IMIS | Flanders Marine Institute
 

Flanders Marine Institute

Platform for marine research

IMIS

Publications | Institutes | Persons | Datasets | Projects | Maps
[ report an error in this record ]basket (0): add | show Printer-friendly version

Foerageergedrag van de Grote Stern Sterna sandvicensis
van Essen, K.; Schobben, J.H.M.; Baptist, H.J.M.; Winter, C.J.N.; Jol, J. (1998). Foerageergedrag van de Grote Stern Sterna sandvicensis. BEON Rapport = BEON-report(12). [S.n.]: [s.l.]. 2-33 pp.
Part of: BEON Rapport = BEON-report. Programma Bureau BEON: Den Haag. ISSN 0924-6576, more

Available in  Authors 

Keywords
    Foraging behaviour; Sterna sandvicensis Latham, 1787 [WoRMS]

Authors  Top 
  • van Essen, K.
  • Schobben, J.H.M., more
  • Baptist, H.J.M., more
  • Winter, C.J.N.
  • Jol, J., more

Abstract
    De Grote Stern is een belangrijke indicatorsoort voor de kwaliteit van de Waddenzee en kustwateren. Momenteel zijn de aantallen broedparen in de Waddenzee beduidend lager dan in het verleden mogelijk was. Dit kan meerdere oorzaken hebben. Eén daarvan is de voedselbeschikbaarheid. Als voedselspecialist is de Grote Stern sterk afhankelijk van het voorkomen van vis (haring, sprot, zandspiering, smelt).Een eventuele verandering in voedselbeschikbaarheid van de vis kan meerdere oorzaken hebben:- er kan minder vis aanwezig zijn- de grootte van de vis kan kleiner zijn, omdat de grote exemplaren door de visserij weggevangen worden.- de vis kan een andere verspreiding hebben, zodat de Grote Stern langere afstanden moet afleggen voor het vangen van vis- de troebelheid van het water kan zo groot zijn dat de Grote Stern-als zichtjager-belemmerd wordt in zijn vangstDoelstelling va het onderhavige werkdocument is om inzicht te krijgen in het foerageergedrag van de Grote Stern in de Waddenzee. Hierbij ligt de nadruk op de relatie met het doorzicht, het voorkomen van vis en de verspreiding van de Grote Stern.Het onderzoek is uitgevoerd d.m.v. een twee weken durende meetcampagne in de Waddenzee. Getracht is om in die twee weken meerdere facetten te meten. Met een schip is het voorkomen van vis en het doorzicht gemeten. Met een vliegtuig is de verspreiding van foeragerende Grote Sterns bepaald en in de broedkolonies is de hoeveelheid en de soort vis die aan de kuikens worden gevoerd bijgehouden.Uit het onderzoek bleek de Grote Stern selectief te zijn in de keuze van de prooivissen die aan de kuikens worden gevoerd. Hij heeft een voorkeur voor grote vissen (meestal groter dan 6,5 cm) in vergelijking met de vissen die in de Waddenzee voorkomen (meestal kleiner dan 6,5 cm). Daarnaast brengt de Grote Stern relatief iets meer zandspieringen aan, alhoewel het aandeel haringachtigen (haring en sprot) veel groter is. 99% van de gevangen vis in de Waddenzee bestaat namelijk uit haringachtigen terwijl de Grote Stern 91% haringachtigen aanvoert. Helaas ontbreken hierover gegevens uit het verleden, zodat een harde conclusie over de gevolgen voor de populatieomvang van de Grote Stern niet mogelijk is.Het doorzicht in de Waddenzee komt zelden onder de 0,5 meter en is daarmee waarschijnlijk niet te troebel voor de Grote Stern. Bij zeer helder water (meer dan1,5 meter doorzicht) wordt er zelfs minder vis gevangen. Verklaring hiervoor kan zijn dat er géén vis aanwezig is of dat de vis de Grote Stern cq. het net van te voren ziet aankomen en kan ontsnappen.De Grote Stern foerageert vooral rond Griend en tussen Vlieland en Terschelling. Het aantal foeragerende Grote Sterns is onafhankelijk van het tij. De Grote Stern foerageert tijdens eb meer buitengaats dan tijdens vloed. In vergelijking met begin jaren zeventig is het foerageergebied niet wezenlijk veranderd.Getij is van invloed op de visvangst met het vistuig; tijdens eb werd er meer gevangen dan tijdens vloed. Voor de Grote Stern geldt dit slechts in zeer geringe mate.

All data in IMIS is subject to the VLIZ privacy policy Top | Authors