Allereerste Belgische onbemande vaartuig loopt haven van Oostende binnen | Vlaams Instituut voor de Zee
 

Vlaams Instituut voor de Zee

Platform voor marien onderzoek

Allereerste Belgische onbemande vaartuig loopt haven van Oostende binnen

Oostende (2020.12.04) – Vrijdag 20 november 2020 voer de USV ‘Adhemar’ als eerste Belgische onbemande vaartuig de zeehaven van Oostende buiten en binnen. De vaart past in een door het VLIZ opgezette onderzoeksmissie op zee. Met deze prestatie zet het instituut, samen met de overheidspartners FOD Mobiliteit en het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC), een belangrijke nieuwe stap richting de volwaardige operationele inzet van onbemande (onderzoeks)schepen in onze Noordzee.

Persbericht door: VLIZ, EWI, MDK en FOD Mobiliteit

Op 20 november 2020 slaagde de VLIZ USV (‘Uncrewed Surface Vehicle’) Adhemar er als eerste Belgische onbemande vaartuig in om, met de hulp van piloten in een controlecentrum, een commerciële zeehaven buiten en binnen te varen. Deze succesvolle, volledig onbemande onderzoeksmissie vanuit de haven van Oostende kadert in metingen van het onderwatergeluid die bij uitstek met deze stille robot kunnen uitgevoerd worden. Het welslagen ging samen met aanzienlijke verbeteringen van de operationele capaciteit van USV Adhemar, op basis van eerdere proefvaarten. Zo onderging het originele vaartuig (Autonaut USV) een aantal technologische innovaties. De communicatiesnelheid tussen het controlecentrum aan wal en USV Adhemar werd aanzienlijk verhoogd om snel te kunnen reageren op onvoorziene situaties op zee. En de voorstuwing van het platform kreeg een stevige upgrade om vlot te kunnen navigeren in de vaak ruwe Noordzee-condities.

Al klinkt het voor sommigen nog als verre toekomstmuziek, de afgelopen jaren zijn al een handvol proefvaarten met onbemande vaartuigen op onze Noordzee uitgevoerd. Een aantal daarvan kaderden in de opstart van het ‘Marine Robotics Centre’ (MRC) van het VLIZ. In 2019 was er ook de succesvolle overtocht over het Kanaal van een Engels onbemand vaartuig naar Oostende en terug. De USV Adhemar was evenwel het eerste Belgische onbemande platform dat volledig vanuit een controlecentrum een commerciële zeehaven is buiten en binnen gevaren. In analogie met zelfrijdende auto’s, bedenken ingenieurs al een tijd hoe vaartuigen (schepen en robotica-platformen) zonder bemanning in een uitdagende zee-omgeving kunnen functioneren. Op termijn zullen onbemande vaartuigen een aantal taken op zee efficiënter én veiliger doen verlopen. Met het ‘Marine Robotics Centre’, uitgerust met drie volwaardige en hoogtechnologische robots (USV Adhemar, AUV Barabas, ROV Zonnebloem), zet Vlaanderen met het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) sinds 2018 volop in op deze evolutie. Doel is om met roboticaplatformen meer en betere metingen te kunnen verrichten voor mariene onderzoeks- en innovatieprojecten en ten behoeve van grote infrastructuurprojecten (bv. offshore windparken). Ook de recente beleidsverklaring van de nieuwe Minister belast met Noordzee, Vincent Van Quickenborne, noemt de autonome vaart met naam en toenaam. Daarnaast fungeert het ‘Marine Robotics Centre’ als een wegbereider voor onbemande vaart in ons deel van de Noordzee.

In parallel met de VLIZ-proefvaarten met USV Adhemar werken de bevoegde overheden hard aan het wetgevend kader rond de onbemande vaart op zee. De FOD Mobiliteit en het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC) van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) zorgden voor begeleiding en goedkeuring van de USV-testen, dit met het oog op het verzekeren van de maritieme veiligheid. Dit liet toe vertrouwen op te bouwen, en via voldoende veilige tussenstappen toe te werken naar een volledig onbemande missie. Een van de volgende uitdagingen is om, naast de verdere uitbouw van de capaciteit, de regelgeving van onbemande (onderzoeks)schepen uit te bouwen om ook langere missies op zee ‒ met de blijvende inzet tijdens de nacht ‒ mogelijk te maken. In die context zet VLIZ in op het verhogen van de actieradius van de onbemande vaartuigen en op de uitbouw van een controlecentrum aan wal. Voortbouwend op de realisaties met USV Adhemar, is het uiteindelijke doel om met een vloot van onbemande vaartuigen continue (24/7) real-time observaties op zee mogelijk te maken. Deze roboticaplatformen zijn hoogst complementair met het state-of-the-art onderzoeksschip RV Simon Stevin en zullen in de toekomst samen de broodnodige observatiecapaciteit voor onderzoeks- en innovatieprojecten en nieuwe ontwikkelingen op zee kunnen voorzien.

Deze mijlpaal is mee mogelijk gemaakt dankzij de investering van de Vlaamse Regering in het Marine Robotics Centre van het VLIZ.

Vlaams minister van Innovatie, Hilde Crevits: “Vlaanderen investeert in innovatieprojecten op zee omdat onze Blauwe Economie en mariene kennis tot de absolute wereldtop behoren. Onbemande vaartuigen en mariene robotica zullen zeker een sleutelrol spelen in de Blauwe Economie van de toekomst. Het Marine Robotics Centre van VLIZ in Oostende neemt volop de pioniersrol op en zet samen met zijn partners belangrijke stappen naar de operationele inzet van onbemande vaartuigen op zee. Vandaag bewijzen we met het eerste Belgische onbemande vaartuig dat de haven van Oostende buiten en binnen is gevaren dat onze innovatieve projecten tot concrete resultaten leiden.”

Vice-eersteminister en minister van Noordzee, Vincent Van Quickenborne: “Opnieuw is onze Noordzee het schouwtoneel voor innovatieve projecten. Verschillende Belgische bedrijven investeren in deze technologie. Deze test heeft een ad hoc toelating gekregen. Maar het is belangrijk dat er hiervoor een permanent wettelijk kader komt die onze pioniersrol een extra boost kan geven. Dat wil ik voor de zomer van 2021 uitwerken en zo een gelijk speelveld creëren voor deze innovatie industrie.”

Beeldmateriaal:

Perscontacten: