IMIS | Vlaams Instituut voor de Zee
 

Vlaams Instituut voor de Zee

Platform voor marien onderzoek

IMIS

Publicaties | Instituten | Personen | Datasets | Projecten | Kaarten
[ meld een fout in dit record ]mandje (0): toevoegen | toon Print deze pagina

Bepaling beschermingscontouren kustplaatsen: resultaten voor de zeven Hollandse kustplaatsen
Van Dongeren, A.R.; Boers, M.; Diermanse, F.L.M.; Van de Graaff, J.; van Koningsveld, M.; Steetzel, H.J. (2008). Bepaling beschermingscontouren kustplaatsen: resultaten voor de zeven Hollandse kustplaatsen. Deltares: Delft. 114 pp.

Beschikbaar in  Auteurs 

Trefwoorden
    Structures > Hydraulic structures > Coastal structures > Coast defences
    ANE, Nederland, Nederlandse kust [Marine Regions]
    Marien

Auteurs  Top 
  • Van Dongeren, A.R., meer
  • Boers, M.
  • Diermanse, F.L.M., meer
  • Van de Graaff, J.
  • van Koningsveld, M.
  • Steetzel, H.J.

Abstract
    De huidige studie heeft als doel om de ligging van afslaglijnen te bepalen op basis waarvan voor 7 Hollandse kustplaatsen een aantal beschermingscontouren worden voorgesteld. Om de ligging van een afslaglijn voor een gegeven overschrijdingsfrequentie te kunnen bepalen, is de rekenmethode, die eerder afgeleid is voor normomstandigheden, aangepast en gevalideerd voor grotere overschrijdingsfrequenties (1/100, 1/500, 1/1000, 1/4000, 1/10.000 en 1/40.000 per jaar). Deze aangepaste rekenmethode heet de VTV-procedure. De resultaten van een berekening met de VTV-procedure (waarvoor invoer van hydraulische randvoorwaarden en korreldiameters nodig is), levert gegeven een overschrijdingsfrequentie en een profiel van een bepaald jaar, een zogenaamd "momentaan afslagpunt" op. De verbindingslijn tussen de afslagpunten levert de "momentane afslaglijn". De positie van de kustlijn en de vorm van een dwarsprofiel en dus ook van het afslagpunt laten van jaar tot jaar gewoonlijk tamelijk grate variaties zien. Daarom wordt voorgesteld om voor een gegeven peiljaar (2006) de kenmerkende positie van het afslagpunt te bepalen volgens een methode waarbij ook informatie uit eerdere jaren wordt gebruikt (de minimum methode). Volgens de hierboven beschreven methode kan voor elke kustplaats de kenmerkende afslaglijn worden bepaald en kan op basis van de informatie van de bebouwing op deze kaarten de beschermingscontour worden bepaald. Dit is een contour die parallel aan de afslaglijnen loopt en juist zeewaarts ligt van de bebouwing. Bij de beschermingscontour hoort een beschermingsniveau dat afgeleid kan worden uit de ligging van de afslaglijnen. Het vaststellen van deze niveaus valt buiten de scope van dit rapport, er wordt echter hiervoor wei een technisch advies gegeven voor beschermingscontouren. Voor het toetsen wordt voorgesteld om de minimum-methode vervolgens bij elke wettelijke toetsronde toe te passen om het beschermingsniveau in dat jaar te bepalen. De methode wordt dan uitgevoerd met de dan vigerende randvoorwaarden (die van toetsronde tot toetsronde kunnen veranderen) en de dan vigerende rekenprocedure. Een korte gevoeligheidsanalyse leert dat de ligging van de afslaglijnen weinig gevoelig is voor een variatie 10% in de belastingparameters. Ook de minimum en middenscenario's voor klimaatverandering (respectievelijk een zeespiegelrijzing van 10 cm en van 30 cm over 50 jaar) hebben weinig effect. Aileen in het geval van het maximumscenario (een zeespiegelrijzing van 45 cm over 50 jaar, met extra stormopzet van 40 cm en een golfhoogteverhoging van 5%) is het effect significant en in de orde van 10 meter. De geschatte kosten van het instandhouden van het beschermingsniveau bij het maximumscenario is orde 0.7 Miljoen euro per jaar voor de 7 kustplaatsen.

Alle informatie in het Integrated Marine Information System (IMIS) valt onder het VLIZ Privacy beleid Top | Auteurs