IMIS | Flanders Marine Institute
 

Flanders Marine Institute

Platform for marine research

IMIS

Publications | Institutes | Persons | Datasets | Projects | Maps
[ report an error in this record ]basket (0): add | show Printer-friendly version

Westerschelde oeververbinding: benodigde doorvaartbreedte voor de scheepvaart tijdens de bouw van de tunnel
Wijnstra, R. (1991). Westerschelde oeververbinding: benodigde doorvaartbreedte voor de scheepvaart tijdens de bouw van de tunnel. Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Verkeerskunde (RWS, DVK): Rotterdam. 15 + figuren pp.

Available in  Author 

Keywords
    Marine; Brackish water

Author  Top 
  • Wijnstra, R.

Abstract
    Tijdens de bouw van de vaste Westerschelde oeververbinding zal men voor de bouw van het tunnel tracé gedurende een bepaalde tijd werk moeten uitvoeren in de Pas van Terneuzen. In deze notitie is onderzocht wat de invloed is van een beperkte doorvaartbreedte tijdens de bouw op de hinder van de scheepvaart. Ten eerste is onderzocht hoe groot de hinder voor de scheepvaart is bij een doorvaartbreedte van 600, 350, 300, 250 en 200 meter. Bij deze doorvaartbreedtes kunnen alle schepen de werkzaamheden tenminste enkelstrooks passeren. In het tweede deel van het onderzoek wordt er vanuit gegaan dat scheepvaart in de Pas van Terneuzen tijdens het afzinken van tunnelelementen in het midden van de vaarweg niet mogelijk is. De vaarweg is dan 36 uur gesperd voor alle scheepvaart. Onderzocht is wat de invloed van een beperkte doorvaartbreedte op het oplossen van de file is. Een doorvaartbreedte van resp. 200 en 250 meter na de versperring is onderzocht. In deze notitie worden de resultaten van simulaties m.b.v. een compute

All data in IMIS is subject to the VLIZ privacy policy Top | Author