|
|
Bloemdieren zijn alleen levende (solitaire) of kolonievormende neteldieren, waarbij het vrijlevende kwalstadium ontbreekt. Deze groep omvat zowel zee-anemonen als koralen en zeeveren. Binnen de bloemdieren kan men twee groepen onderscheiden: de zes-straligen (Hexacorallia) met eenvoudige tentakels in een meervoud van zes, en de acht-straligen (Octocorallia) met acht vertakte tentakels. De opvallend gekleurde vangarmen van bloemdieren zijn bezet met netelcellen die ze gebruiken om prooidieren te verdoven en dan naar hun mond te brengen. Ze kunnen zich ook voeden met plankton of andere kleine deeltjes die zich in het water bevinden.
Naamsverklaring:
Anthos = bloem (Grieks)
Zoön = dier (Grieks)
|
 |
Soorten (19):
- dodemansduim · Alcyonium digitatum Linnaeus, 1758
- golfbrekeranemoon · Diadumene cincta Stephenson, 1925
- gouden sterkoraal · Balanophyllia (Balanophyllia) regia Gosse, 1853
- groene golfbrekeranemoon · Diadumene lineata (Verrill, 1869)
- heremietzeeanemoon · Calliactis parasitica (Couch, 1842)
- paardenanemoon · Actinia equina (Linnaeus, 1758)
- sierlijke slibanemoon · Sagartia elegans (Dalyell, 1848)
- slibanemoon · Sagartia troglodytes (Price in Johnston, 1847)
- viltkokeranemoon · Cerianthus lloydii Gosse, 1859
- weduweroos · Sagartiogeton undatus (Müller, 1778)
- weduweroosje · Actinothoe sphyrodeta (Gosse, 1858)
- zeeanjelier · Metridium senile (Linnaeus, 1761)
- zeedahlia · Urticina felina (Linnaeus, 1761)
- zonneroos · Cereus pedunculatus (Pennant, 1777)
- Actinia candida Müller, 1776
- Edwardsia timida Quatrefages, 1842
- Hormathia digitata (O.F. Müller, 1776)
- Sagartiogeton laceratus (Dalyell, 1848)
- Stomphia coccinea (Müller, 1776)
[Back]
|
|
|