, Scheldekrant, website en Scheldelessen; het mee realiseren van informatie- en voorlichtingsmateriaal; het mee beantwoorden van informatievragen; het uitvoeren van administratieve en secretariële taken; het presenteren van het Schelde InformatieCentrum op diverse evenementen; het mee initiëren van projecten; het mee begeleiden van uitbestedingen aan derden; het mee verzorgen van de PR en nazorg. Spreekt deze zeer diverse job je aan? Alle informatie op www.vliz.be/NL/Over_het_VLIZ/VLIZ_Vacatures


3.5. ILVO zoekt visserijbioloog
Het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) in Oostende zoekt een wetenschappelijk medewerker, gespecialiseerd in het uitvoeren van visserijbiologisch onderzoek. Men wil hiervoor een licentiaat, master of dr. in de wetenschappen, de bioingenieurswetenschappen of toegepaste ingenieurswetenschappen in dienst nemen met minstens 4 jaar ervaring in minstens één van de omschreven taakgebieden en/of technische competenties. Het onderzoek richt zich vooral naar het verzamelen en verwerken van gegevens in het kader van het ‘National Data Gathering Programme’ (NDGP). Uitgebreide informatie over de vacature, die nog tot 18 januari openstaat, is te vinden op www.ilvo.vlaanderen.be/Portals/0/Documents/Vacatures/Vac_EV_2008_022_Dier1.pdf.


4.1. De ongelooflijke diversiteit van kiezelwieren ietwat ontrafeld
Kiezelwieren of diatomeeën zijn eencellige wieren van amper enkele honderdsten tot tienden van een millimeter groot. Typisch is hun uitwendige skelet uit kiezel (siliciumdioxide) dat uit twee delen bestaat en als een doosje met passend dekseltje rond de cel heen zit. Diatomeeën omvatten twee grote groepen: de centrische diatomeeën enerzijds, en de pennate diatomeeën anderzijds. De eerste lijken qua vorm op een doosje van ‘la vache qui rit’, de laatste zijn qua vorm min of meer te vergelijken met het bekende Franse kaasje ‘Caprice des deux’ (zijnde een langgerekte ovaal). Ondanks hun kleine afmetingen zijn de kiezelwieren uit het zoete en zoute water samen goed voor een vijfde van de primaire productie op deze aardbol. Diatomeeën zijn de meest diverse groep microalgen, met naar schatting meer dan 200.000 soorten.
Een internationaal team van wetenschappers ontrafelde de volledige genoomsequentie van de soort Phaeodactylum tricornutum. Onderzoekers van het Laboratorium voor Protistologie en Aquatische Ecologie van de Universiteit Gent en van het departement ‘Plant Systems Biology’ van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) deden mee en haalden er een publicatie in Nature mee. De kennis van het volledige genoom levert een schat aan informatie op over de biologie en de afkomst van kiezelwieren.
Zeker nu ze het genetisch materiaal van deze pennate soort, kunnen vergelijken met die van het ook onlangs ontrafelde genoom van de ronde soort Thalassiosira pseudonana. Blijkt dat de pennate en de ronde diatomeeën amper 90 miljoen jaar geleden hun eigen weg in de evolutie ingeslagen zijn, maar dat hun genoom toch sterk verschillend is. In vergelijking met pakweg schimmels of meercellige dieren blijken de genen bij kiezelwieren capabel om zich razendsnel te wijzigen. 
Het meest verrassende is wel de ontdekking dat meer dan 300 genen in het genoom van diatomeeën afkomstig blijken te zijn van bacteriën. Het feit dat deze genen zowel in centricate als pennate diatomeeën terug te vinden zijn wijst erop dat deze genen zeer vroeg tijdens de evolutie van deze groep opgenomen zijn in hun genoom. Wat de functie is van deze genen is nog niet gekend, mogelijk dienen zij voor het aanmaken van bepaalde metabolieten en voor het ontvangen van signalen uit hun omgeving. Deze bevindingen lichten een eerste tipje van de sluier op over het succesverhaal van diatomeeën als dominante primaire producenten in de oceanen van vandaag. Lees het volledige artikel via www.vliz.be/imis/imis.php?module=ref&refid=127654.


4.2. Risico van perfluorochemicaliën bij vogels uit het Antwerpse havengebeid
Perfluorochemicaliën of kortweg PFC’s zijn alom aanwezig in ons dagdagelijks leven. Ze worden gebruikt als koelvloeistoffen (ter vervanging van de gebande CFK’s), maar ook voor hun medische en cosmetische eigenschappen worden ze geprezen. Daarnaast worden PFC’s gebruikt in heel wat elektrische en elektronische apparaten. Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn! De PFC’s hebben het nadeel een extreem sterk broeikasgas te zijn en met hun lange afbreektijd – in de orde van 50.000 jaar – kunnen ze dus lang in het milieu aanwezig blijven. Recent worden wel meer studies uitgevoerd over de blootstelling van wilde dieren aan PFC’s. Maar de Universiteit Antwerpen ontwikkelde een methode voor het analyseren van de concentraties van een van deze stoffen (perfluoroctaan sulfonaat of PFOS) in vogelveren en eieren. Op deze manier moeten dieren niet gedood worden, want normaal gebruikt men voor deze analyses traditioneel leverstalen.
Hun proefgebied bevond zich aan de plas van het natuurpark Blokkersdijk in het havengebied van Antwerpen. Met een nabij gelegen fluor-chemische fabriek een ideale plaats om de methode uit te testen. Eieren van vier watervogels werden verzameld en PFC-concentraties bepaald. De plantenetende vogels hadden significant lagere concentraties van deze stoffen in hun eieren in vergelijking met die van omnivore vogels. Ook waren er hogere concentraties van PFC’s in de eieren van vogels die langer in het water voeden. Er was een duidelijke afname in de PFOS-concentraties naarmate de afstand tussen het nest en de fluor-chemische fabriek groter werd. De PFOS-concentraties in de eieren van de drie vogelsoorten waren van de hoogste ooit gemeten in wilde dieren. Het gebruik van veren om de PFC-blootstelling in vogels te bepalen bleek nog niet echt volledig op punt te staan. Meer info: Wim De Coen (wim.decoen@ua.ac.be of 03-265 33 70) en Johan Meyer (johan.meyer@ua.ac.be).


5.1. Dikte van het Arctisch zeeijs keldert pijlsnel
In september 2007 krimpte de Arctische ijskap tot zijn absolute minimale oppervlak van 4.13 miljoen km². Dit minimumrecord kwam er pas 2 jaar na het vorige minimum aan ijsbedekking in 2005 (5.32 miljoen km²).
Het bleef voor de wetenschap onduidelijk of dit zeeijs écht verdwenen was of dat het zich herverdeeld had door bv. meer opgehoogd tegen de kustzone aan te liggen. Waarnemingen met behulp van vliegtuigen en duikboten of met boringen leveren slechts informatie over een relatief klein oppervlak en zijn beperkt in tijd. Onderzoek op basis van satellietbeelden bleek de oplossing: de radar altimeter gemonteerd op de Europese Envisat satelliet levert een continue tijdreeks van de volledige Arctische Oceaan. Deze data toonden aan dat de dikte van het drijvende ijs tijdens de laatste winter van 2007-2008 effectief drastisch verminderd was. Gemiddeld genomen was het ijs 26cm minder dik, wat neerkomt op een daling van 10%. In de westelijke Arctische zone bleek plaatselijk zelfs 20% weggesmolten.
De publicatie in het tijdschrift Geophysical Research Letters toont voor het eerst aan dat het bulkvolume van het Arctisch ijs effectief gedaald is. Het kan klimaatmodelleurs helpen om betere schattingen te maken over de toekomst van het Arctische zeeijs. De vijf jaar oude voorspelling dat het zeeijs kan verdwijnen tegen 2080 zal misschien wel bijgesteld moeten worden naar 2030-2040. Meer metingen moeten meer zekerheid brengen…


5.2. Kustgidsen ‘united’
Op 13 december kwamen voor het eerst de gidsen van over de hele Vlaamse kustregio samen in Oostende.  De studiedag voor kustgidsen werd georganiseerd door VLIZ in samenwerking met de Provincie West-Vlaanderen NME Kust, de gidsenkring Lange Nelle en Horizon Educatief, en dit in het kader van het Actieplan Wetenschapsinformatie en Innovatie. Het doel van de trefdag was om elkaar te informeren over de verschillende gidsenwerkingen aan zee, om te netwerken en om een stem te laten horen over diverse evoluties en knelpunten binnen de gidsenwerking: Hoe kunnen we evolueren naar een meer geïntegreerde aanpak? Is er nood aan sectoroverschrijdende gidsen? Wat met een opleiding tot kustgids? En de vergoeding van gidsen? Is het mogelijk om meer samenwerking tussen de verschillende actoren te bewerkstelligen?…  Naast tal van andere vragen drong ook het verzoek om het versnipperde gidsenlandschap aan de kust in kaart te brengen zich nadrukkelijk op. Wil je van verdere activiteiten voor gidsen op de hoogte gehouden worden of heb je suggesties, mail dan naar gidsendag@vliz.be. Foto’s van deze trefdag staan op www.vliz.be/nl/infoloket/gidsendag.


5.3. Exotische gasten spoelen aan op de Noordzeestranden
In de loop van december werden we via de krant en verschillende fora van Belgische en Nederlandse vogel- en strandliefhebbers attent gemaakt op het veelvuldig aanspoelen van bramen op de kust. Bij ons worden ze wel eens ‘Oude wijven’ genoemd, maar hun wetenschappelijke naam is Brama brama. Deze relatief grote vissen – tot 50cm lang – zijn zijdelings afgeplat en donker zilverachtig als ze dood zijn. Ze komen gewoonlijk voor langs de westrand van Europa's Atlantische kusten, op enkele honderden meter diepte. In Spanje en Portugal worden ze commercieel bevist. In de Noordzee komen ze maar af en toe eens voor als ze in de zomer hoog noordwaarts trekken en langs de verkeerde kant van Schotland of langs de Noorse kust de weg terug naar het zuiden nemen. Meestal geraken ze niet verder dan de centrale Noordzee, maar soms komen ze in de zuidelijke Noordzee terecht. Als oceanische dieren zijn ze niet vertrouwd met de branding en stromingen in ondiepe wateren. Ze spoelen dan gemakkelijk aan op het strand.
Op 18 december werd ook een maanvis (Mola mola) op het strand aangetroffen te Lombardsijde. Dat gebeurt wel vaker in de maand december, maar al bij al blijft deze soort een zeldzame vissoort in de Noordzee. Maanvissen kunnen een lengte bereiken van nagenoeg 3 meter en tot 2 ton zwaar worden. Maar nu betrof het een zeer jong dier, met een lengte van 70cm. Bron: www.mumm.ac.be/Downloads/News/maanvis2004.pdf

5.4. Zee(zoog)dieren
De site http://home.planet.nl/~camphuys/Walvisstrandingen.htm meldt dat de Nederlandse stranden sinds november weer ‘overspoeld’ worden met aan flarden gesneden bruinvissen. De meeste dieren zijn nog vrij vers, vaak ook door vogels aangepikt (waardoor de verwondingen soms niet opvallen), maar vrijwel alle dieren vertonen duidelijke sporen van messneden of delen van het kadaver blijken te zijn afgesneden. Deze dieren zijn in vistuig verdronken – meest waarschijnlijk bijvangst in staand want – en bij het ophalen kapotgemaakt. Honderd jaren geleden was het voor vissers een gebruikelijke handeling wanneer een zeehond of bruinvis in het net was aangetroffen (een vermeende ‘concurrent’ immers), om de buik over de hele lengte open te snijden. Tegenwoordig erkennen hierop aangesproken vissers wel eens dat dit een manier is om de kadavers te laten zinken, zodat niet duidelijk is dat er een bijvangst is geweest.
De BMM (www.mumm.ac.be/NL/Management/Nature/search_strandings.php) meldde begin december het aanspoelen van een witsnuitdolfijn in Oostende-Mariakerke. Het dier spoelde levend aan, maar overleed kort daarna op het strand. Het ging om een volwassen vrouwelijk dier van 2,55 meter en 230 kilogram. Tegenwoordig worden ze vaker in kleine groepjes in het Belgisch deel van de Noordzee waargenomen. De twee afgelopen maanden werden aan de westkust (Koksijde en Nieuwpoort) heel wat groepjes van 4 tot 9 gewone zeehonden waargenomen. Aan de oostkust strandden dan weer 3 gekwetste of dode exemplaren aan.


5.6. Doctoraatsverdedigingen
Een veelheid aan doctors binnen een even grote veelheid van mariene en/of estuariene disciplines studeerden in de afgelopen maanden af aan de Vlaamse universiteiten. Een levend bewijs dat de mariene wetenschappen populair en springlevend zijn! Alle afgestudeerden willen we hierbij dan ook van harte feliciteren!

¬   Lin Zou: ‘Limitation of liability in maritime law’. Universiteit Gent, Maritiem Instituut. Promotor: prof. dr. Eduard Somers (15.10.2008)

¬   Johannes Izak Meyer: ‘Risk evaluation of perfluorinated chemicals for terrestrial and aquatic ecosystems’. Universiteit Antwerpen, Onderzoeksgroep Ecofysiologie, Biochemie en Toxicologie. Promotor: prof. dr. Wim De Coen (24.10.2008)

¬   Quoc Boa Tran: ‘Impact of extensive shrimp farming on a tropical river ecosystem (Bac Lieu Province – Viet Nam)’. Vrije Universiteit Brussel, Laboratorium Analytische en Milieuchemie. Promotor: prof. dr. Frank Dehairs (19.11.2008)

¬   Jasmine Lam Siu Lee: ‘Managing container shipping supply chains: modelling, empirical analysis and applications’. Universiteit Antwerpen, Departement Transport en Ruimtelijke Economie. Promotor: prof. dr. Eddy Van de Voorde (10.12.2008)

¬   Mohamed Omar Said Mohamed: ‘Are Peri-urban Mangroves Viable? Effects of Sewage Pollution and Wood Exploitation on the Structure and Development of the Mangroves of Mombassa (Kenya)’. Vrije Universiteit Brussel, Mangrove Management Group. Promotoren: prof. dr. Nico Koedam en prof. dr. Farid Dahdouh-Guebas
(12.12.2008)

¬   Maxime Willems: ‘Establishing Macrostomum lignano as a model organism for stem cell research: Characterisation of the stem cell system during embryonic and post embryonic development, regeneration and ageing’. Universiteit Gent, Laboratorium voor Evolutionaire Morfologie van de Vertebraten. Promotor: prof. dr. Dominique Adriaens (12.12.2008)

¬   Rahmat Zarkami: ‘Habitatgeschiktheidsmodellering van de snoek (Esox lucius) in rivieren’. Universiteit Gent, Laboratorium Toegepaste Aquatische Ecologie. Promotor: prof. dr. Niels De Pauw (16.12.2008)

¬   Zizhong Qi: ‘De dynamiek van microbiële gemeenschappen en probiotica supplementen in de voederketen van mariene larvenculturen’. Universiteit Gent, Laboratorium voor Aquacultuur en Laboratorium voor Microbiële ecologie en technologie. Promotoren: prof. dr. ir. Peter Bossier en prof. dr. ir. Nico Boon (18.12.2008)



6.1. Details over de pet en knopen van Adrien de Gerlache: wie weet meer?
Het Belgicagenootschap (www.belgica-genootschap.be) is op zoek naar een goede afbeelding van de scheepspet die Adrien de Gerlache droeg tijdens de Belgica-expeditie naar Antarctica. Voor het maken van een portret van de man willen ze meer weten over de kleur die de pet moet hebben gehad, evenals meer details over het embleem en de knopen op de pet. Uit welk type metaal waren die gemaakt en wat stond er precies op het embleem? Wie kan helpen? Alle informatie is welkom bij Willy Versluys (Willy@Versluys.net of 0475-80 63 03).


6.2. Informatie voor boek over scheepsmaat Belgica-expeditie, Jan Van Mirlo
Het plan is opgevat om een boek te maken over het leven van Jan Van Mirlo, lichtmatroos op de Belgica-expeditie. De (soms kleurrijke) verhalen verteld door mensen die Jan nog gekend hebben, bevestigen de toch wel zeer bijzondere en goedhartige ingesteldheid van deze man. Zijn kleinzoon Eddy Wouters wil een warme oproep doen aan diegenen die eventueel nog meer informatie hebben en ook bereid zijn om die ter beschikking te stellen voor de geplande publicatie. Gelieve contact op te nemen met Eddy Wouters (eddywouters@telenet.be) of het Belgica-genootschap (Willy@Versluys.net of 0475-80 63 03).



DISCLAIMER
VLIZINE heeft als doel informatie te verstrekken. Eventuele standpunten zijn die van de auteurs en stemmen niet noodzakelijk overeen met die van het VLIZ. Het VLIZ is niet verantwoordelijk voor enige schade opgelopen ten gevolge van foutieve of verkeerd geïnterpreteerde informatie in dit e-zine, noch voor de inhoud van websites waarnaar verwezen wordt. Uw adres opgenomen in onze e-zine rondzendlijst wordt niet aan derden doorgegeven zonder uw toestemming en wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.

COPYRIGHT
Copyright © 2008 Vlaams Instituut voor de Zee. Delen uit dit e-zine mogen in andere publicaties worden overgenomen, maar uitsluitend met bronvermelding. Deze publicatie mag wel in haar geheel ter kennismaking worden doorgestuurd naar derden.

LID WORDEN VAN HET VLIZ KAN
Meer info vindt u op onze website.

WEBSITE
http://www.vliz.be  


Vlaams Instituut voor de Zee
Flanders Marine Institute
VLIZ – InnovOcean site
Wandelaarkaai 7
8400 Oostende
Tel. 
+32-(0)59-34 21 30
Fax  +32-(0)59-34 21 31
http://www.vliz.be