VLAAMS INSTITUUT VOOR DE ZEE
PLATFORM VOOR MARIEN ONDERZOEK


Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen


Knotszakpijp: verschil tussen versies

Uit Kust Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken
(<span style="color:#00787A">Wijze van introductie</span>)
(<span style="color:#00787A">Wijze van introductie</span>)
Regel 66: Regel 66:
 
- Hij kan als een volwassen zakpijp zich aan de wanden van schepen vasthechten. Hoogstwaarschijnlijk werd hij op deze wijze accidenteel door militaire slagschepen Engeland binnengebracht wanneer deze - na het eindigen van de oorlog in Korea in 1951 - terugkeerden naar het thuisfront [2]<ref name=two> </ref>.  
 
- Hij kan als een volwassen zakpijp zich aan de wanden van schepen vasthechten. Hoogstwaarschijnlijk werd hij op deze wijze accidenteel door militaire slagschepen Engeland binnengebracht wanneer deze - na het eindigen van de oorlog in Korea in 1951 - terugkeerden naar het thuisfront [2]<ref name=two> </ref>.  
 
Als jonge zakpijpen die zich hebben vastgehecht op oesterzaad of de schelpen van oesters die in nieuwe kweekgronden worden uitgezet. Op deze wijze kwam de zakpijp in vele havens in Bretagne (Frankrijk) en in Nederland terecht. [16, 10]<ref name=sixteen> </ref><ref name=ten> </ref>. De oesters en het oesterzaad voor nieuwe oesterbedden kwamen zowel uit Japan als uit andere Europese oesterbedden [10]<ref name=ten> </ref>.  
 
Als jonge zakpijpen die zich hebben vastgehecht op oesterzaad of de schelpen van oesters die in nieuwe kweekgronden worden uitgezet. Op deze wijze kwam de zakpijp in vele havens in Bretagne (Frankrijk) en in Nederland terecht. [16, 10]<ref name=sixteen> </ref><ref name=ten> </ref>. De oesters en het oesterzaad voor nieuwe oesterbedden kwamen zowel uit Japan als uit andere Europese oesterbedden [10]<ref name=ten> </ref>.  
- De laven van de knotszakpijp kunnen eveneens korte afstanden overbruggen als verstekelingen in het ballastwater van schepen [16]<ref name=sixteeen> </ref>.
+
- De laven van de knotszakpijp kunnen eveneens korte afstanden overbruggen als verstekelingen in het ballastwater van schepen [16]<ref name=sixteen> </ref>.
  
 
Natuurlijke verspreiding is vrij beperkt. De larven kunnen meegevoerd worden met de getijden en stromingen, maar moeten zich binnen 27 uur kunnen vestigen [16]<ref name=sixteen> </ref>. Deze exoot werd dus de wereld rondgedragen door intercontinentale scheepvaart en oestertransfers.  
 
Natuurlijke verspreiding is vrij beperkt. De larven kunnen meegevoerd worden met de getijden en stromingen, maar moeten zich binnen 27 uur kunnen vestigen [16]<ref name=sixteen> </ref>. Deze exoot werd dus de wereld rondgedragen door intercontinentale scheepvaart en oestertransfers.  

Versie van 28 sep 2011 om 12:26

Category:Revision


Knotszakpijp

Oorspronkelijk leefde de knotszakpijp Styela clava enkel langs Aziatische kusten. Transport via vasthechting op oorlogsschepen bracht de soort naar Europa, waar ze voor het eerst opgemerkt werd in Engeland omstreeks 1953. In 1986 werd een eerste exemplaar gevonden aan onze kust, op een strandhoofd in Knokke-Heist. Nu is de soort gekend in de Spuikom van Oostende en in alle (jacht)havens van onze kust, behalve in Nieuwpoort. De knotszakpijp komt meestal voor langs beschutte kusten, tot op een diepte van 40 meter. De soort heeft een groot aanpassingsvermogen en kan sterke wijzigingen in temperatuur en zoutgehalte verdragen.


Foto: NAAM



Wetenschappelijke naam

Styela clava Herdmann, 1881


Oorspronkelijke verspreiding

Oorspronkelijk leefde de knotszakpijp Styela clava enkel in de ondiepe delen van de Okhotsk zee (Siberië), de Japanse zee, langs de kusten van Japan en Korea en tussen het uiterste noorden van China en de havenstad Shangai [1,2][1][2].


Eerste waarneming in België

De eerste Belgische waarneming van de knotszakpijp - ook wel Japanse zakpijp genoemd - gebeurde op 19 augustus 1986. Het betrof een geïsoleerd levend exemplaar op een strandhoofd langs het Albertstrand in Knokke-Heist [3][3].


Verspreiding in België

Op de oostelijke strekdam van Zeebrugge werden in januari 1987 op twee betonnen blokken niet minder dan 217 exemplaren aangetroffen [4][4]. Nu is de soort gekend in de Spuikom van Oostende en in alle (jacht)havens van onze kust, behalve in Nieuwpoort [5,6][5][6].


Verspreiding in onze buurlanden

De eerste waarneming van de knotszakpijp in Europa gebeurde in Plymouth (Zuid-Engeland) tijdens de zomer van 1953. Hij werd toen in 1954 als een nieuwe soort met de naam Styela mammiculata beschreven [7, 8, 9, 10][7][8][9][10]. Men vermoedt dat de introductie al in 1952 gebeurde, maar onopgemerkt bleef tot het daaropvolgende jaar [2][2]. De uitbreiding over de Engelse zuid- en westkust verliep heel snel: van Plymouth via de wateren van Southampton tot in de haven van Milford in Wales (1959). Waarschijnlijk is de knotszakpijp het Kanaal rond 1968 overgestoken, gezien de soort in dat jaar bij Dieppe in Frankrijk werd waargenomen [10, 11][10][11].

Ook in Nederland is het een frequent aanwezige soort geworden in vrijwel alle zoute wateren. De knotszakpijp werd er voor het eerst waargenomen in 1974 in Den Helder [12][12]. Al enkele maanden later kwamen er waarnemingen vanuit de jachthaven van Texel en uit de Oosterschelde [13][13].

Vandaag is deze zakpijp langs de gehele Europese Atlantische kust, van Portugal tot Noorwegen, te vinden [14][14]. In 2005 werd hij ook in een Frans bassin in het Middellandse Zeegebied waargenomen [15][15].


Wijze van introductie

De knotszakpijp kan op verschillende manieren in een nieuw gebied geïntroduceerd worden [16][16]. - Hij kan als een volwassen zakpijp zich aan de wanden van schepen vasthechten. Hoogstwaarschijnlijk werd hij op deze wijze accidenteel door militaire slagschepen Engeland binnengebracht wanneer deze - na het eindigen van de oorlog in Korea in 1951 - terugkeerden naar het thuisfront [2][2]. Als jonge zakpijpen die zich hebben vastgehecht op oesterzaad of de schelpen van oesters die in nieuwe kweekgronden worden uitgezet. Op deze wijze kwam de zakpijp in vele havens in Bretagne (Frankrijk) en in Nederland terecht. [16, 10][16][10]. De oesters en het oesterzaad voor nieuwe oesterbedden kwamen zowel uit Japan als uit andere Europese oesterbedden [10][10]. - De laven van de knotszakpijp kunnen eveneens korte afstanden overbruggen als verstekelingen in het ballastwater van schepen [16][16].

Natuurlijke verspreiding is vrij beperkt. De larven kunnen meegevoerd worden met de getijden en stromingen, maar moeten zich binnen 27 uur kunnen vestigen [16][16]. Deze exoot werd dus de wereld rondgedragen door intercontinentale scheepvaart en oestertransfers.

Locale verspreiding tussen jachthavens kan mogelijk verzorgd worden door de aanhechting van de zakpijpen aan jachten en zeilschepen [16][16].

Het is onbekend op welke wijze de knotszakpijp in 1987 in Zeebrugge terecht gekomen is.


Redenen waarom deze soort zo succesrijk is in onze contreien

TEKST


Factoren die de verspreiding beïnvloeden

TEKST


Effecten of potentiële effecten en maatregelen

TEKST


Specifieke kenmerken

TEKST


Weetjes

TITEL

TEKST


Geraadpleegde bronnen

  1. Millar, R.H. (1960). The identity of the ascidians Styela mammiculata Carlisle and S. clava Herdman. J. Mar. Biol. Ass. U.K. 39(3): 509-511. details
  2. 2,0 2,1 2,2 Eno, N.C.; Clark, R.A.; Sanderson, W.G. (Ed.). (1997). Non-native marine species in British waters: a review and directory. Joint Nature Conservation Committee: Peterborough, UK. ISBN 1-86107-442-5. 152 pp. details
  3. d'Udekem d'Acoz, C. (1986). Etude sur la faune de Knokke-Heist: 3. Présence de tyela clava Herdman, 1882 en Belgique. De Strandvlo 6(4): 83. details
  4. Dumoulin, E. (1987). Nieuwe waarnemingen van de Knotszakpijp Styela clava langs de Belgische Oostkust. De Strandvlo 7(2): 61-62. details
  5. Eneman, E. (1995). Knotszakpijp of Japanse zakpijp Styela clava (Herdman, 1882) in de Spuikom van Oostende. De Strandvlo 15(3): 113. details
  6. Persoonlijke mededeling Hans de Blauwe
  7. Carlisle DB (1954) Styela mammiculata, a new species of ascidian from the Plymouth area. J mar boil Ass UK 33:329-334. details
  8. Coughlan, J. (1969). The leathery sea squirt – a new ascidian from Milford haven. Nature in Wales 11: 192-193. details
  9. Buizer, D.A.G. (1980). Explosive development of Styela clava Herdman, 1882, in The Netherlands after its introduction (Tunicata Ascidiacea). Bull. Zoöl. Mus., Univ. Amsterdam 7: 181-185. details
  10. 10,0 10,1 10,2 10,3 Lützen, J. (Ed.) (1999). Styela clava Herdman (Urochordata, Ascidiacea), a successful immigrant to North West Europe: ecology, propagation and chronology of spread Helgol. Meeresunters. 52(3-4): 383-391. details
  11. Minchin, D. & Duggan, C.B., (1988). The distribution of the exotic ascidian, Styela clava Herdman, in Cork Harbour. Irish Naturalists’ Journal, 22: 388-393. details
  12. Huwae, P. (1974). Styela clava Herdmann, 1882, nieuw voor Nederland. Het Zeepaard 34(2): 28-29. details
  13. Westerwil, H. (1975). Styela clava Herdmann, 1882 nu ook in Zeeland. Het Zeepaard 35(6): 99. details
  14. ] Minchin, D. (2009). Styela clava Herdman, Asian sea-squirt (Styelidae, Ascidiacea), in: DAISIE (Delivering Alien Invasive Species Inventories for Europe) et al. (2009). Handbook of alien species in Europe. Invading Nature - Springer Series in Invasion Ecology, 3: pp. 298. detailshttp://www.europe-aliens.org/pdf/Styela_clava.pdf
  15. Davis, M.H.; Davis, M.E. (2008). First record of Styela clava (Tunicata, Ascidiacea) in the Mediterranean region Aquat. Invasions 3(2): 125-132. details
  16. 16,0 16,1 16,2 16,3 16,4 Davis, M.H.; Lützen, J.; Davis, M.E. (2007). The spread of Styela clava Herdman, 1882 (Tunicata, Ascidiacea) in European waters Aquat. Invasions 2(4): 378-390. details