Een monitoringsysteem voor de Spuikom

Het Vlaams Instituut voor de Zee werd gevraagd een monitoringsysteem op te stellen voor de waterkwaliteit van de spuikom. Het VLIZ werkte een voorstel uit om zowel in de havengeul als op twee verschillende plaatsen in de Spuikom een reeks meetinstrumenten op te stellen. De infrastructuur voor en de aankoop van het volledige systeem werd gedragen worden door de Maritieme Dienstverlening en Kust, Afdeling Kust, op advies van het VLIZ.

1. Noden continue registratie van parameters

In de eerste plaats wordt de waterkwaliteit van de spuikom opgevolgd in functie van de aquacultuur activiteiten. De spuikom heeft als enige water in BelgiŰ de status van schelpdierwater en de normen voor de nodige waterkwaliteit moeten hiervoor worden gehaald.

Tijdens warme zomerdagen kan de temperatuur van het ondiepe Spuikom water te hoog oplopen voor schelpdieren. Een te hoge temperatuur kan een verversing van het water met het koelere zee/haven water nodig maken. Het zoutgehalte (saliniteit) van de Spuikom is licht 'hypersalien'. Tijdens warme en droge zomerdagen kan het zoutgehalte te sterk stijgen, terwijl het te brak kan worden tijdens periodes van hevige regenval (overstorten langs wijk Opex) Het aanwezige plankton dient als voedsel voor de schelpdieren. De hoeveelheid plankton kan gemeten worden door de concentraties Chlorofyl te bepalen. Het plankton kan tijdens warmere periodes sterk gaan bloeien of tijdens sterke en plotse verlagingen van de saliniteit afsterven.

Concentraties nitraten en fosfaten (nutriŰnten) zullen in sterke mate bepalen of planktonbloei zal kunnen optreden.

Het zuurstofgehalte (opgeloste zuurstof in het water) mag niet beneden een grenswaarde vallen waaronder schelpdieren dreigen te sterven. Het zuurstofgehalte van het water wordt be´nvloed door de hoeveelheid plankton en wieren (zeesla) die in het water aanwezig zijn. Bij sterke bloei zal het zuurstofgehalte tijdens de dag sterk kunnen dalen. Ook de temperatuur speelt hier een rol. Hoe warmer het water, hoe lager de hoeveelheid opgeloste zuurstof wordt.

Turbiditeit of troebelheid van het water (hoeveelheid zwevende stof) kan de planktonproductie verhinderen en de filtercapaciteiten van de schelpdieren be´nvloeden.

Lichtsterkte onder water (PAR - Photosynthetisch Actieve Radiatie) wordt bepaald door de troebelheid van het water en bepaalt de mate waarin het plankton kan groeien.

Elk van deze factoren zal door weersomstandigheden worden be´nvloed. Een weersstation zou de volgende parameters moeten registreren : luchttemperatuur, -druk en -vochtigheid, windsnelheid en - richting, lichtintensiteit en neerslag

De watersportverenigingen kunnen gebruik maken van de meteometingen maar zijn zeker ook vragende partij om toezicht te houden op algemene waterkwaliteit waarbij temperatuur, troebelheid en zuurstofgehalte belangrijk zullen zijn. Ook de waterhoogte tov een bepaald grondvlak (GLLWS of TAW) moet eveneens worden geregistreerd om het waterpeil van de spuikom te kennen.

Voor de peilbeheersing zijn gegevens over waterhoogtes zowel binnen als buiten de spuikom trouwens belangrijk. Het peil buiten de haven zal aangeven of spuien of inlaten mogelijk wordt en tevens informatie geven over de getijden.

2. Te meten parameters

Meteorologie
Windsnelheid (m/s)
Windrichting (graden)
Luchttemperatuur (░Celsius)
Relatieve luchtvochtigheid (%)
Luchtdruk (atm)
Neerslag (mm/h - mm/dag)
PAR - Photosynthetische Actieve Radiatie (micro-einstein/m▓/s)

Waterkwaliteit
Watertemperatuur (░Celsius)
Conductiviteit (Siemens/m)
Diepte (decibar) : dieptesensor moet gewaterpast worden tov. GLLWS
Concentratie Opgeloste zuurstof (mg/l)
Concentratie Chlorophyll-a (fluorescentie meting)
Turbiditeit (Optical Back Scattering) (Laser Reflectie Meting)
NutriŰnten = Nitraat (NO3) & Fosfaat (PO4)
PAR - Photosynthetische Actieve Radiatie (micro-einstein/m▓/s)

Afgeleide parameters
Zuurstof verzadigingsgraad (temperatuursafhankelijk) %
Saliniteit of zoutgehalte (functie van conductiviteit en temperatuur)

3. Locaties

Er zijn verschillende locaties waar er metingen gebeurden in en rond de Spuikom. De locatie in de haven moet het getij meten (waterhoogte tov TAW) en informatie leveren over de waterkwaliteit. Een paal waarop de sensoren zijn aangebracht moet op een goed gekozen plaats in de havengeul worden aangebracht. Een tweede meetpunt, eveneens een paal bevindt zicht ter hoogte van de sluizen bevinden. Dit meetpunt registreert echter een beperkt aantal waterparameters.

Een tweede meetpunt, eveneens een paal bevindt zicht ter hoogte van de sluizen bevinden. Dit meetpunt registreert echter een beperkt aantal waterparameters.

Samenvattende tabel meetpunten

SensorenLocatie
  Havengeul Paal Sluizen Paal Kom Driepoot VLIZ
WaterKwaliteit       
CTD
Conductiviteit,Temperatuur,Diepte
* * * 
Zuurstof * * * 
Turbiditeit * * * 
Nutrienten *  * 
Chlorophyl    * 
PAR    * 
 
Meteostation + PAR    * 
Datalogger * * * 
Radio link * * * *
Acquisitiecomputer      *
Extra sensoren 1 CTD + OBS en 1 O2 sensor

4. Data acquisitie en beschikbaarheid.

Gegevens van de verschillende sensoren zullen worden opgeslagen en indien nodig uitgemiddeld door 'dataloggers' en dan naar de acquisitie computer gestuurd via radio link. De acquisitiecomputer zal de ontvangen data registreren in een databank. De verzamelde gegevens zullen openbaar worden gemaakt aan alle ge´nteresseerde partijen via de webpagina's van het VLIZ. De meetfrequentie van de verschillende sensoren zou normaal twee keer de frequentie moeten bedragen van de optredende veranderingen die moeten worden gevolgd. Aangezien we werken met vaste sensoren zal de snelheid waarmee veranderingen optreden binnen de grootteorde van minuten liggen. Een interval van 10 minuten lijkt ons in de aanvangsfase meer dan voldoende. De frequentie waarmee de databank en dus de webpagina's zullen worden aangevuld met nieuwe gegevens zal dus in dezelfde grootteorden liggen. De vertraging tussen de meting en de aanpassing op het web zal dus 20 minuten bedragen.

Webmaster | © Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK)