IMIS | Flanders Marine Institute
 

Flanders Marine Institute

Platform for marine research

IMIS

Publications | Institutes | Persons | Datasets | Projects | Maps
[ report an error in this record ] Printer-friendly version

Modderoverlast, sedimentatie in wachtbekkens en begroting van de sedimentexport naar waterlopen in Midden-België

More:  Institute 
Dutch title: Modderoverlast, sedimentatie in wachtbekkens en begroting van de sedimentexport naar waterlopen in Midden-België
Period: 1996 till 2000
Status: Completed

Thesaurus terms: Hydrodynamics; Sediment transport; Water management

Institute  Top 
  • Katholieke Universiteit Leuven; Departement Aard- en Omgevingswetenschappen; Afdeling Fysische en regionale geografie, more

Abstract:
Bodemerosie door water op hellende akkerpercelen is een bron van meerdere milieuproblemen in Midden-België. Niet minder dan 53 gemeenten in zuidelijk Vlaanderen hebben, na lokale maar intense regenbuien, te kampen met modderrijke overstromingen, vaak zelfs meerdere malen per jaar. Het voorkomen van modderoverlast wordt in sterke mate bepaald door de intensiteit van de regenbui, de kwetsbaarheid van het landschap voor afvoer en erosie én de kwetsbaarheid van woningen en wegen voor afvoer. Bodemerosie is ook verantwoordelijk voor een hoge sedimentlast in waterlopen, waardoor rivierbeddingen en voornamelijk wachtbekkens snel dichtslibben. Wegens de verstrengde wetgeving in Vlaanderen (VLAREBO en VLAREA) wordt het ruimen van waterbodems én wachtbekkens een zeer dure aangelegenheid. Een betere begroting van de jaarlijkse sedimenttoevoer
naar waterlopen is echter een vereiste alvorens men een beleid kan uitvoeren dat de sedimentlast moet beperken. Op basis van sedimentvolumes in wachtbekkens werden in deze studie gegevens verzameld over de jaarlijkse sedimenttoevoer.

Ingemeten sedimentvolumes dienden daarbij omgezet naar sedimentmassa’s op basis van representatieve waarden voor het droog volumegewicht (dVG). Metingen van het dVG toonden aan dat dit dVG sterk kan variëren (0,8 tot 1,35 ton/m³) en niet goed kan voorspeld worden op basis van bestaande methodes in de literatuur. Vooral de hydrologische toestand en, in mindere mate, de textuur van het sediment spelen een belangrijke rol in de waarde van het dVG. De sedimentmassa’s dienden ook aangepast te worden voor de sediment-vangefficiëntie van het wachtbekken (VEs). Bestaande empirische en theoretische modellen bleken niet geschikt om de VEs voor wachtbekkens in Midden-België te begroten. Een zelf ontwikkeld theoretisch model (STEP) biedt wél de mogelijkheid om de gemiddelde VEs voor langere perioden te voorspellen. Voor wachtbekkens in Midden-België kan de VEs variëren van 10% tot 80%. Voor stroomgebieden van 7 tot 4.970 ha groot varieert de sedimentexport van
50 tot 4.400 ton/jaar. Een meervoudig regressiemodel kon worden opgesteld dat voor kleine tot middelgrote stroomgebieden (< 50 km²) de jaarlijkse sedimentexport ka stroomgebiedsparameters: maximaal hoogteverschil, grootste horizontale afstand en hypsometrische integraal. Dit model kan 83% van de waargenomen variatie in
sedimentexport verklaren (n=26). Een voorgesteld geïntegreerd land- en waterbeheer, in samenwerking met ruimtelijke ordening, zou een ingrijpende bijdrage kunnen leveren tot een reductie van de sedimentlast in waterlopen, het verminderen van de impact van modderoverlast en het beperken van de financiële kosten die gepaard gaan met het ruimen en bergen van vervuild rivierslib.

All data in IMIS is subject to the VLIZ privacy policy Top | Institute