Wie vandaag door de imposante ruïnes van de Duinenabdij in Koksijde wandelt, ziet vooral stenen. Maar achter die muren schuilt een verrassend verhaal over de zee, visserij, handel, en uitwisseling van goederen en ideeën. De nieuwe tentoonstelling De Duinenabdij en de zee laat zien hoe de zee niet alleen een bedreiging vormde, maar ook de motor was achter het succes van een van de grootste cisterciënzerabdijen van Vlaanderen. De expo loopt nog tot en met 3 januari.
Een gigantische abdij bouwen midden in een ruig duinlandschap, vlak bij de zee. Het klinkt als een onmogelijke opdracht. Toch groeide de Duinenabdij vanaf de 12de eeuw uit tot een van de machtigste abdijen van het graafschap Vlaanderen.
De nieuwe tentoonstelling De Duinenabdij en de zee in het Abdijmuseum Ten Duinen vertelt een verhaal over mensen die leerden leven mét de natuur, in plaats van ertegen te vechten. Een verhaal over veerkracht, aanpassingsvermogen en slim gebruikmaken van de kansen die een dynamisch kustlandschap biedt.
Het begint allemaal bij de kluizenaar Ligerius, die zich in de 12de eeuw terugtrekt in de duinen tussen Veurne en de zee. Zijn eenvoudige leven spreekt anderen aan. Wat start als een kleine gemeenschap groeit in enkele generaties uit tot een bloeiende abdij die meer dan zeven eeuwen haar stempel drukt op de Vlaamse kust.
Van vijand naar bondgenoot
Leven aan de kust was allesbehalve vanzelfsprekend. Stormvloeden, stuivend zand en zout water maakten het bestaan hard. Toch zagen de monniken de zee niet alleen als een bedreiging. Integendeel.
De zee voedde de gemeenschap met vis, oesters en kokkels, maar bracht ook verbinding. Via de Noordzee onderhield de abdij handelscontacten met onder meer de Engelse kust. Ze beschikte zelfs over een eigen vloot. Goederen, kennis en ideeën vonden zo hun weg naar Koksijde, waardoor de abdij uitgroeide tot een welvarende en invloedrijke gemeenschap. Dat succes was soms zo groot dat het algemene kapittel van de cisterciënzerorde de monniken moest herinneren dat hun schepen bedoeld waren voor eigen gebruik, niet voor commerciële handel.
De zee zit overal
De tentoonstelling toont hoe diep de zee verweven was met het dagelijkse leven van de abdij. Niet alleen op het menu, maar ook in de architectuur en kunst.
Bezoekers ontdekken onder meer vloertegels met vismotieven, schelpen verwerkt in bakstenen en decoratieve voorwerpen met maritieme verwijzingen. Zelfs het embleem van de abdij draagt een dolfijn. Zo wordt duidelijk dat de zee veel meer was dan een achtergronddecor: ze maakte deel uit van de identiteit van de abdij.
Meer dan een klassieke museumexpo
De tentoonstelling combineert archeologische topstukken uit de collectie van het Abdijmuseum met bruiklenen van andere instellingen. Illustraties van Arnold Hovart brengen het middeleeuwse kustleven tot leven, terwijl LEGO®-creaties van Little Brickroom jongere bezoekers op een verrassende manier meenemen in het verhaal. Daarnaast voorziet het museum een uitgebreid randprogramma met rondleidingen, familieactiviteiten, en later in het najaar lezingen over onder meer middeleeuwse visserij, visconsumptie en walvisvangst.
Voor wie geïnteresseerd is in de geschiedenis van onze kust, is deze expo een mooie aanvulling op een wandeling langs de abdijsite. Plots krijgen de ruïnes een nieuwe betekenis. Je kijkt niet langer naar oude muren, maar naar de stille getuigen van eeuwen samenleven met de zee.
De Duinenabdij en de zee loopt nog tot en met 3 januari 2027. De tentoonstelling is inbegrepen in het museumticket.