Kunstmatige Noordzeeriffen veelbelovend voor biodiversiteit | Vlaams Instituut voor de Zee
 

Vlaams Instituut voor de Zee

Platform voor marien onderzoek

Kunstmatige Noordzeeriffen veelbelovend voor biodiversiteit

Oostende, 2014.04.23 - Minder dan een jaar na de installatie herbergen de kunstmatige riffen in het Belgisch deel van de Noordzee al heel wat leven. De riffen werden vorige zomer op initiatief van minister van de Noordzee Johan Vande Lanotte aangelegd in de windmolenparken op zee om actief natuurwaarde te creëren. De wetenschappelijke opvolging gebeurt in het kader van het project “Noordzee-observatorium”, uitgevoerd door het Vlaams Instituut voor de Zee en partners. “De eerste beelden zijn veelbelovend”, zegt Vande Lanotte. “De experimentele artificiële riffen kunnen de biodiversiteit in zee echt versterken.”

Persbericht door Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ)

Het actieplan Zeehond pleit voor een meer offensief beleid ten aanzien van biodiversiteit in de Noordzee. Dit betekent dat naast defensieve maatregelen - wat onder meer kan bestaan uit het verbod op bepaalde activiteiten – we de natuur ook zelf een handje toesteken. Zo liet Minister voor de Noordzee, Johan Vande Lanotte, in augustus 2013 twee kunstmatige riffen installeren op zee: twee sets van elk 33 rifballen, bevestigd aan een metalen frame, afgezonken in respectievelijk het Belwind- en het C-Power offshore windpark. Bedoeling is om zeedieren en –planten, in een beveiligde omgeving, de kans te bieden deze holle en met openingen voorziene betonnen structuren te gaan koloniseren. Er wordt ook onderzocht of en hoe dit kolonisatieproces verloopt.

In het kader van het in mei 2013 bij de Nationale Loterij goedgekeurde project “Noordzee-observatorium” organiseert het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) de semi-automatische wetenschappelijke opvolging. Dit gebeurt in samenwerking met OD-Natuurlijk Milieu (KBIN), de Universiteit Gent en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), met ondersteuning van de windparkexploitanten C-Power en Belwind. Intussen is alles in gereedheid gebracht om ter hoogte van het kunstmatig rif in het C-Power windpark, een meetboei te plaatsen. Hiermee zullen metingen worden verricht van temperatuur, zoutgehalte, zuurstof, koolzuurgas, stromingen en chlorofyl van het omgevende water. Aan de hand van een akoestisch ontvangersnetwerk zullen ook de activiteiten van vooraf gezenderde vissen en kreeften kunnen worden opgevolgd, zullen ontvangers de aanwezigheid van dolfijnachtigen in de buurt registreren en kan op termijn met onderwatercamera’s worden gespeurd naar leven ter plaatse.

Bij een voorbereidende exploratie half maart 2014, stelden duikers (VLIZ, UGent) alvast heel wat leven vast op en in de betonnen rifstructuren. Nauwelijks acht maand na plaatsing bleken diverse krabben en anemonen, zeesterren, vissen en Noordzeekreeft de riffen te hebben ontdekt. Deze eerste waarnemingen geven aan dat ook kunstmatige riffen een toevlucht kunnen bieden voor zowel mobiele dieren als vastzittende soorten. Door hun holle opbouw en extra structuur kunnen ze een toegevoegde waarde betekenen ten opzichte van vlakkere, harde wanden en substraten (bv. scheepswrakken, windmolens, havendammen). Dit opent een perspectief voor het verhogen van de biodiversiteit bij het ontwikkelen van kunstmatige eilanden, kustverdedigingsstructuren en andere toepassingen van harde materialen op zee.

Het nastreven van dit soort multifunctionaliteit op zee staat ook hoog op de agenda van Europa. Binnen het Europees onderzoeksproject MERMAID werkt het VLIZ samen met een dertigtal Europese onderzoeksinstellingen en industriële partners om concepten voor multifunctionele platformen te ontwikkelen. Hierbij wordt onderzocht hoe verschillende gebruikersfuncties, zoals maricultuur, windmolens, golfenergieconvertoren en logistieke platforms, op één plek kunnen worden geïntegreerd. Behoud en versterking van de plaatselijke biodiversiteit is hierbij een extra troef. Dit meervoudig gebruik heeft als groot voordeel dat de beperkte ruimte efficiënt wordt benut, de impact op het milieu verkleint en de totaalprijs van de aanleg daalt.

Deze visie wordt onderschreven door Minister voor de Noordzee, Johan Vande Lanotte: “We zijn de eersten die artificiële riffen inzetten op een gebied zoals de Noordzee. Tot nu toe bestond het gangbare beleid bij ons voornamelijk uit het verbieden van activiteiten als we natuur wilden beschermen. Actieve ingrepen om natuur te creëren - zoals al lang in natuurgebieden op land gebeurt - bleven uit. Met het actieplan Zeehond zetten we de stap van een defensief naar een offensief milieubeleid in de Noordzee. De eerste ingreep lijkt  vandaag alvast veelbelovend. De tijd is rijp om actief natuur te maken als nieuwe activiteiten zich op zee ontplooien. Ons pas gepubliceerde ruimtelijk plan voor de Noordzee slaagt erin bestaande en nieuwe activiteiten een plaats te geven, en waar mogelijk creëren we hierbij natuurwaarde. De artificiële riffen moeten nu verder worden opgevolgd, maar de eerste beelden bevestigen mijn overtuiging dat we ruimte op zee meervoudig kunnen gebruiken.”

Perscontact

Els Bruggeman (woordvoerster minister Vande Lanotte) GSM: +32-(0)479-81 34 56
Sarah Vandecruys (woordvoerster minister Vande Lanotte) GSM: +32-(0)486-89 50 46
Jan Seys (VLIZ) GSM: +32-(0)478-37 64 13 – jan.seys@vliz.be

  Fotogalerij Artificiële Riffen

  Videogalerij MERMAID-project

VLIZ-webpagina 'Artificiële Riffen'

 

Persknipsels