IMIS | Vlaams Instituut voor de Zee
 

Vlaams Instituut voor de Zee

Platform voor marien onderzoek

IMIS

Publicaties | Instituten | Personen | Datasets | Projecten | Kaarten
[ meld een fout in dit record ]mandje (0): toevoegen | toon Print-vriendelijke versie

Het verschil in gebruik van natuurlijke, heraangeplante en gedegradeerde mangroves door de ichtyofauna in Gazi Baai, Kenia = The difference in use of natural, replanted and degraded mangroves by the ichthyofauna in Gazi Bay, Kenya
Reubens, J. (2007). Het verschil in gebruik van natuurlijke, heraangeplante en gedegradeerde mangroves door de ichtyofauna in Gazi Baai, Kenia = The difference in use of natural, replanted and degraded mangroves by the ichthyofauna in Gazi Bay, Kenya. MSc Thesis. Universiteit Gent. Faculteit Wetenschappen: Ghent. 77 + 2 appendices pp.

Thesis info:
    Universiteit Gent; Faculteit Wetenschappen; Vakgroep Biologie; Onderzoeksgroep Mariene Biologie (MARBIOL), meer

Beschikbaar in  Auteur | Dataset 
    VLIZ: Non-open access 121446
Documenttype: Doctoraat/Thesis/Eindwerk

Trefwoorden
    Feeding ground; Mangroves; Vis; Voedingsgedrag; Pisces [WoRMS]; ISW, Kenia, Gazi Bay [Marine Regions]; Marien

Auteur  Top | Dataset 

Abstract
    Deze studie betreft het belang van mangrovewouden als voedingsgrond voor vissen en de impact van degradatie en herbebossing van mangrovewouden op de geassocieerde ichtyofauna. Mangrovewouden vervullen talrijke belangrijke socio-ecologische functies en voorzien in heel wat (economisch belangrijke) grondstoffen, die van direct of indirect belang zijn voor de mens. Op veel plaatsen in de wereld neemt de oppervlakte aan mangrovewouden af tegen een snelheid die veel hoger is dan dat natuurlijke regeneratie plaats kan vinden. Antropogene invloeden hebben ervoor gezorgd dat de globale oppervlakte aan deze bossen gereduceerd is met meer dan 50% (Spalding et al. 1997). De afgelopen dertig jaar is het bewustzijn over het belang van mangrovewouden echter sterk gestegen bij de bevolking (Field 1999). Heel wat initiatieven waarbij men de teloorgang van het ecosysteem tegen wil gaan werden ondernomen. Zo ook in Gazi baai, Kenia. Deze thesis kadert in de follow-up van een herbebossing uitgevoerd in deze baai in 1994.Het doel van deze verhandeling bestaat er in om na te gaan of er een verschillend gebruik bestaatdoor de ichtyofauna in mangrovewouden die zich in een verschillend stadium van degradatie o fheraanplanting bevinden.Staalname vond plaats aan de zuidkust van Kenia, in Gazi baai in september 2006. Vier sites werden aangeduid: een natuurlijke Sonneratia alba site (NAT), een 12 jaar heraangeplante S. albasite (RFOR), een gedegradeerde site (DEG), een gefragmenteerde S. alba site (FRAG) en het zandstrand (SB). De verschillende sites werden bemonsterd met fuiknetten en een seinnet. Het eerste deel van het onderzoek bestond uit de gemeenschapsanalyse, waarbij werd aangetoond dat er duidelijke verschillen bestaan in densiteit, soortenrijkdom en biomassa tussen de verschillende habitattypes. De oorzaak hiervan moet gezocht worden bij de omgevingsfactoren. Elk habitat wordt namelijk gekenmerkt door bepaalde biotische en abiotische factoren, waarvoor elke vissoort een bepaalde tolerantie en preferentie heeft. Hierbij zijn de kleinschalige habitatverschillen van groot belang. Binnen een estuarium komen heel wat verschillende microhabitatten naast elkaar voor, waarbij elk microhabitat een eigen gemeenschap herbergt, die beïnvloed wordt door de biotische en abiotische omgevingsfactoren.De ichtyofauna waargenomen in de heraangeplante site kan dienen als indicatie voor een (gedeeltelijk) herstel in functies en voorzieningen van de mangrovewouden in deze site. Dit wil echter niet zeggen dat het ecosysteem op zijn geheel hersteld is. De tijd die nodig is om functionele equivalentie aan een natuurlijke site te bereiken duurt veel langer dan het visueleherstel van het habitat zelf. De gefragmenteerde site is een overgangssituatie van natuurlijk naar gedegradeerd. Relatief kleine veranderingen in de structuur van mangrovewouden kan leiden tot significante veranderingen inde abundantie en soortenrijkdom van macrobentische organismen. Deze veranderingen kunnenop hun beurt cascade-effecten veroorzaken op hogere trofische niveaus waarbij de kwaliteit van dit habitat als kraamkamer of voedingsgrond sterk achteruit gaat.In het tweede deel van het onderzoek werd de voedingsecologie onderzocht.Of er een verschil in voedingsactiviteit bestaat indien een soort in verschillende habitattypesvoorkomt, hangt af van soort tot soort. In het algemeen worden weinig verschillen gevonden in fullness index tussen de sites. Dit heeft twee mogelijke oorzaken: ofwel vindt er geen voeding plaats in de mangroves, ofwel kan de soort zich voeden in verschillende habitatten, waarbij hetdieet eventueel wordt aangepast. Voor de meeste soorten kon de voedingshypothese echter nietbevestigd worden. Er werden 3 dieettypes afgebakend: het detrivore, carnivore en piscivore dieet. Daarnaast werden vier trofische klassen afgebakend: de omnivore, detrivore, carnivore en piscivore klasse. Indienmen de trofische klassen verder wil opsplitsen, moeten de prooi-items opgedeeld worden in meer gedi

Dataset
  • Het verschil in gebruik van natuurlijke, heraangeplante en gedegradeerde mangroves door de ichtyofauna in Gazi Baai, Kenia, meer

Alle informatie in IMIS valt onder het VLIZ Privacy beleid Top | Auteur | Dataset