Instituten opzoeken | Vlaams Instituut voor de Zee
 

Vlaams Instituut voor de Zee

Platform voor marien onderzoek

Instituten opzoeken

[ meld een fout in dit record ] Print deze pagina

Wijzigingen in biogeochemie van metalen bij aanleg van overstromingsgebieden: biobeschikbaarheid, toxiciteit en risico’s (WETMAT)
allserv.ugent.be/~dvthuyne/wetmat
www.belspo.be/belspo/fedra/proj.asp?l=en&cod=ev/32
Engelstalige titel: Changes in metal biogeochemistry resulting from wetland creation: bioavailability, toxicity and risk
Overkoepelend project: Research action SPSD-II: Second scientific support plan for a sustainable development policy, meer
Referentie nr.: EV/32
Acroniem: WETMAT
Periode: Januari 2003 tot April 2006
Status: Afgelopen

Thesaurustermen: Bioavailability; Biogeochemie; Flooding; Metalen; Toxiciteit; Wetlands
  • Universiteit Gent; Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen; Vakgroep Groene Chemie en Technologie; Laboratorium voor Analytische Chemie en Toegepaste Ecochemie, meer, coördinator
  • Universiteit Antwerpen; Faculteit Wetenschappen; Departement Biologie; Onderzoeksgroep Ecosysteembeheer (ECOBE), meer
  • Universiteit Gent; Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen; Vakgroep Toegepaste ecologie en milieubiologie; Laboratorium voor Milieutoxicologie en aquatische ecologie; Onderzoeksgroep voor Milieutoxicologie (ECOTOX), meer
  • Federaal Wetenschapsbeleid (BELSPO), meer, financier
  • Context

    In de nabijheid van rivieren is het overstromen van beschikbare, laaggelegen gebieden een mogelijkheid om tijdelijk rivierwater te stockeren bij hoog water. Zo kan het overstromingsgevaar van bewoonde gebieden verminderd worden. Het is een mogelijkheid om overmatige waterhoeveelheden te beheersen, die kadert in het concept van "Integraal Waterbeheer" en een toepassing vormt van de EU Richtlijn 2000/60/EC. Ook draagt de constructie van overstromingsgebieden uit ecologisch standpunt bij tot de toename van waardevolle ecosystemen. Deze optie kadert dus ook binnen de concepten van de RAMSAR Conventie, NATURA 2000 en de toepassing van het zesde milieuactieprogramma van de Europese Gemeenschap 2001-2010.


  • Beschrijving van het project

    Omdat metalen accumuleren, kunnen waterrijke gebieden slechts duurzaam ontwikkeld worden als processen die de metaalmobiliteit beïnvloeden, voldoende gekend zijn en voorspellingen kunnen gemaakt worden omtrent het gedrag van de metalen. In het merendeel van de gevallen kunnen echter verschillende overstromingsregimes, zoals periodieke of permanente overstroming, in beschouwing genomen worden. Dit heeft een impact op de mobiliteit, biobeschikbaarheid en toxiciteit van zware metalen. De mogelijke ontwikkelingsscenario’s bij toepassing van verschillende overstromingsregimes worden dan ook geregeld in vraag gesteld door beleidsbepalende instanties, vooral indien het verontreinigde gebieden betreft. Daarom is een diepgaand inzicht in de processen die de metaalmobiliteit beïnvloeden, noodzakelijk om voorspellingen te kunnen doen omtrent de gevolgen van de verschillende beheersopties op biobeschikbaarheid en toxiciteit van de metalen en op ecosysteemontwikkeling.

    • Doelstellingen

      Dit onderzoek heeft tot doel bij te dragen tot de ontwikkeling van beleidsgerichte modellen, die in staat zijn op eenduidige en transparante wijze vragen rond het ontwerp van waterrijke gebieden en gecontroleerde overstromingsgebieden te beantwoorden. De modellen moeten het mogelijk maken bij het ontwerp van gecontroleerde overstromingsgebieden onder verschillende scenario’s voorspellingen te doen omtrent het gedrag van metalen en de ecosysteemontwikkeling. Ze moeten tevens toelaten te evalueren of en onder welke omstandigheden ecosysteemontwikkeling nog aanvaardbaar zal zijn.

    • Methodologie

      Experimenten zullen opgezet worden om de biogeochemische processen als functie van het overstromingsregime te bestuderen. De invloed van vegetatie op de biogeochemie van de bodem en omgekeerd, de impact van vervuiling op metaalopname, groei en ontwikkeling van planten zal onderzocht worden. Onder de verschillende scenario’s zullen effecten van contaminanten onderzocht worden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van geschikte biomarkers en toxiciteitstesten. Met de resultaten zullen modellen opgesteld worden, die gevalideerd worden met de gegevens van een pilootschaalexperiment te Kruibeke.


    • Interactie tussen de verschillende partners

      Alle partners werken samen bij het ontwerp van proefopstellingen en het verwerken van de gegevens. De projectleiding en - wat de experimentele proefopzet betreft - de coördinatie van bemonstering en analyses zullen uitgevoerd worden door het Labo voor Analytische Chemie en Toegepaste Ecochemie (UGent - Prof. F. Tack). De Onderzoeksgroep Ecosysteembeheer (UA - Prof. P. Meire) coördineert de bemonstering van het pilootschaalproject te Kruibeke. Biogeochemie en biobeschikbaarheid van de metalen wordt bestudeerd aan het Labo voor Analytische Chemie en Toegepaste Ecochemie (UGent - Prof. F. Tack). Effecten van contaminanten op rietplanten en invertebraten worden bestudeerd door de Onderzoeksgroep Ecosysteembeheer (UA - Prof. P. Meire) en het Labo voor Milieutoxicologie en Aquatische Ecologie (Ugent - Prof. C. Janssen).


    • Band internationale programma’s

      Deze studie sluit aan bij andere nationale Europese onderzoeksprojecten (zoals het Nederlandse RIZA-project "Biochem"), die bijdragen tot de ontwikkeling van beleidsgerichte modellen gericht op het beantwoorden van vragen rond het ontwerp van waterrijke gebieden of overstromingsgebieden.


    • Verwachte resultaten en/of producten:

      Dit onderzoek heeft als doelstelling bij te dragen tot de ontwikkeling van beleidsgerichte modellen, die in staat zijn op eenduidige en transparante wijze vragen rond het ontwerp van waterrijke gebieden en gecontroleerde overstromingsgebieden te beantwoorden. Bovendien zullen criteria opgesteld worden om de risico’s in te schatten die voortvloeien uit de keuze van verschillende beleidsopties bij de aanleg van overstromingsgebieden in verontreinigde milieus. De voornaamste toepassingen zijn gesitueerd in de beleidsbepalende en -ondersteunende arena.

      De resultaten zullen gepubliceerd worden in internationale tijdschriften. De verzamelde gegevens, ontworpen modellen en criteria zullen neergeschreven worden in een boek en op CD-rom worden gezet. De resultaten zullen doorgegeven worden aan verschillende nationale en internationale onderzoeksinstituten en beleidsorganen. Tenslotte zal een werkvergadering georganiseerd worden om de problematiek te bespreken met nationale en internationale vertegenwoordigers van verschillende milieugerichte departementen.
  • Tack, F.; Janssen, C.; Meire, P. (2006). Changes in metal biogeochemistry resulting from wetland creation: bioavailability, toxicity and risk "WETMAT": final report. Belgian Science Policy: Brussel. 83 pp., meer