Flanders Marine Institute

Platform for marine research

In:

IMIS

Publications | Institutes | Persons | Datasets | Projects | Maps
report an error in this record Printer-friendly version

Methological study food ecology and behaviour of hibernating waterbirds along the Zeeschelde
www.inbo.be/content/page.asp?pid=FAU_VO_WAT_voedselecologie

More:  Institutes 
Dutch title: Methodologische studie voedselecologie en gedrag van overwinterende watervogels langs de Zeeschelde
Parent project: Lange Termijn Visie Onderzoek en Monitoring in het Schelde-estuarium, more
Reference no: 05/014
Period: October 2005 till March 2006
Status: Completed

Thesaurus terms: Aquatic birds; Ecology
Geographical term: Belgium, Zeeschelde [gazetteer]

Institutes (3)  Top 
  • Vlaamse overheid; Beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken; Vlaams Ministerie van Mobiliteit en Openbare Werken; Departement Mobiliteit en Openbare Werken; Afdeling Maritieme Toegang, more, sponsor
  • Vlaamse overheid; Beleidsdomein Leefmilieu, Natuur en Energie; Agentschap voor natuur en bos (ANB), more, co-ordinator
  • Vlaamse overheid; Beleidsdomein Leefmilieu, Natuur en Energie; Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), more

Abstract:
De uitgevoerde watervogeltellingen tijdens dertien opeenvolgende seizoenen op de Zeeschelde tonen het regionaal en internationale belang van het estuarium voor verschillende overwinterende watervogels. De belangrijkste soorten zijn Wintertaling, Krakeend, Pijlstaart, Bergeend en Tafeleend.

We begrijpen echter nog steeds niet goed waarin dit belang precies schuilt en welke kenmerken van het estuarium daarvoor garant moeten staan. Om deze kennishiaten op te vullen is diepgaander onderzoek vereist naar de voedselecologie, foerageergedrag, korte termijnverplaatsingen en turn-over van de eenden langs de Schelde.

Deze methodologische studie kadert als piloot-project in de Lange Termijn Visie (LTV) voor het Schelde-estuarium waarin een langlopend onderzoek- en monitoringsprogramma wordt gestart (LTV O&M). Deze studie is een aanloop naar de formulering van een goed onderbouwd project dat een antwoord moet trachten te formuleren op de meest pertinente onderzoeksvragen met betrekking tot de ecologische betekenis van de Zeeschelde voor overwinterende en doortrekkende watervogels. De geschetste probleemstelling is complex. Omdat we momenteel niet beschikken over een inzicht omtrent de meest praktische en efficiëntste onderzoeksmethoden om een antwoord te formuleren op de vele onderzoeksvragen is een verkennende studie noodzakelijk om een goed doordachte onderzoeksstrategie op te stellen.

Concreet zal deze methodologische studie aan de hand van literatuuronderzoek en expertcontacten de verschillende onderzoeksmethoden evalueren, toetsen aan de specifieke situatie in het Schelde estuarium en aan de vraagstelling. De haalbaarheid (tijdsinvestering, logistieke noden en financiële kant) en de verwachte resultaten van elk van de methoden worden in kaart gebracht.

Een onderzoeksproject naar watervogels in de Zeeschelde moet uiteindelijk naast soortspecifieke kennis over de voedselecologie en het overwinterings­gedrag een aanlevering zijn van betrouwbare informatie over de integrale relatie tussen de fysische, biologische, en chemische processen en de habitats enerzijds, en tussen de habitats en de organismen anderzijds. Dergelijk onderzoek zal deelresulaten aanleveren voor verschillende beleidsvragen/doelen:


  • Het opzetten van toetsingscriteria voor de arealen schorren en slikken. B.v. welke habitatfactoren zijn echt belangrijk en hoeveel van elk type is wenselijk, de kritische oppervlakte, biodiversiteit (Europese Richtlijnen).
  • Het bijdragen aan verhoging en behoud van biodiversiteit van de Schelde en instandhoudingsdoelen (Europese Richtlijnen).
  • Hoe moeten mitigerende maatregelen eruit zien (Europese Richtlijnen).
  • Beter inzicht krijgen in de draagkracht van het Schelde-estuarium.
  • Gap-filling voor de bestaande beleidsonderbouwende documenten (NOP) en tools (OMES, …).
  • Verhoging en behoud van biodiversiteit van de Schelde (Europese Richtlijnen).

Dit project loopt tot 1 april 2006.

 Top | Institutes